Opstandelingen in Tsjaad drijven het leger terug

N'DJAMENA, 30 nov. - Tsjadische opstandelingen onder leiding van Idriss Deby hebben gisteravond zonder slag of stoot de stad Abeche in het centrum van Tsjaad ingenomen.

De regeringstroepen hebben zich teruggetrokken op Oum Hadjer, honderd kilometer ten westen van Abeche.

De goed uitgeruste en getrainde opstandelingen zijn hun offensief op 10 november begonnen vanaf de grens met Soedan. 'Het offensief van de opstandelingen heeft een omvangrijk karakter en de regeringstroepen ondervinden grote moeilijkheden', aldus een woordvoerder van het Franse ministerie van defensie in Parijs. De Franse minister van defensie, Jean-Pierre Chevenement, heeft gezegd dat hij het verzoek van de regering van Tsjaad om meer wapens te sturen in overweging heeft genomen. Gisteren besloot Parijs al 150 extra militairen van het vreemdelingenlegioen te sturen. Ze vertrokken gisteren vanaf de basis Solenzara op Corsica. De vijfhonderd Franse militairen in Abeche zijn niet bij de strijd betrokken en zouden zich op hun basis hebben teruggetrokken, aldus het Franse ministerie van buitenlandse zaken.

Deby is een vroegere strijdmakker van president Hissene Habre. Habre vertrok vorige week uit de hoofdstad naar het oorlogsfront om zelf de leiding te nemen van de strijd tegen Deby.

Libie heeft inmiddels Amerikaanse beschuldigingen tegengesproken dat het betrokken is bij de activiteiten van Deby. Een woordvoerder van het Libische ministerie van buitenlandse zaken verklaarde dat zijn ministerie 'de beschuldigingen categorisch verwerpt' en dat zijn land 'direct noch indirect iets te maken heeft met het tribale conflict dat aan de gang is in Tsjaad'. Volgens de Amerikaanse inlichtingendienst hebben de Libiers een gedeeltelijke mobilisatie afgekondigd in verband met de oplaaiende strijd in het buurland.

Libie en Tsjaad ondertekenden vorig jaar een verdrag, waardoor een einde kwam aan een al jarenlang slepend grensconflict tussen de twee landen. Onderhandelingen over een vredesverdrag werden eerder deze maand afgebroken, nadat Tsjaad Libie ervan had beschuldigd steun te geven aan 'gewapende islamitische huurlingen die erop uit zijn de regering ten val te brengen'.

Gisteravond verklaarde minister Chevenement nog dat Frankrijk niet van plan is een militaire interventie in Tsjaad uit te voeren. Ook zei hij geen aanwijzingen te hebben voor een Libische aanval op Tsjaad, al sloot hij de mogelijkheid niet uit dat de opstandelingen zijn uitgerust met Libische wapens. Hij deed de strijd af als een intern conflict: 'Het Franse leger komt niet tussenbeide om regeringen te verdedigen.' Tot dusver bevonden zich totaal 1.200 Franse militairen in Tsjaad, aan wie nu dus 120 parachutisten van het vreemdelingenlegioen zijn toegevoegd.

De autoriteiten in N'Djamena verdenken de Fransen er overigens van een dubbel spel te spelen door enerzijds beperkte militaire steun te geven aan president Habre maar tegelijk ook 'de kaart van de rebellen' te spelen. Idriss Deby zou namelijk verscheidene malen discreet ontvangen zijn op de ambassade van Frankrijk in de Soedanese hoofdstad Khartoum.