Golfcrisis geschenk uit de hemel voor Ethiopie

ADDIS ABEBA, 30 nov. - De Ethiopische leider Mengistu Haile Mariam schudt de Saoedische afgezant Abdullah Omar Elmarif, secretaris-generaal van de Moslim World League, warm de hand. Mengistu prijst de diepgravende, historische, dierbare banden tussen Ethiopie en de Arabische wereld en spreekt de hoop uit dat de relaties met Saoedi-Arabie hechter zullen worden.

'Hij haat Arabieren', zegt een Westerse diplomaat in Addis Abeba, die Mengistu regelmatig spreekt. In een vraaggesprek met NRC Handelsblad veroordeelde Mengistu enkele jaren geleden de guerrillabewegingen in zijn land als 'Arabische oliedollar-bandieten'. Hij sprak toen over de eeuwenoude pogingen van de Arabieren de Ethiopische hooglanden binnen te dringen, waarvoor de Arabieren de rebellenbewegingen in Eritrea en Tigray zouden inzetten. Kortom, de traditionele vijand van de christelijke Ethiopiers in de hooglanden waren de Arabieren uit de woestijn.

De Golfcrisis kwam als een geschenk uit de hemel voor de belegerde Mengistu, die, verstoken van hulp van zijn voormalige Sovjet-bondgenoot, een serie vernederende tegenslagen op het slagveld in Eritrea en Tigray had geleden. De Ethiopische leider had tot dan tevergeefs geprobeerd goede relaties aan te gaan met Washington. Maar de Amerikanen waren zich bewust van zijn kwetsbaarheid en verkozen daarom eerst zijn val af te wachten. De invasie van Irak in Koeweit veranderde in een slag de strategie van de Amerikanen en de gematigde Arabische landen in de Hoorn van Afrika.

De Amerikaanse onderminister van buitenlandse zaken voor Afrika, Herman Cohen, bezocht eerder deze maand Addis Abeba om Mengistu te bedanken voor diens stellingname in de Golfcrisis. Hoge Ethiopische leiders, onder wie Mengistu, bezoeken sinds kort Arabische hoofdsteden waar zij vroeger niet welkom waren. Israel was al eerder een gewaardeerde bondgenoot geworden.

Guerrillabewegingen

Het Tigrayse Volksbevrijdingsleger (TPLF) en vooral het Eritrese Volksbevrijdingsleger (EPLF) hebben jarenlang aanzienlijke steun ontvangen van Saoedi-Arabie, maar bovenal van Koeweit en Irak. Het EPLF, dat van deze hulp afhankelijk is geraakt, achtte het verstandig om de Iraakse invasie van Koeweit te verwelkomen. Het bood naar verluidt zelfs aan guerrillastrijders te sturen voor het Iraakse leger. Woedende Saoedische en Koeweitse leiders zetten daarop onmiddellijk alle steun stop aan het Ethiopische verzet. Een Koeweitse delegatie trok naar Addis Abeba om uit te leggen dat de langdurige steun aan het EPLF op een misverstand had berust.

Het spectaculaire offensief van het EPLF eerder dit jaar, dat de guerrillastrijders tot aan de Eritrese provinciehoofdplaats Asmara bracht, lijkt inmiddels uitgeblust. Onbevestigde berichten spreken over geslaagde infiltratie door regeringsmilities in EPLF-gebied. Hoewel EPLF en TPLF op het slagveld nog immer de overhand hebben, zijn zij op internationaal diplomatiek niveau geisoleerd geraakt als gevolg van de Golfcrisis.

Mengistu op zijn beurt veroordeelde de Iraakse agressie scherp. Zijn beloning liet niet lang op zich wachten. De Saoediers zouden inmiddels goedkope olie leveren als alternatief voor de dure Sovjet-brandstof. Ethiopie is een van de heel weinige niet-olieproducerende landen in Afrika waar de olieprijs voor de consument na de Golfcrisis niet is verhoogd.

Mengistu heeft onlangs, zo vertelt een Westerse diplomaat, de Amerikanen zelfs militaire bases aangeboden in Ethiopie. Wettelijke restricties van het Amerikaanse Congres maken het echter onmogelijk voor Washington om de voormalige vijand Mengistu plotsklaps als vriend aan boord te nemen.

Amerika heeft inmiddels wel hulp aangeboden om het onderhandelingsproces tussen regering en het EPLF weer op gang te helpen. Bovendien zou Washington een goed woordje voor Ethiopie kunnen doen bij het IMF en de Wereldbank, waar het tot nu toe grootschalige leningen aan Ethiopie tegenwerkte. Ten slotte zou het door een achterdeur, door middel van Israel, Mengistu kunnen belonen met militaire expertise.

Soedan

Aan Ethiopies westelijke grens, op de hete vlakten van Soedan, had de Golfcrisis een al even ingrijpend effect. Het sterk islamitisch georienteerde regime van Omar el-Beshir beloonde Irak voor zijn militaire hulp tegen het Soedanese Volksbevrijdingsleger (SPLA) en verklaarde zich solidair met de invasie van Koeweit. Het SPLA, dat vecht in het zwarte, niet-islamitische zuiden, bood daarop aan guerrillastrijders te sturen voor de Amerikaans-Arabische strijdmacht tegen Irak.

Soedans traditionele bondgenoten en geldschieters Saoedi-Arabie, Egypte, Groot-Brittannie en Amerika reageerden verontwaardigd op Beshirs stellingname in de Golf en verminderden hun hulpprogramma's in Soedan aanzienlijk. (Nederland is nu Soedans grootste donor). Alle tekenen wijzen erop dat het Westen en de gematigde Arabische staten Beshir in de tang willen nemen om zo mogelijk nog voor een eventuele militaire confrontatie in de Golf zijn regime ten val te brengen. Mengistu kan daar alleen maar profijt van trekken. Het Ethiopische verzet gebruikt Oost-Soedan als achterland in de strijd en als aanvoerroute voor militaire en humanitaire goederen naar 'bevrijd gebied'.

Het Westen staat voor een dilemma in Ethiopie. Jarenlang sloot het Mengistu's regime uit van grootschalige ontwikkelingshulp wegens het orthodox-marxistische beleid en de grove schending van de mensenrechten. In de steek gelaten door de Sovjet-Unie en de DDR zwoer Mengistu in maart het marxisme af en kondigde hij de perestrojka af. De sfeer is sindsdien veranderd.

Boeren hebben hun onder dwang gevestigde cooperaties en boerenraden opgeheven en zijn begonnen hun eigen stukje grond te bebouwen. In sommige gebieden is de bevolking vertegenwoordigers van de regerende Arbeiderspartij te lijf gegaan. Het controversiele hervestigingsbeleid en het dorpsvormingsprogramma zijn tot stilstand gekomen. Mengistu heeft niet met de gebruikelijke golf van geweld gereageerd op deze spontane ontmanteling van de in vijftien jaar nauwgezet gecreeerde regeringsstructuur die tot in alle uithoeken van het land reikte.

De liberalisering van de economie heeft geleid tot een heel klein beetje meer politieke openheid - Ethiopiers durven weer te praten - en een lichte toeneming van de agrarische produktie. De Ethiopiers wachten nu af of Mengistu ook daadwerkelijk de privesector zal bijstaan en om de democratisering vorm te geven. Bovendien hopen zij - en dat is het allerbelangrijkste in Ethiopie - dat hij de militaire optie laat varen om aan de onderhandelingstafel tot een akkoord te komen met de guerrillabewegingen.