Nieuwe premier herschikt binnen enkele uren het kabinet van voorganger Thatcher; John Major tracht eenheid Tories te herstellen; 'Poseur Heseltine houdt premier Major van belangrijkere taken af'

LONDEN, 29 nov. - Nog even was de opwinding in Groot-Brittannie gisteren gericht op de personages, maar vandaag, of anders morgen, komt de politiek weer aan de beurt. Dat de Britse regering als een van haar eerste beleidsdaden onder verantwoordelijkheid van John Major na ruim vier jaar diplomatieke betrekkingen herstelde met Syrie, ging in de opwinding over de wisseling van de wacht als nieuws bijna verloren. Er waren vooralsnog belangrijker zaken aan de hand: mevrouw Thatcher die zowaar zichtbaar tegen haar tranen vocht toen ze echt de laatste keer de deur van 10 Downing Street achter zich had dichtgetrokken en van de natie afscheid had genomen met de woorden: 'Thank you - and goodbye'. Het feit dat de Royal Geographical Society een berg op de Falkland-eilanden 'Thatcher Peak' wil noemen. Of het nieuws dat Sir Geoffrey Howe aan een feestelijke lunch in Londen van het weekblad The Spectator de 'toespraak-van-het-jaar-prijs' in ontvangst mocht nemen. 'Zeker', antwoordde hij desgevraagd, 'het etiket 'dood schaap' heb ik nu wel afgelegd.'

Nieuw soort

De nieuwe premier werd vooralsnog door de natie bekeken als was hij een nieuw soort vis, dat op versheid moest worden getest. Meer dan drie kwartier bij de koningin om de formatie-opdracht in ontvangst te nemen - was dat goed of slecht? Wat moest het volk denken van al die verhalen over een premier die op zijn zestiende van school was gegaan, ooit tien maanden werkloos was geweest, niet was aangenomen bij de Londense busmaatschappij omdat hij niet goed genoeg kon rekenen en die nu de eerste de beste gelegenheid om als premier het woord te voeren aangreep om te pleiten voor een klasseloze maatschappij, een samenleving waarin het grijpen van kansen gestimuleerd wordt en waarin talent, toewijding en goed geluk hun eigen beloning vinden? Lord Rees-Mogg, commentator van The Independent, ging er serieus op in: Majors vader was - een doodverteld verhaal inmiddels - korte tijd trapeze-artiest geweest. Theaterfamilies hadden altijd al buiten en boven het Britse klasse-systeem gestaan.

Conservatieve Lagerhuisleden, die nauwelijks drie dagen geleden hetzij Michael Heseltine hetzij Douglas Hurd nog de hemel in prezen boven John Major, trokken in een eindeloze rij van loftuitingen voorbij - en weer weg de vergetelheid in. Fout gegokt, alweer geen verheffing van de backbenches. Vroegere buren, jeugdvrienden, cricket- en voetbalcompanen, babysitters en campagnegenoten uit een grijs verleden kwamen de een na de ander verklaren dat John aardig was, rustig, maar toch beslist. De meesten hadden nooit, anderen altijd al, geweten dat hij het nog eens ver zou schoppen.

Heseltine

Bij de Eerste Minister thuis - een deur verder dan gisteren, in 10 Downing Street - reden intussen de dienstauto's van hen die hemel of hel te verwachten hadden af en aan. De groene Jaguar van Michael Heseltine veroorzaakte de meeste opwinding. Niet helemaal blij kwam de premier manque na een half uur weer buiten. John Major had hem gevraagd - zoals het Engels dat zo plastisch uitdrukt - to put his money where his mouth was. Heseltine kon zich niet permitteren 'nee' te zeggen tegen de aansporing dat hij de daad bij het woord van zijn campagne moet voegen en als nieuwe minister van ruimtelijke ordening en milieu de poll tax moet herzien. Als om te onderstrepen dat hij geen rancune voelt tegen de man die de strijd om het leiderschap ontketende en Margaret Thatcher ten val bracht, kwam John Major alleen met deze nieuwe collega naar buiten om hem terwille van de foto nadrukkelijk de hand te schudden. Heseltine, geheel in stijl, hield Majors hand iets te lang vast, waardoor de indruk helaas weer werd bedorven. 'Poseur houdt premier van belangrijker taken af', zou het foto-onderschrift kunnen luiden.

Cecil Parkinson, die andere beschermeling van mevrouw Thatcher die ook ooit bedoeld was geweest haar op te volgen, bespaarde zichzelf de vernedering van het verzoek om te vertrekken. De minister van vervoer was een van de leden van het kabinet-Thatcher die eergisteren door politieke commentatoren in zijn gezicht was vergeleken met 'dor hout' ('John Major zal in het kabinet van Thatcher heel wat dor hout willen snoeien'). Zelfs na een onverkwikkelijke affaire met zijn secretaresse, Sarah Keays, was Parkinson door Thatcher niet in de steek gelaten, maar zijn weinig indrukwekkend functioneren op Energie en later Transport maakte dat hij gistermorgen wijselijk zijn politieke carriere vaarwel zei.

Verschuivingen

Dat gaf Major vrij baan voor meer verschuivingen: Thatchers partijvoorzitter, Kenneth Baker, kon naar Binnenlandse Zaken en Justitie, David Waddington (de law-and-order-bullebak, die als eerste begon te huilen toen Thatcher in het kabinet haar terugtreden aankondigde) schoof van die post op naar het Hogerhuis en Chris Patten, de slimme, charismatische Patten die een bedreiging voor Major zou kunnen zijn in een volgende verkiezing voor het leiderschap, wordt partijvoorzitter in de plaats van Baker. De opdracht aan Patten om ervoor te zorgen dat hij de Conservatieven over uiterlijk achttien maanden een verkiezingsoverwinning bezorgt, doet Majors meesterhand in het managen van ambitieuze collega's vermoeden.

Natuurlijk werden de medestanders, degenen die campagne gevoerd hebben voor zijn verkiezing, door Major beloond. Norman Lamont op Financien lag voor de hand, David Mellor (nog maar net staatssecretaris voor kunst) als Lamonts staatssecretaris voor overheidsuitgaven was een verrassing. Kenneth Clarke, ook al 50 en niet van ambities gespeend, moet blijven zitten op Gezondheidszorg. En bewuste keuze of niet: nadat Groot-Brittannie elfeneenhalf jaar een dominante, vrouwelijke premier heeft gehad, is het eerste kabinet-Major vrouwloos.

Het feit dat Majors andere concurrent, Douglas Hurd, op buitenlandse zaken blijft, leidt als vanzelf de aandacht af van personages in de richting van de politiek. Aangenomen wordt dat Major, in het licht van de crisis in de Golf, snel zal kennismaken met president Bush. Douglas Hurd zal hem inwijden in de details van de Britse betrokkenheid bij een eventuele oorlog en hem mogelijk adviseren een bezoek te brengen aan Saoedi-Arabie en de Britse troepen in het gebied.

Europa

Hurd heeft zich al eerder voorgenomen een regeringsnota over de verhouding tussen Groot-Brittannie en Europa te schrijven, om daarmee voor ieder in binnen- en buitenland zichtbaar te maken wat nu precies het standpunt van de Britse regering over integratie is. Major noemde gisteren als een van zijn eerste voornemens 'het bouwen en ontwikkelen van een nieuw Europa'. Binnen drie weken zal hij, voorlopig noodgedwongen nog gegidst door Thatchers adviseur voor buitenlandse betrekkingen, Charles Powell, het Britse belang moeten verdedigen op de Europese top in Rome en op twee intergouvernementele conferenties over verdergaande monetaire en politieke integratie. Powell is de ontwerper van Thatchers anti-Europa toespraak in Brugge en de omstreden notulist van een uitgelekte bespreking tussen Thatcher en deskundigen over het gevaar van een verenigd Duitsland in Europa. Major heeft dat andere instrument ter ondermijning van collegiale verantwoordelijkheid, Thatchers veel besproken perschef Bernard Ingham, al heengezonden en zijn eigen man aangesteld. Verwacht wordt dat Powell dezelfde gang is toegedacht, wanneer de nieuwe premier voor de buitenlandse betrekkingen eenmaal meent te kunnen vertrouwen op alleen zijn eigen oordeel en dat van Douglas Hurd.