Hollywood van Honecker kwijnt weg

POTSDAM, 29 nov. - Het cafe tegenover de ingang, Filmeck, is gesloten. Waar eens het filmvolk van de DDR de werkdag met een potje bier besloot, zijn de rolluiken naar het lijkt definitief naar beneden. De werknemers van Europa's omvangrijkste filmfabriek, in de Potsdamse wijk Babelsberg, staat het hoofd niet naar gezelligheid.

'De toekomst is onzeker, we zullen zien', meent een lid van de bedrijfsbrandweer. Een man en vrouw die respectievelijk 35 en 38 jaar hebben gewerkt op de kostuumafdeling van de Defa, de centrale filmfabriek van de DDR, vertellen dat ze per 1 januari zijn ontslagen. 'Waar moeten we nog heen, op onze leeftijd?'

Voor de Wende in de DDR telde de Defa 2.300 werknemers, dit jaar zijn er al 500 ontslagen en in twee lichtingen zullen nog 900 volgen. Of er daarna nog iets overblijft van 'Honeckers Hollywood' is volstrekt onzeker. Er gaan al stemmen op dat de 500.000 vierkante meter grond van de Defa veel te veel waard is om hier een onrendabel filmbedrijf te laten voortkwijnen.

In 1911 stonden hier, onder de rook van Berlijn, de eerste filmstudio's. In 1917 ontstond de Ufa, de legendarische Duitse filmfabriek waar de eerste Europese geluidsfilms vandaan kwamen. Wie wil kan haar nog gaan bekijken, de befaamde Tonhalle 3, waar Fritz Langs 'Metropolis' (1926) is gedraaid, en de 'Blaue Engel' met Marlene Dietrich in 1930.

Er lijkt sinds die dagen weinig veranderd: de antiek aandoende techniek bij de Defa roept de sfeer op van een museum. Wanneer tussen de chaotische verzameling hallen, barakken, huisjes plotseling een zeer oude vrachtwagen opduikt, is het de bezoeker dan ook niet aanstonds duidelijk of hij hier nu met een decorstuk of met een transportmiddel van de studio's te maken heeft.

Vorig jaar nog was de Defa allerminst een museum. Per jaar werden tussen de zestig en tachtig films gemaakt, waarvan de helft voor de DDR-televisie. Er was een afdeling documentaire films, een afdeling voor animatiefilms, een afdeling synchronisatie, een kopieerafdeling en een befaamde decorafdeling. Na de machtsgreep van de nazi's in 1933 had het studiocomplex zich gericht op opbouwende propagandafilms of amusement dat de aandacht van de oorlogszorgen moest afleiden. Sindsdien is het nooit meer helemaal goedgekomen met het bedrijf, dat in de Sovjet-zone kwam te liggen en sindsdien Defa heet.

Pag. 6: Weinig hoop voor verkommerde studio

Het antifascistisch idealisme van de eerste naoorlogse jaren moest in de Defa-stuido's al spoedig wijken voor de eisen van het 'socialistisch realisme' met zijn opgewekte arbeiders en de fijne sfeer in het collectief.

Een andere bloeiperiode waren de vroege jaren zestig, toen na de bouw van de muur de politieke leiding van de DDR het mogelijk achtte in de veilige beslotenheid van de omheinde staat de ideologisch-artistieke teugels wat te vieren. De sinds 1965 verboden quasi-western 'Spur der Steine' van Frank Beyer was de afgelopen maanden zelfs een bescheiden kassucces in Westberlijnse bioscopen. Een van de hoogtepunten in dit werk is het moment waarop de acteur Manfred Krug als opperste bewijs van genegenheid tegen zijn liefje zegt: 'Met jou ga ik zelfs naar een Defa-film'.

Het speelfilmbestand van de Defa omvat zo'n 650 titels. Een poging van de kameraden van de inmiddels opgeheven afdeling 'Aussenhandel' van de Defa, in februari van dit jaar, om de rechten op het bestand nog even vlug te gelde te maken bij een Westberlijnse onderneming, is inmiddels ongedaan gemaakt door de Treuhand, die als trust voor de voormalige staatsbedrijven van de DDR ook de Defa beheert.

Onder de ontslagenen tot nu toe behoren de vijftig leden van het Defa-orkest, en de meer dan zestig regisseurs die in vaste dienst waren zullen voortaan niet meer kunnen rekenen op een maandelijkse salarisuitkering. In de Westerse structuur worden regisseurs per project in dienst genomen. Of er voor de Defa nog veel produkties in het verschiet liggen is de vraag. De DDR-televisie (thans DFF) was de belangrijkste afnemer, maar die is deze week juist door een kongsie van CDU-politici de nek omgedraaid. Het is onzeker of de nog op te richten omroeporganisaties van de vijf nieuwe bondslanden veel geld over hebben voor het laten maken van eigen televisiefilms. In de vroegere Bondsrepubliek werden per jaar minder speelfilms gemaakt dan de Defa afleverde en bedrijven als Bavaria-film in Munchen kunnen de vraag heel aardig aan. Ook West-Berlijn heeft trouwens filmstudio's.

Kredieten

Tot 31 maart heeft de Defa nog zes speelfilms in produktie, voor een budget dat nog door de laatste regering van de DDR ter beschikking is gesteld. Daarnaast zijn er nog wat opdrachten van buiten. Het staatsbedrijf heeft zichzelf inmiddels omgevormd tot een holding-NV; het is de bedoeling de verschillende onderdelen van de kolos te verzelfstandigen en hen om een plaatsje in de markteconomie te laten strijden. Maar of er een markt is voor de produkten is onduidelijk. En net als bij de meeste van de achtduizend staatsbedrijven is onduidelijk wat de Treuhand nu eigenlijk voorheeft. Zeker is dat een 'Defa-nieuwe stijl' kredieten van honderden miljoenen behoeft.

De Westberlijnse Senaat wil van Berlijn, naast vele andere dingen, een internationaal mediacentrum maken en vindt dat de Bondsregering voor Babelsberg met kredieten over de brug moet komen. Een klein beetje hoop gloort door de komst naar Berlijn van het commerciele televisiestation Sat1, dat ook belangstelling voor de legendarische studio heeft getoond. Maar Babelsberg is niet het enige media-complex dat spoedig leeg zal staan in Berlijn en omgeving. Er is ook het omvangrijke complex Adlershof van de ten dode opgeschreven voormalige DDR-televisie.

Een goed in het zicht van de weg opgebouwde stad in het wilde westen houdt tegenover omwonenden van het Defa-complex de schijn op dat het leven in het 'Europese Hollywood' voortgaat. De werknemers aan de poort wekken een andere indruk. Slechts een man van de decorbouw is optimistich: 'Ik kan niet worden ontslagen, want ik ben zwaar gehandicapt'. Nee, vergaderen doet men nooit over de toekomst van het bedrijf, vertellen de werknemers. De vraag waar het kantoortje is van de vakbonden verbaast de portier hooglijk: 'Daar heeft geloof ik nog nooit iemand naar gevraagd'. Na veel zoeken duikt in zijn boekje alleen de DDR-vakbond FDGB op, maar die is al lang opgeheven.