Guerrillabewegingen heersen in deel van Indiase deelstaat; Assam onder centraal gezag

NEW DELHI, 29 nov. - De Indiase regering heeft gisteren de noordoostelijke deelstaat Assam onder direct gezag geplaatst. De regering van Assam - die tot januari zou moeten regeren - is ontbonden en de assemblee geschorst. Premier Chandra Shekhar, die pas 18 dagen in functie is, meent dat de deelstaatregering niet langer in staat was de orde te handhaven.

Twee gewapende ondergrondse bewegingen in Assam, het Verenigd Bevrijdingsfront (ULFA) en de Nationale Socialistische Raad van Nagaland (NSCN) zijn buiten de wet geplaatst. Onmiddellijk na de afkondiging van maatregel voerden leger en paramilitaire troepen aanvallen uit op guerrilla-kampementen en namen 36 'terroristen' gevangen. In een gecoordineerde actie hebben legereenheden ook de grens met Birma afgesloten van de aangrenzende deelstaten Nagaland en Manipur.

De keuze van het tijdstip van de instelling van de 'regering van de president' houdt verband met de verkiezingen voor de assemblee in Assam in januari, die deze week hadden moeten worden aangekondigd. Hoewel de regerende Assam Gana Parishad-partij (AGP) verkiezingen wilde houden, zou de uitkomst grotendeels voorgeschreven zijn door de ULFA, die in verscheidene districten haar gezag heeft gevestigd.

Het ULFA-kader, een gewapende macht van circa duizend militanten met veel plaatselijke sympathisanten, hebben het bestuur in het oostelijke gedeelte van Assam in feite lam gelegd. De guerrillastrijders voeren politietaken uit, hebben een eigen rechtspraak en innen belasting. Tegelijkertijd heeft de beweging geprobeerd een 'Robin Hood reputatie' op te bouwen door geldschieters af te straffen, drankhandelaren in het openbaar af te ranselen en wegen aan te leggen.

Zelf komen ze ook aan hun geld door afpersing en ontvoeringen - waardoor er de afgelopen vier jaar meer dan honderd doden zijn gevallen - en het vermoeden bestaat dat de wapens afkomstig zijn uit Birma, waar maoistische Karen-rebellen eveneens over een eigen grondgebied beschikken. De NSCN voert al vele jaren op de achtergrond een guerrillastrijd in Nagaland en Manipur en heeft over de grens bases die tevens dienst doen als bevoorradingsafdeling van het ULFA.

Zonder de 'actieve tolerantie' van de AGP-regering zou het ULFA niet in staat zijn geweest om haar gezag te vestigen in Gauhati, de hoofdstad van Assam. De beide bewegingen komen voort uit de 'All Assam Students Union' (ASSU) die tien jaar geleden een felle campagne begon tegen de immigranten uit het naburige Bangladesh en West-Bengalen. In 1985 won haar politieke poot, de AGP, de verkiezingen en beloofde de deelstaat te ontdoen van niet-Assammezen.

Tegelijkertijd beloofde de AGP dat de autochtone bevolking weer de leiding zou krijgen over de economie van de deelstaat. Assam ligt in de vruchtbare vallei van de rivier de Brahmaputra en is rijk aan grondstoffen. Er zijn meer dan 750 theeplantages, die 60 procent van de Indiase thee produceren, 400 miljoen kilo per jaar. De thee- en hout-industrie is voor het grootste deel in handen van bedrijven in Calcutta en van een aantal internationale bedrijven.

De AGP-regering slaagde er echter niet in om controle te krijgen over deze bronnen van inkomsten. Hierdoor werd de radicale tak van de ASSU aangemoedigd om zich aan te sluiten bij het ULFA, maar zij bleven gedurende de jaren van gemeenschappelijke strijd persoonlijke contacten onderhouden met ministers van de AGP. Deze relatie resulteerde in feite in een volledige vrijheid voor het ULFA om haar gezag te vestigen.

Dit gezag werd nog versterkt toen de AGP zich vorig jaar december aansloot bij de regering van de inmiddels afgetreden V. P. Singh. Deze regering was door haar zwakke minderheidspositie met handen gebonden en durfde geen 'presidentsregering' in te stellen, uit angst haar net verworven partner te verliezen.

    • Bernard Imhasly