Grafici streven naar 32-urige werkweek in '94

AMERSFOORT, 29 nov. - Amper een dag nadat de grafische werkgevers verdere arbeidstijdverkorting en een vierdaagse werkweek als 'niet bespreekbaar' hadden bestempeld, besloot de Bondsraad van de machtige grafische bond Druk en Papier FNV te streven naar een vierdaagse werkweek van 32 uur uiterlijk in 1994. 'We willen een geleidelijke invoering van de vierdaagse werkweek, waarbij in de dagdienst uiteindelijk maximaal acht uur per dag wordt gewerkt', aldus bondsvoorzitter A. M. J. Doeze gisteren na afloop van de Bondsraad in Amersfoort.

De grafische industrie loopt traditioneel voorop met arbeidstijdverkorting. Het overgrote deel van de 50.000 werknemers in deze bedrijfstak werkt sinds enkele jaren gemiddeld 36 uur per week. Ongeveer 300 kleinere grafische bedrijven hebben dispensatie. Daar werkt het personeel gemiddeld 38 uur per week. De directies willen dat zo houden. Ze worden daarin gesteund door ongeveer 550 andere kleinere grafische bedrijven, waar wel een 36-urige werkweek is ingevoerd, maar die terug willen naar een 38-urige werkweek.

Daarmee lijkt de kiem gelegd voor een stevig arbeidsconflict, want de vakbonden voelen niets voor arbeidstijdverlenging. De werkgevers, georganiseerd in het Koninklijk Verbond van Grafische Ondernemingen (KVGO), zijn verdeeld. Het verbond voorkwam afgelopen dinsdag een splitsing door de kleinere ondernemingen toe te staan een voorbehoud te maken bij nieuwe CAO-afspraken. Gaan de vakbonden niet akkoord met handhaving van de 38-urige werkweek voor kleinere bedrijven, dan haken deze bedrijven af bij het CAO-overleg dat op 11 januari begint.

'Geen vakbondbestuurder die naar zijn leden luistert, hoeft wakker te liggen van dit stukje differentiatie', zei KVGO-voorzitter M. Handgraaf over de verlangens van de kleinere bedrijven. Maar Doeze van de FNV-bond Druk en Papier voelt zich niet aangesproken. Hij verwijt de kleinere ondernemingen 'pure onwil'. 'Waarom kan de 36-urige werkweek niet bij kleine bedrijven, terwijl het wel kan bij middelgrote bedrijven die zijn opgebouwd uit verschillende betrekkelijk afdelingen ter grootte van een klein bedrijf? Er is niemand die me dat uit kan leggen. Ik denk, omdat het niet uit te leggen is. De weerstand is vooral van psychologische aard.'

Alleen bij bedrijven met minder dan zes werknemers kan korter werken volgens Druk en Papier op onoverkomelijke praktische problemen stuiten. Daar valt dan over te praten, op voorwaarde dat er iets tegenover staat, zegt Doeze: 'Als wij op het gebied van arbeidstijdverkorting een kabeljauw kunnen binnenhalen, dan zullen we niet de botheid hebben de hele kleine bedrijven een uitzonderingspositie te weigeren.'

Doeze onderkent dat behalve het verzet van de werkgevers ook het nijpend tekort aan vakbekwame grafici een belemmering vormt voor verdergaande arbeidstijdverkorting. Het KVGO raamt het tekort op drie- a vierduizend vaklieden. Maar voor een deel zijn de werkgevers daar volgens Doeze zelf debet aan, omdat ze zich niet hebben gehouden aan de CAO-afspraak jaarlijks 3500 nieuwe leerlingen een grafische opleiding te laten beginnen. Zowel vorig jaar als dit jaar lag dit aantal ruim duizend onder het streefcijfer.

In de nieuwe CAO wil Druk en Papier ongeveer hetzelfde aantal leerlingen vastleggen, met dien verstande dat dan de helft onder vrouwen en etnische minderheden zou moeten worden gerecruteerd. Om de werkgevers te prikkelen zich aan de opleidingsafspraken te houden zou in de nieuwe CAO een premie- en boetestelsel opgenomen moeten worden. Bedrijven die naar verhouding te weinig nieuwkomers opleiden zouden dan financieel worden gestrafd met een hogere contributie aan het vereveningsfonds voor de bedrijfstak. Omgekeerd zouden bedrijven die relatief veel leerlingen opleiden korting krijgen.

Over een concrete looneis wil Druk en Papier zich nog niet uitlaten. Dat komt, zegt de voorzitter, enerzijds doordat men nog niet precies weet hoe groot de gemiddelde loonruimte is voor verbetering van arbeidsvoorwaarden. Anderzijds noopt 'benauwdheid voor de ontwikkelingen op wereldschaal' tot voorzichtigheid. Voorshands wordt uit gegaan van een loonruimte van minimaal vijf procent en 'op z'n minst handhaving van de koopkracht'. Ofschoon de bond 'de tijd rijp acht' voor een structurele loonsverhoging, laat men de uiteindelijke looneis afhangen van eventuele afspraken over werkgelegenheid, korter werken, opleiden van leerlingen, aanvullen van de WAO-uitkering, volledige VUT bij veertig dienstjaren en over kinderopvang.

Doeze ontkent dat de onenigheid binnen het werkgeverskamp de deur openzet naar hogere looneisen in de grotere en financieel krachtiger grafische bedrijven. 'Die verleiding zal er zijn, maar zowel werkgevers als werknemers hebben er op termijn baat bij te zoeken naar een voor de hele sector aanvaardbaar gemiddelde.'

Het pleidooi dat NCW-voorzitter Ruding deze week hield om van de vrije zaterdag een gewone werkdag te maken, spreekt Druk en Papier absoluut niet aan. 'Met werken op zaterdag hebben wij geen probleem, op voorwaarde dat niet wordt getornd aan de geldende toeslagregeling van 100 procent. Dat is een verworvenheid die we niet prijsgeven, ook niet als het de vierdaagse van 32 uur dichterbij zou brengen', zegt Doeze.

    • Joop Meijnen