Albrecht dirigeert met overmatige zwarigheid

Concert: Kon. Concertgebouworkest o.l.v. Gerd Albrecht m.m.v. violiste Emmy Verhey. Programma: Beethoven: Tweede symfonie; Bruch: Tweede vioolconcert; Reger: Symphonische Prolog zu einer Tragodie. Gehoord: 28/11 Grote Zaal Concertgebuw Amsterdam. Herhalingen 29, 30/11.

Gerd Albrecht dirigeert het Concertgebouworkest met zoveel degelijkheid en discipline, dat er weinig ruimte overblijft voor verrassende momenten. Zo inspireerde hij gisteravond het orkest tot een voortvarende, gespierde en goed geoliede vertolking van de Tweede symfonie van Beethoven. Mooi waren hierin de sonore orkestklank, de helder omlijnde fraseringen en de markante contrasten.

Maar het metrum werd in alle delen met een zo genadeloze precisie nageleefd, dat deze voor Beethoven tamelijk luchthartige symfonie wat in ademnood raakte. Humor en speelsheid ontbraken, een probleem dat zich in nog sterkere mate voordeed tijdens de pathetische aanpak van de zelden uitgevoerde Symphonische Prolog zu einer Tragodie van Max Reger.

Toegegeven, het betreft hier geen vrolijke of lichtzinnige 'ouverture'. Alleen al de lengte verraadt wagneriaanse allure. In de oorspronkelijke opzet duurt het stuk zo'n 35 minuten en in 1908 verwijderde Reger zestien pagina's uit de partituur. Albrecht koos echter met onmiskenbare geestdrift voor de originele versie, een zwaarmoedige en schier eindeloze aaneenschakeling van climaxen en anticlimaxen. Het zwelgende element werd nog eens extra benadrukt, zodat de luisteraar werd ondergedompeld in een oceaan van overweldigende klanken, waarvoor de luisteraar maar in de stemming moet zijn.

Tevoren had violiste Emmy Verhey het weinig gespeelde maar indrukwekkende Tweede vioolconcert van Max Bruch fier, kernachtig en met grote inzet verdedigd, waarbij zij door Albrecht en het Concertgebouworkest op een overtuigende manier terzijde werd gestaan. Maar ook hier had het allemaal een beetje subtieler en poetischer mogen klinken.