Gewoon Major

DE OVERWINNING was niet overtuigend. Ondanks de steun van Thatcher en haar getrouwen kwam John Major net niet over de beslissende horde heen. Maar zijn positionering voor de eindstrijd was zodanig dat beide rivalen, Heseltine en Hurd, de handdoek alvast in de ring wierpen. Zo kon er toch nog een feestje van Conservatieve eensgezindheid ontstaan rondom de nieuwe leider. Major wil nu proberen het Britse Wiegel-effect te verlengen, ervan uitgaande dat de minderbedeelde zich op eigen kracht aan het voorbeeldige succes van de geslaagde zal willen optrekken in plaats van zich te laten opsluiten in de door jaloerse uitzichtloosheid beheerste kring van gelijkgestemde achterblijvers. De nieuwe premier, zelf van eenvoudige afkomst en niet universitair gevormd, noemt dit de klasseloze maatschappij. Niet je afkomst maar je prestatie bepaalt wat je bent, luidt zijn credo. Menig aristocraat in de Tory-gelederen zal instemmend knikken zonder te kunnen navertellen waarover de spreker het heeft.

DE KEUZE voor Major toont weer eens aan dat in de politiek de partij voor alles gaat en zij rechtvaardigt de verwachting dat de radicale ideologie van Thatcher ook zonder de eigen leidsvrouwe nog niet tot het verleden behoort. Wat dat laatste betreft kan Majors onderkoelde, ietwat grijzige imago bedriegelijk blijken. De Thatcher-Tories zullen immers voor het gewicht dat zij ten gunste van de kanselier van de schatkist in de schaal hebben geworpen een prijs hebben bedongen.

Twee van de drie kandidaten voor het Conservatieve leiderschap leken straks een goede kans te hebben tegen Labour. Om die twee ging het dan ook. Heseltine moest ervoor boeten dat hij het abces van de verdeeldheid had opengesneden. Major is nog een nagenoeg onbeschreven blad en dat was onder de gegeven omstandigheden zijn belangrijkste verdienste. De mislukking van Hurds deftige kandidatuur tast zijn geloofwaardigheid aan als minister van buitenlandse zaken en daarmee de status van Groot-Brittannie aan het front van de snel oplopende internationale spanningen. Zo bezien lijdt het land een dubbel verlies waarvoor de nieuwe premier als diplomatieke outsider nog lang geen soelaas heeft gevonden. De Tories waren de afgelopen weken niet spaarzaam met het verstoken van talent.

IN DE commentaren passeren de bekende onderwerpen de revue: Europa, de Golf, de inflatie en de poll tax - over de laatste twee is Thatcher in haar race naar de vierde zege op Labour gestruikeld, over Europa kwam zij ten val en in de Golf had zij haar lot in handen gelegd van een man wiens imago ongeveer tegengesteld is aan het hare. De vorige regering beloofde dat de inflatie over haar top heen was. De nieuwe equipe hoopt uiteraard op een goede uitkomst, maar mag daarvan met het oog op de internationale ontwikkelingen niet al te zeker zijn. Zelfs als zij de poll tax weten te dresseren, hebben de Tories het pleit nog lang niet gewonnen. Het vraagstuk Europa was onder Thatcher vooral een kwestie van retoriek. Wat dat betreft staat alleen al de persoonlijkheid van Major er borg voor dat een nieuwe fase in de Europese samenspraak is aangebroken.

Na een optreden als van Margaret Thatcher is een gevoel van verweesd zijn onontkoombaar. Zo langdurig en zo intens is deze vrouw aanwezig geweest dat het zicht op het werkelijke Brittannie enigszins verloren is gegaan. Een effect dat, ondanks erkenning van het grote onderscheid in stijl, doet denken aan de Gaulles alomtegenwoordigheid in en namens Frankrijk. Het Verenigd Koninkrijk krijgt thans de kans een gewoon land te worden, paradoxaal genoeg dank zij Thatchers revolutie zelfs een gewoon Europees land.