Europese parlementsleden zetten nationale indeling opzij

ROME, 28 nov. - Het was een dag vol symboliek in het Romeinse Palazzo Montecitorio. In deze zetel van het Italiaanse Huis van Afgevaardigden kwamen gisteren voor het eerst in de geschiedenis vertegenwoordigers van alle parlementen in de Europese Gemeenschap bijeen: 173 leden van nationale volksvertegenwoordigingen en 85 leden van het Europese Parlement.

Rome was om zeker twee redenen een symbolische plaats van samenkomst voor deze 'Assisen': daar werden immers meer dan veertig jaar geleden de oprichtingsverdragen van de Europese Gemeenschap getekend. En daar zullen ook, volgende maand, de zogeheten intergouvernementele conferenties beginnen om deze verdragen zo te wijzigen of aan te vullen dat er een Economische en Monetaire Unie (EMU) en een Europese Politieke Unie (EPU) kunnen ontstaan.

De parlementariers leken onder de indruk van die symboliek en namen direct na de gloedvolle Europees getoonzette officiele toespraken van de Italiaanse president, de voorzitters van het Europese Parlement, van de Italiaanse Senaat en van het Huis van Afgevaardigden een ingrijpend besluit. De afgesproken verdeling over de zaal in dertien delegaties (uit de twaalf nationale parlementen en het Europarlement) werd opzij gezet en met ingang van morgen zullen de afgevaardigden zich hergroeperen in politieke stromingen.

Het was een revolutionaire beslissing, die tot een omvangrijke stoelendans leidde, waarbij een aantal gedelegeerden in verwarring achterbleef. Maar het meest opvallende was dat het voorstel werd gedaan door de voorzitter van de Franse Nationale Vergadering, Laurent Fabius. Dat juist hij, de vroegere socialistische premier die nu de in Europees opzicht behoudende Franse 'Tweede Kamer' aanvoert, zo'n 'supranationaal' idee naar voren bracht verbaasde vriend en vijand. Waren het niet juist de Fransen - regering en parlement - die de laatste maanden balonnetjes oplieten over een meer 'intergouvernementeel' gerichte Europese Gemeenschap, waar de nationale onafhankelijkheid zo veel mogelijk gewaarborgd wordt?

Fabius bleek geheel anders over Europese eenwording te denken: 'We willen Europa opbouwen op basis van de verscheidenheid van het gedachtengoed. We moeten vermijden dat enerzijds leden van het Europese Parlement en anderzijds die van de nationale volksvertegenwoordigingen elkaar vanuit hun zitplaatsen beloeren. Dus stel ik voor per politieke partij te gaan zitten'. Een krachtig applaus was zijn deel.

Tegengesputter kwam van de onafhankelijke Italiaan Marco Panella, van een Deen ('Wij blijven als nationale delegatie zitten.') en een conservatieve Brit ('Ik ben afgevaardigde van mijn kiesdistrict en vertegenwoordig mezelf.'). Daarna betuigde de leider van de christen-democraten in het Europese Parlement, de Duitser Egon Klepsch, zijn steun aan Fabius' plan, dat hij 'een verstandig voorstel' noemde. 'We proberen gemeenschappelijke oplossingen voor de problemen van de EG te vinden en daarom is het goed dat leden van politieke partijen contact met elkaar houden.' En daarmee stond niets aanvaarding nog in de weg.

Wel doemden er allerlei problemen op. Hoe moet het nu met de spreektijd in de plenaire zitting, die per delegatie was bepaald (bijvoorbeeld 33,1 minuut in totaal voor de Nederlandse parlementaire afvaardiging, tegen 85 minuten voor de Franse, Duitse, Britse en Italiaanse delegaties)? Wat moet er gebeuren met de vaak al voorbereide standpunten van de nationale Eerste en Tweede Kamers? Kunnen die opeens in de prullenbak? En waren de leiders van de nationale parlementaire afvaardigingen - zoals de CDA'er Rene van der Linden, die de zes Tweede-Kamerleden aanvoert - maar zo eventjes onttroond?

Socialisten, liberalen en christen-democraten hadden er weinig moeite mee. Anders was de reactie van een nu wat in de steek gelaten eenling als Hans van Mierlo (D66). 'De vergadering begint al met gesjoemel', brieste hij. 'Zo was het niet afgesproken toen de voorzitters van de nationale parlementen, inclusief Fabius en die van het Europese Parlement, hiervoor bijeen waren. Bovendien gaat het hier om overdracht van soevereiniteit, en dat kun je toch niet op deze wijze forceren.' Opeens zat hij met een heel praktisch vraagstuk: 'Waar moet ik nu gaan zitten? Achter de liberaal Valerie Giscard d'Estaing? Ik had nooit gedacht dat ik daar nog eens terecht zou komen!'

Het stempel dat Fabius op de vergadering drukte was tekenend voor de grote Franse invloed op de debatten in Rome, en vooral op die binnen de omvangrijke groep socialistische parlementariers. De socialisten namen gisteren een gemeenschappelijke verklaring aan die de sporen draagt van de stellingname die het uitvoerend bureau van de Franse socialistische partij een week geleden had ingenomen.

De in Rome verzamelde socialisten achten het 'noodzakelijk' dat Europa zijn stem in de wereld laat klinken nu 'de Golfcrisis laat zien dat de internationale rol van de Sovjet-Unie aan het verminderen is en die van de Verenigde Staten dienovereenkomstig groter wordt'.

    • W. H. Weenink