Weg turnploeg naar top nog lang

SLIEDRECHT, 26 nov. - De eerste interlandwedstrijd van het nationale turnstersteam ter voorbereiding op het WK volgend jaar in Indianapolis (USA) heeft het te verwachten resultaat opgeleverd. Bondscoach Reinhard Tietz wist dat het superjonge sextet zowel technisch als in stabiliteit nog niet toe was aan de oefentweedaagse tegen het superieure Bulgarije (369,225 tegen 378,325 punten). Dankzij de zeer vriendschappelijke jurywaarderingen bleef de achterstand beperkt tot bijna negen punten.

Die coulante houding van de jury bleek al op de eerste wedstrijddag (zaterdag) tijdens de verplichte oefeningen die tot en met de Olympische turnwedstrijden van Barcelona van kracht zijn. Vier van de zes Nederlandse meisjes behoefden nog de fysieke helpende hand van de coach om de voorgeschreven brugoefening zonder valpartijen uit te turnen. De jury bestrafte telkenmale met een halve punt in plaats van het reglementaire volle punt. Daardoor bleef de achterstand tot het gemiddeld vijftienjarige team van Bulgarije zaterdag beperkt tot vier punten. Bulgarije, vijfde in Seoul, behoort al jaren tot de top acht turnnaties van de wereld. Nederland bereikte vorig jaar bij het WK in Stuttgart een historisch dieptepunt met een twintigste plek. Ook al was het team zoals dat in Sliedrecht aantrad daar niet debet aan geweest, toch bleef het kwaliteitsverschil tussen Nederland en Bulgarije overduidelijk zichtbaar. Met name bij de keuzeoefeningen gisteren bleek hoe weinig doortraind de verrichtingen van de gemiddeld veertienjarige ploeg zijn. Dank zij het feit dat er bij het paardspringen door elke turnster twee keer gesprongen mag worden, waarvan het beste resultaat telt, kroop het Papendal-zestal door het oog van de naald, want uitgezonderd Elvira Becks (De Hazenkamp uit Nijmegen) ging de rest ten minste een keer en Wyke Karten en Morena Visje zelfs beide keren onderuit. Ook aan de brug bleken de laatste twee genoemde debutanten uit Noord-Holland het internationale niveau nog te ontberen.

Talent is er voldoende in het team. Met de gezusters Linda (vijftien jaar) en Monique (dertien) Slootmaker (Delta Sport uit Zierikzee) en Ilse Voet (Pro Patria uit Zoetermeer) valt een gedegen team op te leiden. Maar niet binnen de tien maanden die ex-DDR turncoach Reinhard Tietz nog ter beschikking staan tot aan het WK in Indianapolis. Tietz, die met het DDR-team brons behaalde op de Spelen in in Seoul, moet dus het onmogelijke mogelijk maken. De man is nu zeven maanden in functie bij de KNGB en verzuchtte in Sliedrecht: 'Het gebrek aan tijd klemt zich als een duivel op mijn nek'.

Het totale gebrek aan termijnvisie bij de beleidsmakers van de KNGB staat een goed presterend nationaal team in de weg. De weg naar topturnprestaties is lang. Als de basistechniek aanwezig is, moet nog ten minste vier jaren intensief geschaafd worden om het hoge schoolniveau te bereiken. De gymnastiekbond wenst coaches niet zo lang aan zich te binden en wisselt bovendien van trainers midden in een Olympiade (is een periode van vier jaren tussen de Spelen). En dat terwijl op het pre-Olympisch WK in 1991 de Olympische kwalificatie moet worden afgedwongen.

Dieter Weymans, de technisch-directeur van de turnbond: 'Vandaar ook dat eind volgend jaar alle contracten aflopen. De chef-trainer zal dan een vierjarig contract aangeboden worden'. Reinhard Tietz rekent op een vervolgcontract. In de voormalige DDR zijn dit jaar al duizenden topsportcoaches ontslagen. Met 'Die Wende' wordt het complete Oostduitse topsportsysteem de nek omgedraaid. Tietz heeft daar dus geen toekomst meer. Het superjonge turnstersteam heeft dat wel, mits Tietz de komende jaren ongestoord verder kan bouwen. Een karig resultaat bij het WK volgend jaar kan hem niet aangerekend worden.

Als het team geluk heeft om nagenoeg blessurevrij te blijven doorwerken kan onder aanvoering van de ambitieuze Elvira Becks een uitzending naar het WK gerechtvaardigd worden. 'Om het haalbare haalbaar te maken', besluit Dieter Weymans.