Veel boeren willen naar Frankrijk

UTRECHT, 26 nov. - De belangstelling onder Nederlandse boeren voor verhuizing naar Frankrijk is zo groot, dat de Nederlands- Franse Kamer van Koophandel zich geroepen voelt om te waarschuwen voor al te hoge verwachtingen. Frankrijk is absoluut niet het land van melk en honing, dat veel 'dromers' er in zien, aldus secretaris J. D. van der Ende van de Nederlands- Franse Kamer afgelopen zaterdag op een voorlichtingsbijeenkomst in de Utrechtse jaarbeurs.

Meer dan vijfhonderd belangstellenden waren - a raison van 125 gulden per persoon of 175 gulden per echtpaar - komen opdagen. Om verhuizing naar het ontvolkte platteland van Frankrijk aantrekkelijk te maken, geeft de Franse overheid startpremies en rentesubsidie.

De belangstelling van vooral melkveehouders is zo groot, dat secretaris Van der Ende zegt geschrokken te zijn. Daarom liet hij niet na de aanwezigen - van wie velen lieten blijken zich bekneld te voelen door de strenge (milieu) regelgeving in Nederland - te wijzen op de risico's. Subsidies zijn mooi, maar men moet wel in staat zijn om na een paar jaar volledig zelfstandig een goed draaiend bedrijf te hebben. En dat gaat ook in Frankrijk niet vanzelf, aldus Van der Ende.

Tot dusver vestigen de meeste verhuizers zich in de streek Limousin en omgeving, maar de laatste tijd zijn ook Normandie en Bretagne in opkomst. Een jonge melkveehouder uit Steenderen zei dat de contactdag voor hem niet veel nieuws opleverde. Hij is al een aantal keren in Frankrijk geweest, maar hij heeft nog niets van zijn gading kunnen vinden. Daarom emigreert hij misschien wel naar Belgie of Duitsland. In ieder geval wil hij weg uit Nederland. 'Alles is beter dan hier.'