PDS: Auch im Westen nichts Neues

AKEN, 26 nov. - Het plein aan de Mohnheimer Allee in Aken lijkt hoofdzakelijk ontworpen voor de betere verdieners. Het wordt gedomineerd door een foeilelijk zandkleurig bouwsel in korrelsteen, dat jonger is dan het probeert te lijken. Een mal-deftige op- en afrit en een paar architectonisch overbodige zware pilaren doen de rest. Hier, handig dicht bij een Autobahn-knooppunt, staat het internationale casino van de oude keizerstad.

Direct rechts ernaast is een parkeergarage voor de clientele, die blijkens de diverse nummerborden werkelijk internationaal is. Het trappenhuis ruikt er naar agressieve parfumerie. Links naast de goktempel verwennen de Club Zero, de Palm Bistro en het restaurant Gala hun gasten tegen flinke prijzen.

Maar het plein biedt meer dan alleen eigentijdse vettigheid, er is ook aan het immateriele gedacht. En wel met zo'n multifunctioneel vergadercentrum dat de naam Eurogress draagt en waar, tussen het amateurtoneel en de lokale rotary, iedereen terecht moest kunnen. Ja, meer dan dat, zo blijkt deze zaterdagavond uit de opmars van een voor dit plein ongewoon geuniformeerde stoet bezoekers. Hun verschijningsbeeld is met nadruk alternatief: veel ernstige jonge mannen en vrouwen met leren laarzen en jacks, de spijkerbroeken vaak met gaten op de goede bil- of kniehoogte, hier en daar op het T-shirt een maatschappijkritische of exotische boodschap, een enkele hanekam in oranje, groen of paars en de randloze bril doet het redelijk goed.

Spreker

Er is deze zaterdagavond in Eurogress onder het hier dissonante motto Lust auf Links een verkiezingsbijeenkomst van de PDS/Linke Liste georganiseerd. Prominentste spreker zal Hans Modrow zijn, de man die een jaar geleden voor veel Westduitse politici een soort Hoffnungstrager binnen de SED was.

Goed een half jaar geleden was Modrow nog premier van de DDR. Vandaag is hij erevoorzitter van de SED-opvolgster PDS alsook een tamelijk anomiem lid van de Bondsdag, waar partij- en fractievoorzitter Gregor Gysi als verbale attractie alle aandacht trekt. Bij de Bondsdagverkiezingen van 2 december is Modrow eerste PDS-kandidaat in de nieuwe Oostduitse deelstaat Mecklenburg-Vorpommern, in Aken komt hij vanavond Westduitse regionale geestverwanten helpen.

Zulke hulp is in de oude Bondsrepubliek wel nodig, want de PDS/Linke Liste komt daar, zeker sinds vorige maand het nieuws over de illegale miljoenentransfers naar het buitenland bekend werd, in de opiniepeilingen niet verder dan 0,5 procent. Als het constitutionele hof in Karlsruhe afgelopen zomer niet had bevolen dat op 2 december nog een keer aparte kiesdrempels (van 5 procent) in de vroegere DDR en de vroegere Bondsrepubliek moeten gelden, zou de partij van Gysi en Modrow nu al volmaakt kansloos zijn.

Nu krijgt zij, dank zij een verwacht stemmenpercentage van omstreeks zeven in de vroegere DDR, waar zij trouwens de afgelopen weken ook stevig gekelderd is, dadelijk voor vier jaar als 'kern van echt linkse politiek' een plaats in de Bondsdag. Zij het dan onder de ijzige afkeuring van andere partijen. De secretarisgeneraal van de CDU, de Hamburgse houwdegen Volker Ruhe, noemde haar 'een kankergezwel voor de democratie'. De keurige juriste Herta Daubler, ondervoorzitter van de SPD, heeft - vergeefs - al actie van de Duitse BVD tegen de PDS/Linke Liste ('eine SED-Krake') aanbevolen.

Zo klein als de ruimte voor echte linksigheid in het land van de succesvolle sociale markteconomie en een navenant tevreden burgerij ook mag zijn, bij de ingang van de zaal blijkt uit concurrerende vlugschriften (voor de PDS, de DKP, het arbeidersverbond voor de wederopbouw van de KPD etc.) dat het sectarisme in die kleine ruimte toch nog volop bloeit.

Oudere jongeren

In de zaal, waar een kleine 300 mensen voor een goede opkomst zorgen, bieden twee iets oudere jongeren (Pension Volkmann) voor een spandoek Auch im Westen was Neues, PDS! met gitaar en zang een kritische introductie. Zij zijn niet dol op de Duitse eenheid, maar zingen er graag over. De autosticker 'D' valt bij wijze van stomme pointe geregeld van hun voorhoofden.

Als na een half uur de gewezen DDR-premier met drie regionale kandidaten op het podium verschijnt, lijkt de avond echt te kunnen beginnen. De ascetische jogger en geheelonthouder Modrow - grijs haar, donker pak, donkere das, lichtgrijze pullover - detoneert in deze door ostentatief-alternatieve jonge Westduitsers gevulde zaal nog voor hij een woord heeft gezegd. En het duurt extra lang voor hij een woord kan zeggen, want nadat de regionale kandidate Anna Schulte haar klachten heeft geuit over SPD- en vakbondsfunctionarissen die op kosten van de werkende klasse in luxe 'neukhotels' (Bumshotels) verblijven, wordt de meeting onderbroken wegens een bom-melding.

Voor de burgerlijke verslaggever is dat reden om vrij haastig naar buiten te gaan, maar veel andere aanwezigen blijken veel minder opgewonden. Het is alsof zij de boodschap niet serieus nemen. Zij blijven rustig een paar minuten in de hal wachten. Buiten zien politieagenten ook al geen reden om zich druk te maken over de bommelding van binnen. Misschien houdt dat verband met wat Westduitse kranten de laatste dagen schrijven. Namelijk dat een werkelijk op 19 november in het partijbureau van de PDS in Saarbrucken gevonden bom daar wel eens door PDS-mensen zelf neergelegd zou kunnen zijn. Dat is, hoe dan ook, een akelig verhaal.

Na tien minuten wordt de bijeenkomst voortgezet. Helga Adler, een kandidate die lange jaren voor de vredesbeweging in de DDR heeft gewerkt, legt uit wat er het afgelopen jaar in Europa en Duitsland ten kwade is veranderd. Dan volgt de 24-jarige Westduitse kandidaat Frank Laubenburg, die ook niet zo blij is met de Duitse eenwording. Hij wil strijden tegen de discriminatie van homoseksuelen, de vraag of hij zo'n plan in de gewezen DDR zelfs maar had kunnen aankondigen laat hij onbesproken. De vroegere DDR-premier staat er met gevouwen handen naast en kijkt zoals een korfballer naar een rugbywedstrijd kijkt.

Examen

Dan, ten slotte, is het woord aan Modrow. Helmut Kohl en zijn coalitie, en ook de SPD, hebben het 'examen van de Duitse eenheid' nog lang niet gehaald, zegt hij. De werkloosheid in Oost-Duitsland stijgt dramatisch, de gezondheidszorg is niet meer gratis tot goedkoop en holt in kwaliteit achteruit, de DDR-economie is ontmanteld, van gelijke rechten voor man en vrouw komt niets terecht, de Duitse eenwording is veel te snel gegaan en in het Duitse eenheidsverdrag ontbreekt een duidelijke afwijzing van het fascisme, zo licht hij toe.

Aangrijpender dan deze klachten is de beknopte levensschets die Modrow van zichzelf geeft. Hij heeft als jongen de laatste vier maanden van de oorlog in uniform doorgebracht en zat daarna vier jaar in Russische krijgsgevangenschap. 'Vervolgens was ik veertig jaar overtuigd DDR-burger', zegt hij, 'maar dat is nu allemaal geschiedenis.' Zo is het, niet slechts voor Modrow, maar ook voor miljoenen andere (oudere) Oostduitsers. Een nog juist middelbare man in smoking monstert even later in de parkeergarage mijn conventionele kleding en vraagt: 'Was u daar bij die communisten?' Hij krijgt geen antwoord.