Luns vraagt oud-collega Udink mee naar Bagdad

DEN HAAG, 24 nov. Dr. J. M. A. H. Luns heeft zijn oud-collega drs. B. J. Udink gevraagd hem te vergezellen op zijn reis naar Bagdad om de Nederlandse gijzelaars vrij te krijgen. Udink zei de uitnodiging van Luns in overweging te nemen. 'Het is een delicate aangelegenheid. Ik sta niet te springen, maar de heer Luns staat nu eenmaal voor deze taak', aldus Udink.

Udink was van 1967 tot 1971 minister voor ontwikkelingshulp in het kabinet-De Jong; Luns was toen minister van buitenlandse zaken. Na de val van het tweede kabinet-Biesheuvel in 1973 stapte de nu 64-jarige Udink over naar het OGEM-concern. In 1978 werd hij voorzitter van de raad van bestuur; vijf jaar later ging OGEM failliet. Sindsdien woont Udink in Belgie.

De reacties op de uitnodiging van Luns om Udink mee te nemen waren gisteravond verdeeld. CDA-fractievoorzitter Brinkman beklemtoonde namens alle fractievoorzitters dat het hier gaat om een missie van Luns. Brinkman zal over de Udink-optie nog overleg voeren met Luns.

Het familiecomite 'Gijzelaars Vrij' ondersteunt de wens van Luns om Udink mee te willen nemen naar Irak.

Pag. 3: 'Missie-Luns niet in strijd met EG'

Het vertrek van de missie-Luns zal nog wel enkele dagen duren. Gisteren hebben de oud-ambasadeurs mr. J. G. N. de Hoop Scheffer en mr. Ch. Rutten met de Iraakse ambassadeur in Den Haag een eerste gesprek gevoerd over de voorwaarden waaronder de missie-Luns zou kunnen vertrekken.

Voor de VARA-radio zei Rutten dat 'met de Iraakse ambassadeur is gepraat over de voorwaarden waaronder de missie-Luns zou kunnen vertrekken. Onze informatie gaat nu via de ambassadeur naar Baghdad. Voordat daar antwoord op komt zijn we een paar dagen verder'.

Op zijn wekelijkse persconferentie zei premier Lubbers dat de missie-Luns niet in strijd is met de afspraken die op de EG-top in Rome zijn gemaakt over dergelijke initiatieven. Lubbers benadrukte dat het om een huimanitaire misie gaat. Met de keuze van Luns is volgens Lubbers ook voldaan aan de voorwaarde dat het moet gaan om iemand die op grote afstand staat van de actieve politiek.

Lubbers sprak zijn waardering voor het feit de fractievoorzitters in de Tweede Kamer erin zijn geslaagd een persoon voor de missie te vinden die niet politiek actief meer is, maar wel beschikt over 'een zeker innerlijk gezag'. Het kabinet heeft daarom zijn bezwaren laten varen. 'We moeten de zaak niet willen bevaderen', aldus Lubbers.

De premier wilde geen uitspraaak doen over de vraag of Nederland eventueel beperkte humanitaire hulp zal geven in de vorm van medicijnen, in ruil voor de gijzelaars. Lubbers noemde het onverstandig daarover uitspraken te doen nog voordat er onderhandelingen zijn gevoerd.

Over het vergezellen van Luns door oud-minister Udink zei woordvoerder dominee Wouters van het comite 'Gijzelaars vrij': 'We steunen dat Udink meegaat, enerzijds omdat hij veel afweet van het Midden-Oosten, anderzijds omdat Luns en Udink kennelijk vrienden zijn, waardoor goed kan worden samengewerkt in het belang van de Nederlandse gijzelaars.'

Wouters zei Luns gisteravond nog telefonisch te hebben gesproken. Daarbij was de vraag aan de orde gekomen of Luns al dan niet prijs stelt op een afvaardiging van het familiecomite in de missie van Luns naar Baghdad. 'Luns staat daar volstrekt neutraal tegenover. Hij legt een besluit daarover liever in handen van Brinkman', aldus Wouters.

Van Brinkman kreeg Wouters de belofte dat het familiecomite wordt betrokken in de personele invulling van de missie-Luns. 'Een en andermaal heeft Brinkman mij, mede namens zijn collega-fractievoorzitters in de Tweede Kamer, beloofd dat in onderling overleg tussen hem, Luns en ons wordt bepaald of wij al dan niet meegaan. Leidt dat tot het besluit dat wij beter niet mee kunnen gaan, dan hebben wij daar vrede mee. Het gaat tenslotte niet om ons belang, maar om dat van de gijzelaars. Indien wij als familiecomite echter buiten zo'n besluit worden gehouden, zijn wij uiterst teleurgesteld. Niet alleen omdat het haaks staat op de belofte van Brinkman, maar ook omdat wij menen een dergelijke behandeling niet te verdienen', aldus Wouters.