Kritiek op minister om aanpak gijzelaarszaak

DEN HAAG, 24 nov. Het ministerie van buitenlandse zaken heeft tijdens de Iraakse gijzelingszaak korte tijd zware kritiek te verduren gehad van andere ministeries over de wijze waarop het met de familieleden in Nederland omging. In het bijzonder een bijeenkomst met bijna tweehonderd familieleden op het departement in Den Haag werd in strijd geacht met de regel beleidsmakers niet in direct contact met gedupeerden te brengen.

Tijdens die bijeenkomst, op de avond van 30 oktober in de grote kantine van het ministerie van buitenlandse zaken, gaf minister Van den Broek een uiteenzetting van zijn beleid aan de familieleden. Hij vroeg begrip voor zijn standpunt geen regeringsmissie naar Bagdad te sturen. Die zou hooguit een deel van de gijzelaars mee terug krijgen, zodat het voor de achterblijvers nog moeilijker werd en bovendien zou Saddam Hussein met de komst van allerlei missies nog verder in zijn houding volharden.

In het bijzonder bij Sociale Zaken en bij WVC, waar de staatssecretarissen Ter Veld en Simons door Van den Broek bij de bijeenkomst werden betrokken, werd het feit gekritiseerd dat de minister 'macro-beleid' wilde uitleggen aan moeders die gewoon bang waren voor hun kinderen in Irak. 'Je gaat toch ook niet over je bezuinigingsbeleid in de gezondheidszorg praten met iemand die net aan een hart-longmachine moet om in leven te kunnen blijven', werd aan medewerkers van Van den Broek gezegd.

Ter Veld en Simons namen onder protest aan de bijeenkomst deel, maar zij wilden niet het woord voeren. De familieleden zelf waren minder kritisch over de soms nogal emotionele bijeenkomst in Den Haag. 'Het was de eerste keer dat we op grote schaal met elkaar in contact kwamen. Het positieve was dat we de koppen bij elkaar konden steken en we ons realiseerden dat we zelf iets moesten ondernemen', zegt ds. D. N. Wouters van het comite 'Gijzelaars vrij' daarover. Dat comite werd die avond opgericht.

Behalve bij deze bijeenkomst met de familieleden zijn gedurende de nu 115 dagen durende gijzeling nauwelijks andere ministeries bij de zaak betrokken geweest dan dat van buitenlandse zaken. Ook premier Lubbers en vice-premier Kok, die regelmatig door Van den Broek worden geinformeerd, zijn tot nu toe bij slechts een gelegenheid actief geworden. Met hun drieen hebben zij begin november een mislukte poging ondernomen om van de missie van oud-bondskanselier Brandt een VN-missie te maken.

Pag. 2: Reconstructie