Philippe Labro over de oorlog; Boven vieren de officieren feest

Philippe Labro: Le petit garcon.on. Uitg. Gallimard, 301 blz. Prijs fl40,35.

Philippe Labro, journalist en cineast, is de laatste jaren vooral op de voorgrond getreden als schrijver van een tweetal heldere en elegant geschreven autobiografische romans die zich afspelen in de Verenigde Staten. Na zijn middelbare school kreeg Labro een beurs voor een jaar studie aan de University of Virginia, en aan het einde van dat jaar besloot hij om naar het Westen te trekken en daar met werk voor de US Forest Service voldoende geld te verdienen om zijn studie nog een jaar te kunnen vervolgen. L'etudiant etranger en Un ete dans l'ouest, de romans over deze periode, heb ik met veel plezier gelezen. Het zijn onderhoudende boeken waarin de fantasie van de schrijver naar men mag aannemen af en toe de werkelijkheid te hulp komt om het verhaal zijn vaart te laten behouden.

Met het onlangs verschenen Le petit garcon on duikt Labro verder terug in hverleden. Nu schrijft hij wat men kan beschouwen als het eerste deel van de trilogie over zijn jonge jaren. Durfde hij de confrontatie met zijn puberteitsjaren niet eerder aan, of voerden de Amerikaanse herinneringen hem als het ware vanzelf terug naar de periode die daar onmiddellijk aan voorafging?

Misschien was er voor het boek een directe aanleiding. In de epiloog vertelt Labro over een recente ontmoeting met iemand op een receptie. Zijn voornaam, Maurice, 'opende de sluisdeuren van mijn verleden, die onuitputtelijke rivier waarin ik kopje onderging'. Ook in de allerlaatste Apostrophes van Pivot, de afgelopen zomer, zei Labro, geheel in stijl, dat hij 'nostalgie' het mooiste woord vond van de Franse taal.

De gebeurtenissen in het boek spelen zich voor het grootste gedeelte af tijdens de Tweede Wereldoorlog. Philippe's vader, een geslaagde jurist, verhuist tegen het einde van de jaren dertig, als de oorlog dreigt, met zijn gezin - een veel jongere vrouw en zeven kinderen, waarvan Philippe de jongste is - uit Parijs naar een provincieplaats in het zuidwesten van Frankrijk. Men mag aannemen dat het Montauban is, omdat Labro daar werd geboren, maar dan wringt het autobiografische element, want het boek suggereert Parijs als plaats van herkomst. Zij bewonen een landhuis dat bekend staat als de Villa, en hun verblijf lijkt een grote idylle, zelfs in de eerste jaren van de oorlog als de bezetting zich nog beperkt tot het noorden. De kinderen gaan naar school, spelen om het huis en noteren hun avonturen en invallen in een gezamenlijk dagboek, het 'Album'. De vader heeft zijn praktijk opgegeven en brengt zijn tijd lezend en schrijvend door in zijn bibliotheek en staat af en toe mensen te woord die hem om raad komen vragen. Soms zijn het politieke vluchtelingen en in dat geval helpt hij hen onderduiken of we zien hen terug in de buurt van de Villa, als tuinman, zoals de Oostenrijkse anti-nazistische democaat meneer Germain, of als hulp in de keuken, zoals de joodse Dora uit Duitsland.

Als na november 1942 de Duitsers ook de Vrije Zone bezetten, wordt de situatie grimmiger. Veel mannen, onder wie Philippe's oudste broer Antoine, verdwijnen in het verzet. Bij een razzia door de militie wordt meneer Germain gegrepen en op transport gesteld naar de concentratiekampen ('Vergeet nooit kinderen dat het de Franse politie is geweest die meneer Germain op de trein heeft gezet, ' zal de vader zijn kinderen als wijze les meegeven) en, een 'blessing in disguise', een SS-generaal laat zich inkwartieren in de Villa, waardoor deze onaantastbaar wordt voor de speurneuzerij van de militie. Zo kon een compleet joods gezin, met hun zoontje Maurice, in een kelder ondergedoken zitten, terwijl boven hun hoofd de generaal en zijn officieren luidruchtig feestvierden aan de vooravond van hun vertrek naar het front in Normandie.

Vader

Het was natuurlijk een bewogen tijd, maar wat die voor 'le petit garcon'ovooral onvergetelijk maakt was de houding van de vader die tegenover de gebeurtenissen 'een mengeling van fatalisme en rationaliteit ten toon spreidde die hem in staat stelde zich staande te houden', en daardoor voor zijn gezin en directe omgeving een klimaat schiep waarin ieder, van groot tot klein, in een haast vanzelfsprekende rust zijn taak kon vinden. De oorlog was er wel, maar binnen de Villa gold slechts het gezag van de vader en daar konden zelfs militie en SS-generaals niets aan veranderen. Zijn voorbeeld was doorslaggevend en zo moest het ook zijn, want waar het volgens hem op aan komt in het leven is dat goede voorbeeld en een oordeel dat gebaseerd is op eigen ervaring. Daarom de les over het gebeurde met meneer Germain, en daarom vooral ook die keer dat hij de kinderen meenam naar het marktplein om hen te laten zien hoe vier partizanen door de Duitsers waren opgehangen.

Le petit garcon on is in dezelfde heldere en zorgvuldige stijl geschreven ade 'Amerikaanse' boeken van Philippe Labro, maar het krijgt enige meerwaarde door de gevoeligheid waarmee het onderwerp wordt behandeld. Het valt moeilijk te zeggen in hoeverre het boek berust op ware feiten. Ook hier zal Labro ongetwijfeld af en toe weer een beroep hebben gedaan op zijn fantasie. Maar ik kan me niet voorstellen dat dat het geval is bij het tekenen van het portret van zijn vader. Zoveel liefdevol begrip verzin je niet, ook al niet omdat een wat boosaardiger beschrijving voor een zoon over het algemeen wat gemakkelijker ligt.

Nee, er lijkt niet aan te ontkomen dat we in het geval van Labro te maken hebben met het ongebruikelijke fenomeen van een kunstenaar die een gelukkige jeugd heeft gehad. Dat juist hij 'nostalgie' het mooiste woord vindt uit de Franse taal, is dus alleen maar een passende constatering.