Oorlog staat ver af van VS-soldaat op vliegveld Ypenburg

YPENBURG, 23 nov. - Roze lak zit nog bijna onbeschadigd op de nagels van de Amerikaanse kapitein Barbara Jacobsen. Een fel contrast met haar grillig bedrukte tenue in legerkleuren. Vrijdag werd ze opgeroepen voor de operatie 'Deforger/Desert Shield'. Zondag zat ze in het vliegtuig naar Nederland om te assisteren bij het transport van Amerikaans legermaterieel uit Duitsland naar de Golf.

Jacobsen wisselt haar ervaringen uit met twee andere vrouwen die een dag eerder arriveerden. Door de viering van Thanksgiving Day, gisteravond in een versierde vliegtuighangar, is er even tijd voor een ongedwongen gesprek. Ze missen hun kennissen en familie, maar zijn tegelijkertijd opgewonden over hun 'trip' naar Nederland. Dat ze ondersteuning verlenen aan de voorbereidingen van een mogelijke Golfoorlog, staat ver van ze af. 'Het is net een normale oefening', zegt Jacobsen. Maar ze voegt er meteen aan toe blij te zijn in Holland te zitten, niet in Saoedi-Arabie.

De Amerikanen hebben voor de operatie Deforger ongeveer vijfhonderd mannen en vrouwen in Nederland gestationeerd. Ze verblijven hoofdzakelijk in de zes enorme loodsen op de vliegbasis Ypenburg. Tot in de wijde omgeving is de waterleiding afgetapt om de douches van water te voorzien. De meeste militairen zijn reservist. Sommigen zijn al grijs en directeur van een groot bedrijf, anderen net een jaar afgezwaaid.

De reservisten coordineren het legertransport door Nederland en worden ingezet bij het lossen van de treinen en laden van de schepen volgens een rooster van twaalf uur op twaalf uur af. Met elke trein vanuit Duitsland komen enkele daar gelegerde beroepsmilitairen mee. Dat zijn er nu ongeveer tachtig. Het complete zevende legerkorps van de Amerikaanse landmacht in Stuttgart wordt verplaatst naar Saoedi-Arabie. Maar het gros van de 50.000 militairen, een aantal vergelijkbaar met de helft van de Nederlandse landmacht, gaat per vliegtuig naar de Golf.

Kapitein Larry O. Gissentana is piloot. Gisterochtend heeft hij zijn helikopter naar de Rotterdamse haven gevlogen. Binnenkort vertrekt hij naar de Golf. Hij wordt niet warm of koud van die gedachte. Onverstoorbaar eet hij zijn traditionele Thanksgiving-diner: kalkoen en appeltaart. 'Ik ben goed getraind, ik zal daarginds slapen, eten, wachten en doen wat me gezegd wordt.' Gissentana wil niet dat het oorlog wordt. Maar daar gaat hij niet over: 'Of er oorlog komt beslissen de politici.' Toch anticipeert hij er wel een beetje op. 'Je hebt wat angsten, denkt nu en dan aan de dood. Maar met hard werken houd je die gevoelens er onder.' Gissentana ziet op tegen al het zand in de Saoedische woestijn. 'Het wordt er minder leuk op. Maar pas als het eerste schot gelost wordt, is het menens.'

Piloot Bruce T. Wydick vloog met zijn 'heli' gisterochtend vlak achter zijn meerdere aan. 'Ik heb voor het eerst een molen in het echt gezien', vertelt de Amerikaan uit Washinton DC. In juni van het volgend jaar zou hij terug gaan naar de Verenigde Staten. Maar die plannen zijn gewijzigd, Wydick gaat naar Saoedi-Arabie. Zijn ouders heeft hij dat nieuws nog niet geschreven. 'Ik wil geen onrust zaaien', is Wydicks verklaring. Alleen een broer is op de hoogte.

Wydick kan zich weinig voorstellen bij de woestijn en de omstandigheden waarin de Amerikanen daar gelegerd zijn. Dat het geen oefening is maar een serieuze operatie, verhoogt de motivatie, denkt hij. 'Je houdt je uitrusting beter bij, je traint wat meer, je doet alles een beetje meer.' Hij heeft vrienden die al daar zijn, collega-piloten hebben er eveneens bekenden. Maar onderling wordt weinig over de Golfcrisis gepraat. Hoogstens worden grapjes gemaakt tegen elkaar: 'Houd nu maar op met lijnen, want die kilo's verlies je daar wel.'