Klacht Komrij tegen tekstvorser Van Dijk

DEN HAAG, 23 nov. - De auteur en columnist Gerrit Komrij wil dat het openbaar ministerie in Amsterdam de hoogleraar tekstwetenschappen Teun A. van Dijk strafrechtelijk vervolgt.

Komrij dient bij de hoofdofficier van justitie mr. C. van Steenderen een klacht in tegen Van Dijk omdat deze zich volgens hem schuldig heeft gemaakt aan smaad dan wel belediging. 'De belangrijkste smadelijke aantijging is dat Van Dijk Komrij heeft beticht van elitair racisme', zegt de raadsman van Komrij de Haagse advocaat mr. G. Spong.

Van Dijk maakte begin deze maand bekend dat hij via tekstanalyses had vastgesteld dat een recent onder het pseudoniem Mohamed Rasoel verschenen boek 'De ondergang van Nederland', waarin wordt gewaarschuwd tegen de toenemende invloed van de islam in Nederland, niet zoals tot nu toe wordt verondersteld geschreven is door een Pakistaanse variete-artiest. Komrij zou, geinspireerd door de Rushdie-affaire, het boek hebben vervaardigd, aldus Van Dijk.

Komrij voelt zich door deze beschuldiging 'in zijn eer en goede naam aangetast'. Het stoort hem bovendien dat Van Dijk in een interview in de Haagsche Courant heeft gezegd niet bang te zijn dat hij zich aan smaad schuldig maakt omdat hij betwist dat Gerrit Komrij een eer en goede naam zou hebben. Spong zegt dat voor het indienen van een strafklacht is gekozen omdat 'het strafrechtelijk wapen een grote vergeldende impact heeft'. Als de strafrechter tot een veroordeling komt van de professor overweegt Komrij langs civiele weg schadevergoeding te eisen van Van Dijk.

De in Portugal wonende schrijver zegt dat het hem niet kan schelen dat hij in zijn leven 'al vaker voor het een en ander is uitgekreten'. Het gaat hem echter te ver dat een wetenschapper hem 'op basis van lucht en verzinsels' een racist noemt. Komrij betwist ook voor het eerst expliciet dat hij het omstreden boek heeft geschreven. Wel zegt hij 'reuze benieuwd te zijn naar het boekje dat ik geschreven zou hebben'.

'Er zijn grenzen aan wat een mens zich kan laten welgevallen. Het zou mij ongetwijfeld meer opluchting hebben bezorgd als ik in de gelegenheid zou zijn geweest Van Dijk een slagroomtaart in zijn gezicht te duwen maar ik zit hier nu eenmaal op enige afstand', aldus Komrij.

Van Dijk zegt 'hogelijk verbaasd' te zijn over de strafklacht. Hij is wel blij dat er nu voor de rechtbank een forum wordt gecreeerd om over zijn beweringen te discussieren.