De ingewikkelde redeneringen van Guido Morselli; Er is iets onverklaarbaars gebeurd

Guido Morselli: Dissipatio H. G./De verdamping van de menselijke soort. Vert. Els van der Pluym. Uitg. Wereldbibliotheek, 175 blz. Prijs fl. 24,50.

Wat doet iemand die ontdekt dat opeens al zijn medemensen in het niets zijn verdwenen?

De hoofdpersoon van het boek dat is verschenen onder de dubbele titel Dissipatio H. G./ De verdamping van de menselijke soort komt, na op het laatste moment te hebben afgezien van een zelfmoordpoging, heel geleidelijk tot de ontdekking dat de mensheid spoorloos verdwenen is. Al te geleidelijk, zou ik haast zeggen, maar deze 'ik' is een in afzondering levend man - net als de auteur van het boek, de in 1973 overleden Guido Morselli. Zelfs na zijn bezoek aan een verlaten stad en aan een verlaten luchthaven verbaast het hem dat hij geen schildwachten aantreft in de wachthokjes bij een Amerikaanse legerbasis, en veronderstelt hij: 'vanwege de tijd van de dag'. Of: 'Americans did go home'. Is dit flauw of naief?

Dit boek is te makkelijk, meen ik na zestig bladzijden te mogen constateren. Het biedt te weinig verrassingen. En uiteraard geen conflicten, want met wie zou de 'ik', die ik zoals later blijkt August Hermann mag noemen, in botsing kunnen komen? Hij moet het verder maar doen met zijn twijfel. Twijfel aan alles, want er is iets onverklaarbaars gebeurd, en als zoiets kan, is de logica zoek. En overbodig, want de mens is overbodig, redeneert AH. Met het milieu gaat het overigens goed. Dat terzijde.

Op bladzijde 68 komt de aap uit de mouw, en wordt ook AH's hardnekkige zoektocht naar medemensen verklaard. Hij wil er zeker van zijn dat zijn twijfel aangaande het bestaan van de anderen, zijn solipsisme gegrond is. Dat is de werkhypothese van het boek. Van hier af wordt DHG dan ook een beschouwing over de werkelijkheid, de rede en het irrationele. AH begint te zoeken naar een bovennatuurlijke verklaring, hij veronderstelt dat hij zich in een andere, te weten een 'metapsychische' dimensie bevindt.

Volgt een lange reeks andere veronderstellingen waarover men zich eerst het hoofd kan breken en die men vervolgens aanvechtbaar, onbegrijpelijk of ronduit onzinnig kan vinden; maar dan blijkt een alinea verderop dat de schrijver die veronderstellingen zelf ook verwerpt, dus al die hoofdbrekens voor niets.

Wanhoop

Een willekeurig voorbeeld: 'Immanentie in antropologische zin is een wet waaraan niet te ontkomen valt, net zomin als vroeger aan immanentie in idealistische zin.' Volgt een lange alinea met reusachtige gedachtensprongen. In de volgende alinea: 'Als het erop aan komt geloof ik niet in de immanentie.'

Hersenschim

Morselli heeft behalve een aantal essays zeven romans geschreven met fantastische politieke, historische en sociologische uitgangspunten, zoals zijn Roma senza papa, over de uiterste consequenties van de vernieuwingen in de katholieke kerk, of Contropassato prossimo, over een andere afloop van de Tweede Wereldoorlog. Hij wordt beschouwd als een geestig auteur. Toch geloof ik niet, dat Dissipatio H. G. ironisch kan worden opgevat.

Alles wat AH zegt, trekt hij terug. Voortdurend is hij met zichzelf in discussie. Hij hecht zelf geen enkel geloof aan wat hij beweert. Een wanhopig boek dus? Nee, zelfs zijn wanhoop moet hij terugtrekken.

Steeds duidelijker blijkt dat elke redenering in dit boek een drogredenering is, dat elke waarneming een hersenschim kan zijn van de tobberige, angstvallige, neurotische en eenzelvige hoofdpersoon. Hij herinnert zich de mensen alleen maar, en dan nog voornamelijk mensen die hij op papier heeft gekend, zoals Marcuse, Durkheim, Trotski, Lenin, Borges, Barthes, Charles Reich, Bach, Penderecki, Gropius, Molieres Mensenhater, Hegel, Hamlet, Gauguin, Thoreau, Enzensberger, Iamblichus (van wie de titel afkomstig is), Salvianus, Lytton Strachey, Dostojevski, Gandhi, Freud - en August Hermann Francke, de beroemde pedagoog naar wie AH is genoemd.

Zijn persoonlijke herinneringen hebben vooral betrekking op gesprekken met zijn psychiater Karpinsky, die verdacht veel op Jezus Christus lijkt.

Uiteindelijk komt het neer op een beschouwing over solipsisme, op een vorm van sociologie, eenpersoons sociologie wel te verstaan, waarbij AH wel van alles en nog wat in zijn overwegingen betrekt, van het Leven en de Dood tot persoonlijke problemen met een uitgever.

Zelf moet hij zijn door hemzelf ontmaskerde filosofische redeneringen logicismen: ze slaan nergens op, zijn onschadelijk; hebben niets te maken met de beschouwende rede. Inderdaad, het zijn riskante spelletjes met de logica, die lijken te duiden op een begin van krankzinnigheid.

Philosophaillerie

Op het omslag van Dissipatio H. G. staat 'roman'. Er wordt van de lezer dus geen wetenschappelijke specialisatie vereist. Al treden tal van geleerden voor het voetlicht, de lezer hoeft geen filosoof, psycholoog of socioloog te zijn. Maar ik kan me niet herinneren ooit zo'n moeilijk, ondoorzichtig boek te hebben gelezen, juist als gevolg van de zevenmijls gedachtensprongen en sofismen. Door datgene wat AH - Morselli zelf? - 'philosophaillerie' noemt. In ieder geval moet de lezer voor het begin van de tientallen onvertaalde citaten over een behoorlijke kennis van het Latijn beschikken.

Dissipatio H. G. is ook een moeilijk boek om te vertalen. Merkwaardig genoeg is de vertaling beter geslaagd in het beschouwende deel dan in de eenvoudige, verhalende passages. Afgezien van een paar klassieke vergissingen, uitdrukkingen als 'zeker weten' en ongelukkige zinnen als 'Op bed liggend - leek het gedoe - me niet geensceneerd' of '- dat begreep ik, was me ervan bewust en gelukkig'. lijkt het me een verdienstelijke vertaling van een niet gemakkelijk boek.

Tegen het slot vraagt AH zich af hoe groot de kans zou zijn dat hij een nieuwe zelfmoordpoging zou wagen. 'Nihil, zeg ik tegen mezelf. Want zelfmoord vereist een meewerkend voorwerp, of meerdere. Iemand die we besluiten te straffen -'.

Het boek dateert van 1973. In hetzelfde jaar heeft de auteur zelfmoord gepleegd. 'Zijn romans werden alle afgewezen door verscheidene uitgevers aan wie ze via via werden voorgelegd, en de aanhoudende afwijzingen dreven M. tot zelfmoord.' Zo staat het in mijn encyclopedie.

Een eenvoudige, misschien al te eenvoudige verklaring. Na zijn dood werd zijn literaire werk snel gepubliceerd.

    • Anton Haakman