Eerstejaars student laat vaak geheel verstek gaan

ROTTERDAM, 22 nov. Jaarlijks beginnen zo'n 15.000 van de 95.000 eerstejaars studenten niet aan de studie aan een universiteit of hogeschool waarvoor zij zich hebben ingeschreven. Een groot deel laat geheel verstek gaan, anderen volgen een andere opleiding of studeren elders.

Het percentage van de 'echte' studenten dat aan universiteiten en hogescholen afstudeert is daardoor hoger dan de ongeveer 65 procent die tot dusver wordt geregistreerd. Dit blijkt uit een nog niet gepubliceerd onderzoek van het Amsterdamse Centrum voor onderwijsonderzoek (SCO).

Uit onder meer een enquete onder studenten van acht studierichtingen die in 1982 en in 1986 met hun opleiding begonnen blijkt dat aan de universiteiten zo'n 15 tot 20 procent van de studenten na een jaar nog geen enkel studiepunt heeft gehaald. Aan de hogescholen komen de onderzoekers tot ruim dertig procent, maar daarbij wordt aangetekend dat dit het gevolg kan zijn van de andere opbouw van de studie.

Ruim zestig procent van de studenten aan de hogescholen heeft na het eerste jaar al een kwart behaald van het voor de hele studie benodigde aantal punten. Aan de universiteiten is dat nog geen twintig procent. De percentages lopen bij de onderzochte studierichtingen en instellingen aanzienlijk uiteen.

Volgens de onderzoekers moet het ontbreken van elk studieresultaat in het eerste jaar vooral worden geweten aan het 'no-show'-verschijnsel. Deze term wordt in de luchtvaart gebruikt voor passagiers die wel boeken maar niet komen opdagen. Volgens de onderzoekers moet bij het berekenen van het rendement van een opleiding met dit verschijnsel, waarvan de omvang per jaar, studierichting en instelling wisselt, rekening worden gehouden. Anders verliezen de rendementcijfers van een studie hun waarde.

SCO onderzocht in opdracht van minister Ritzen (onderwijs) of het mogelijk is universiteiten en hogescholen te financieren op grond van de jaarlijkse studieprestaties. De onderzoekers concluderen dat dit niet eenvoudig zal zijn. Volgens het centrum laat de nauwkeurigheid van de studentenadministraties veel te wensen over.