Claypool kruipt virtuoos in vele huiden

Concert: Primus. Met: Les Claypool (bas, zang), Larry La Londe (gitaar), Tim Alexander (drums). Gehoord: 20/11 Paradiso, Amsterdam. Nog te horen: 22/11 Nijmegen, 23/11 Utrecht, 24/11 Rotterdam, 25/11 Eindhoven, 26/11 Enschede.

Na een jarenlang anoniem bestaan als een van de wandelende oogbollen van The Residents, laat zanger en bassist Les Claypool zijn gezicht zien bij het Californische trio Primus. Hij zal het wel nooit toegeven The Residents zijn immers in mysterie gehuld maar zijn nasale stem en het dik aangezette zuidelijk accent zijn onmiskenbaar die van Hank Williams; een van de kopstukken uit de Amerikaanse muziekgeschiedenis die The Residents eer bewezen in hun lp-reeks American Composers Series.

The Residents vervormden hun stemmen en haalden de muziek van onder anderen James Brown en George Gershwin op niets ontziende wijze door de mangel. Primus, op gitaar collectief een leerling van virtuoos Joe Satriani, moet het echter minder hebben van goedkoop effectbejag en meer van werkelijk muzikale merites.

De verleiding is groot het trio te etiketteren met het oubollige begrip fusion: de muzikanten schamen zich niet hun instrumentale vaardigheden uitgebreid te tonen en er elementen van jazz, rock, funk en volksdeuntjes in te verweven. Hoewel er ook ingewikkelde tempowisselingen plaatsvinden, onderscheidt Primus zich van vervelende jazzrockers als Jaco Pastorius of John McLaughlin door korte nummers, aanstekelijke dansritmes en een forse dosis humor.

Claypools bijtende humor doet soms denken aan Frank Zappa, terwijl hij met ritmische spreekkoren een persiflage lijkt te willen leveren op het opgefokte stacato-rijm van de meeste rappers. Als Mr. Knowitall kruipt hij in de huid van de arrogante wijsneus die zijn tekst afratelt met de subtiliteit van een motormaaier. Ook als podium-persoonlijkheid steekt Claypool met zijn ontbloot bovenlijf en malle petjes de draak met het heldhaftige imago van de stereotiepe rockheld. Intussen speelt hij een partij bas waar Sting en Henny Vrienten jaloers op mogen zijn, in een muzikaal raamwerk dat ruimte laat voor lucht, licht en fantasie.

Origineel als Primus mag zijn, bestaan er toch denkbeeldige lijnen naar andere cruciale rockgroepen zoals Living Colour en Faith No More vanwege de creatieve manier waarop wordt omgesprongen met de regels van de afzonderlijke genres die de groep samensmeedt. In een club als Paradiso heeft die verfissende aanpak nog meer effect dan op het Metropolis festival van afgelopen zomer, waar Primus ook al opviel als een groep die niet alleen grensverleggend, maar ook uitermate vermakelijk te keer gaat. Het zou me niets verbazen, als Claypools karakteristieke stem ooit nog in Residents-vermomming opduikt.