Spitstoeslag

OM DE AUTOMOBILIST ertoe te bewegen wat vaker zijn auto te laten staan (en dan niet in de file) 'staan mij absoluut geen maatregelen voor ogen waarbij van fysieke dwang gebruik wordt gemaakt'.

Dit liet minister Maij-Weggen (verkeer en waterstaat) gisteren schriftelijk aan de Tweede Kamer weten. Het stemt dus gerust dat de bewindsvrouw in elk geval niet van plan is met de automobilist op de vuist te gaan om haar doel te bereiken. Ze komt daarentegen wel aan zijn portemonnee. De introductie van de spitstoeslag op de motorrijtuigenbelasting is daarvan een voorbeeld.

Het doel is de files te verkleinen en het milieu te dienen. Daartoe moet het openbaar vervoer worden verbeterd. Wie in sommige treinen (tijdens de spitsuren) de volgepropte gangpaden regelmatig aanschouwt, beseft dat hier niet sprake is van een overbodige luxe. Het alternatief voor de automobilist die op grond van de spitstoeslag zijn auto in de garage houdt is niet zonnig.

Het beste argument voor deze extra heffing op de motorrijtuigenbelasting is dan ook dat er geld nodig is voor de verbetering van het openbaar vervoer: financiele ruimte die het kabinet zichzelf, onder druk van de Tweede Kamer, recentelijk heeft ontnomen door grotendeels af te zien van de eerder voorgenomen verhoging van de benzine-accijns.

VASTGESTELD KAN WORDEN dat de beste methode tot beperking van het autogebruik een prijsmechanisme is dat vooral het rijden duurder maakt en niet het bezit. Van de spitstoeslag kan worden gezegd dat het maar gedeeltelijk aan dit mechanisme beantwoordt. Het treft bovendien onevenredig degene die voor zijn woon-werkverkeer bij gebrek aan goed openbaar vervoer niet over een redelijk alternatief beschikt.

Het verdient daarom aanbeveling te blijven streven naar maatregelen, accijnsverhogingen of andere, die primair gericht zijn op een vermindering van het aantal kilometers dat de automobilist wenst af te leggen.