KOK KLEM

De conjunctuurhemel betrekt; de kapitein van Financien spreekt de manschappen toe; hij ziet zwaar weer aan de einder. Ieder ander zag dat al een paar maanden aankomen, maar nu de kapitein het ook ziet wordt het menens.

Je kunt in een economie een particuliere en een publieke sector onderscheiden. In die twee sectoren worden de goederen en diensten geproduceerd die samen de nationale produktie vormen. Bij het produceren wordt het nationaal inkomen verdiend. De publieke sector trekt een stuk van dit nationaal inkomen naar zich toe: door belastingen te heffen en door premies voor de sociale verzekeringen te innen. Voor het gemak doen we even of belastingen en premies in dezelfde staatskas vloeien. In werkelijkheid is het wat onhandiger ingericht. Met het geld uit de belasting-en-premiepot koopt de overheid dingen die nodig zijn voor de economie van het land (wegen, onderwijs, defensie, milieureparatie enzovoorts). Daarmee zijn tienduizenden ambtenaren dagelijks in de weer. Ook hun salaris komt uit die pot. Evenals huursubsidies, studiebeurzen en uitkeringen. En, niet te vergeten, de rente en aflossing van de staatsschuld.

Als het goed gaat met de economie, dus als er flink wordt geproduceerd en veel verdiend, dan raakt ook die belasting- en premiepot lekker gevuld. We betalen immers een percentage belasting over loon, inkomen, winst en vermogen. Ook de premies worden als percentage van loon en inkomen geheven. De omzetbelasting brengt meer geld in de schatkist naarmate er meer wordt omgezet. Ook aan de uitgavenkant heeft de publieke sector belang bij een zonnig weertje. Hoe meer er wordt geproduceerd, des te meer banen zijn er. En des te minder wordt er een beroep gedaan op werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen en dergelijke.

Prachtweer

We hebben nu een stuk of zes jaren prachtweer achter de rug. Jaren waarin je mag verwachten dat de belastingen rijkelijk binnenstromen en de vraag naar uitkeringen en subsidies netjes terugloopt. Jaren waarin de minister van financien een spaarpotje heeft gevormd voor slechte tijden... ...

Vergeet het maar. Inderdaad is er een mooi bedrag aan belastingontvangsten binnengekomen. Maar, alle goede bedoelingen ten spijt, zijn de regeringen-Lubbers I tot en met III er niet in geslaagd de uitgavenkant van de publieke financien te temmen. Integendeel, de overheid komt elk jaar nog steeds geld tekort. Om dit tekort te financieren moet worden geleend en dat vergroot de overheidsschuld. Intussen is een zo grote schuld opgebouwd, dat de rentelast daarvan de overheid in een wurggreep houdt.

Ondanks de meezittende conjunctuur zijn we er niet in geslaagd het aantal uitkeringsgerechtigden flink te verkleinen. Dat komt doordat in ons sociale zekerheidssysteem allerlei verkeerd-om werkende financiele prikkels zitten. Het stelsel zit zo in elkaar dat uitkeringsontvangers in veel gevallen hun inkomen zien dalen als ze een officiele baan nemen. Dat is nogal een rem op om-, her- en bijscholing en op het weer gaan meedoen op de arbeidsmarkt. We wisten dit allemaal al lang, maar het wordt politiek interessant als de nieuw flinkse regeringspartij zich er openlijk over gaat opwinden. Overigens: wie in die kringen vijfentwintig jaar geleden voorspelde dat bij voorbeeld de WAO-uitkeringen uit de hand zouden lopen, liet men als een rechtse bal links liggen. Op zichzelf goed dat men zich nu op fraude en oneigenlijk gebruik stort. Jammer dat het blijkbaar nog even duurt voordat het stelsel als geheel zo wordt ingericht dat de neiging om een nieuwe baan te zoeken wat groter wordt.

Op ons brood

Intussen zijn wat magerder jaren aangebroken. Jaren waarin produktie en inkomens minder snel groeien dan tot dusver. Minister Kok merkt het al in z'n belastingkas. Daar komt minder binnen dan verwacht. Aan de andere kant voorziet hij dat in een slecht draaiende economie de overheid meer geld kwijt is aan uitkeringen. En op stijgende tekorten zit niemand te wachten. Dat betekent immers nog meer lenen en nog meer rente betalen. Nu wreekt zich dus dat de belastingmeevallers die we in goede tijden kenden, niet zijn gebruikt om schuld mee af te lossen.

Nu krijgen we op ons brood dat we in de tijd dat (bijna) iedereen wel een stootje kon verdragen niet krachtiger in de overheidsuitgaven hebben gesnoeid. Toen hadden we wat subsidies kunnen afschaffen of verlagen. Toen hadden we het aantal uitkeringsgerechtigden sterker kunnen terugduwen.

Kok schrikt er af en toe wakker van: op dit moment snoeien in de uitgaven? Eerst voor tien miljard nieuw beleid op de rails zetten en na een jaar die trein al laten ontsporen? Uitkeringen verlagen als het slecht gaat met de economie? Belastingen verhogen dan? Net op een moment dat produktie en inkomens toch al minder groeien? In een tijd dat we onze tarieven juist moeten verlagen om een beetje in de Europese pas te lopen? En los daarvan: wat zou de oude mijnheer Keynes ervan zeggen. Die had ons nog zo geleerd dat de overheid in slechte tijden de belastingen moet verlagen en de uitgaven verhogen. Daarvoor is vandaag dus absoluut geen ruimte. In het komende jaar wordt steeds duidelijker dat een partijleider beter niet op Financien kan zitten.