'Gladio-leden wilden actie tegen communisten Italie'

ROME, 21 nov. De kolonel van de Italiaanse militaire geheime dienst die in het begin van de jaren zeventig de leiding had over het verzetsnetwerk Gladio, heeft gezegd dat sommige Gladio-leden sabotage-acties wilden uitvoeren tegen de Italiaanse communistische partij. Om dat te voorkomen werden volgens hem de geheime wapenopslagplaatsen ontmanteld.

Het is voor het eerst dat een van de direct betrokken officieren de vermoedens bevestigt dat leden van Gladio ook de binnenlandse communisten als de vijand beschouwden. De bewuste Gladio-leden zijn volgens deze officier nooit overgegaan van woorden tot daden.

Generaal Gerardo Serravalle was van 1971 tot 1974 als kolonel hoofd van de Vijfde sectie van de afdeling R van de militaire geheime dienst, die toen nog Sid heette. Omdat hij het Gladio-netwerk onder zijn hoede had en wilde weten om wat voor mensen het precies ging, heeft hij op een niet nader aangegeven datum tussen 1972 en 1973 een aantal 'gladiatoren' bijeengeroepen, zo vertelde hij gisteren de parlementaire commissie voor terrorisme en bloedbaden.

De zitting was een paar minuten geheim. De generaal legde toen volgens latere berichten uit dat hij vooral ex-partizanen had uitgenodigd. In het openbare gedeelte herhaalde hij waarom: 'Omdat in de geschiedenis van de Franse Vierde Republiek veel helden van het Verzet zijn overgegaan van de marteling van nazi's in de armen van de OAS', de Franse terreurorganisatie die zich aan het begin van de jaren zestig keerde tegen de Algerije-politiek van generaal De Gaulle.

'De ontmoeting gebeurde in een klimaat als dat van 'Het Kasteel' van Kafka, ' zo vervolgde hij. 'Iedereen handhaafde strikte anonimiteit en ze noemden elkaar alleen bij hun voornamen (...) Het waren er ongeveer vijftien. Van hen aanvaardde ongeveer de helft het concept van een niet-conventionele oorlog in het geval van een invasie.'

De andere helft redeneerde volgens hem dat men de communisten in eigen land wellicht beter meteen kon aanvallen aangezien deze communistische invasies zoals die in Tsjechoslowakije hadden gesteund.

Ik voelde me toen 'de leider van een gewapende bende in plaats van een legerofficier', zei generaal Serravalle tot de commissie. Hij vertelde dat hij niet het gevoel had dat zijn argumenten tegen dergelijke plannen door iedereen werden aanvaard.

Deze bijeenkomst was volgens hem de belangrijkste reden om de geheime wapenopslagplaatsen voor de Gladio-leden te ontmantelen, en niet, zoals steeds is gezegd, dat in februari 1972 bij toeval een van deze opslagplaatsen was ontdekt, bij Aurisina in de noordoostelijke regio Veneto.

Volgens een brief van premier Andreotti aan de commissie zijn in de jaren 1972 en 1973 127 van de 139 wapenopslagplaatsen ontmanteld. Twee waren leeggehaald, en tien anderen waren nauwelijks meer bereikbaar. Een van deze tien opslagplaatsen, bij een afgelegen kerkje in het dorpje San Vito al Tagliamento in de noordoostelijke regio Friuli Venezia Giulia, is gisteren toch geopend. De politie vond hier acht dozen met geweren, pistolen, munitie en explosieven. Vandaag zou worden gezocht naar andere opslagplaatsen.

Generaal Serravalle heeft ook verteld dat Frankrijk, de VS, Belgie en Luxemburg een voorstel steunden om het Spanje van generaal Franco als lid in het Gladio-overleg op te nemen. Door tegenstemmen van Italie, Nederland, West-Duitsland en Groot-Brittannie ging dit echter niet door.