Frans kabinet overleeft aanval op het nippertje

PARIJS, 20 nov. Het Franse kabinet van de socialistische premier Michel Rocard heeft gisteravond een aanval maar net overleefd. Een motie van wantrouwen kreeg gisteravond in de Nationale Vergadering 284 stemmen, slechts vijf te weinig om te worden aangenomen.

De motie was ingediend door de rechtse oppositie (RPR en UDF) en kreeg voor het eerst sinds de socialisten aan de macht zijn de steun van de communisten. Rocard bleef overeind doordat hij de stemmen kreeg van enkele UDF-leden en van een twintigtal onafhankelijke afgevaardigden.

Het was de negende keer in tweeeneenhalf jaar dat Rocard met een motie van wantrouwen werd geconfronteerd. Aanleiding was het plan van de premier voor een beperkte, maar niettemin fundamentele hervorming van financiering van de sociale uitgaven. Zijn project een nieuwe heffing in te voeren, kortweg CSG genoemd (1,1 procent in 1991) op alle inkomens salarissen, maar ook pensioenen en sociale uitkeringen stuitte op breed verzet.

In het debat dat aan de stemming voorafging werd overigens nauwelijks over de CSG gesproken. Rocard, halverwege zijn formele ambtstermijn als eerste-minister, verdedigde zich in een felle rede tegen de verwijten van 'immobilisme'. Hij zei vast te zullen houden aan zijn beleid van hervormingen, 'maar niet van week tot week, maar op de schaal van decennia'.

De positie van Rocard is de laatse weken verzwakt. Niet alleen omdat vrijwel alle politieke partijen, de meeste vakbonden en het grootste deel van de publieke opinie zich tegen zijn CSG-plan hebben gekeerd, maar nog meer door de onrust onder de lyceisten en het optreden van president Francois Mitterrand. Het staatshoofd ontving onlangs een degelatie protesterende lyceisten op het Elysee en deelde losjes mee dat er wel 'een paar miljard franc' gevonden konden worden om aan de eisen van betere scholing tegemoet te komen. Rocard bevond zich op dat moment in Japan, waar hij de kroning van de Japanse keizer bijwoonde. Sindsdien zijn de speculaties niet van de lucht dat Mitterrand Rocard zou laten vallen.

De rechtse oppositie achtte het moment rijp voor een frontale aanval op de premier. De communisten zagen hierin een mooie voorbereiding voor hun partijcongres dat eind december plaats zal hebben. Rocard overleefde het offensief, vooral dank zij de steun van afgevaardigden uit de Franse overzeese gebiedsdelen zoals Reunion en Guadeloup. Het feit dat begrotingen voor deze gebieden snel werden verhoogd, zal daaraan niet vreemd zijn.