FNV en Vervoersbond eens over looneis haven

ROTTERDAM, 20 nov. De vakcentrale FNV stemt in met de 5,6 procent loonsverhoging die de Vervoersbond FNV vorige week opeiste voor havenarbeiders. De Vervoersbond heeft de vakcentrale gisteren overtuigd van de redelijkheid van de eis vanwege de 'specifieke situatie' bij de havenbedrijven, waar de produktiviteitsontwikkeling 'een stevige looneis en een forse inzet voor werkgelegenheid' zou rechtvaardigen.

De looneis van de Vervoersbond voor de ongeveer 20.000 werknemers in de havens leidde vorige week tot boze reacties van de vakcentrales FNV en CNV. Voorzitter J. Stekelenburg en CAO-coordinator J. Draijer van de FNV zeiden 'het uitstralingseffect' te vrezen. Daardoor zouden de koppeling tussen lonen en uitkeringen in gevaar komen, de inflatie worden aangewakkerd en de werkgelegenheid worden aangetast. De FNV raadde de aangesloten bonden eerder aan in het belang van de koppeling niet boven een gemiddelde loonstijging van 3,5 a 4 procent uit te gaan.

Voorzitter R. Vreeman en CAO-coordinator W. Waleson van de Vervoersbond hebben in het gesprek benadrukt dat het niet de bedoeling is ook in andere delen van de vervoerssector 5,6 procent loonsverhoging te claimen. In een gezamenlijke verklaring die na het onderhoud is verspreid zeggen vakcentrale en bond te verwachten dat de looneis tot de havens beperkt blijft. De specifieke situatie in de havens mag geen norm worden voor sectoren. De FNV zal zich van vergelijkbare eisen in andere branches distantieren.

In navolging van de vakcentrales FNV en CNV heeft vanmorgen ook de de Hout- en bouwbond CNV de looneis van de Vervoersbond FNV in de havens veroordeeld. 'Deze eisen trekken een zware wissel op de solidariteit met niet-werkenden. Dat is voor een christelijke organisatie niet aanvaardbaar', aldus voorzitter F. van der Meulen van de CNV-bond. Evenals de Bouw- en houtbond FNV ziet de CNV-bond vooralsnog geen heil in een vierdaagse werkweek in de bouw, waar met ingang van volgend jaar gemiddeld 36 uur per week wordt gewerkt.