CVSE

DE PARIJSE topbijeenkomst van de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa heeft een ceremonieel karakter. Er worden plechtige verklaringen afgelegd, er is een belangrijke overeenkomst over beperking van de conventionele bewapening getekend, maar er wordt niet onderhandeld. De conferentie staat in het teken van de formele bekrachtiging van wat al was overeengekomen. Voorzover de diplomatieke liturgie zich op de CVSE zelf richt, heeft zij de verdienste op te komen voor een goed doel: voortzetting en versterking van de praktijk van vrede en samenwerking zoals deze zich sinds de omwentelingen in Oost-Europa vorig jaar manifesteert.

Enigszins naargeestig zou men kunnen zeggen dat de conferentie vooral bedoeld is als een hoofs gebaar van het winnende Westen ten behoeve van de in chaos verstrikt geraakte tegenstander van weleer, de Sovjet-Unie. Immers, toen president Gorbatsjov eind vorig jaar een bijeenkomst voorstelde zoals nu in Parijs wordt gehouden, kreeg hij in eerste instantie slechts openlijke bijval van de Franse president. Vooral de Amerikanen voelden weinig voor een conferentie die overheerst zou worden door het 'doen alsof', alsof de respectieve organisaties van Oost en West, Warschaupact en NAVO, tegelijkertijd in de annalen van de wereldgeschiedenis konden worden bijgezet om te worden vervangen door een schemerig Europees veiligheidssysteem. Vandaar de Amerikaanse voorwaarde dat eerst het voorgenomen verdrag tot vermindering van conventionele wapens tot stand moest zijn gebracht.

DE AMERIKAANSE argwaan was terug te voeren op het begin van wat het CVSE-proces kan worden genoemd. In februari 1954, bijna een jaar na de dood van Stalin, deed Molotov een voorstel een Europese veiligheidsconferentie bijeen te roepen teneinde een Europees Veiligheidssysteem te ontwerpen. De Verenigde Staten en China zouden als waarnemers aan een dergelijke bijeenkomst deelnemen. Essentieel onderdeel van het systeem zou een herenigd neutraal Duitsland zijn. Het voorstel was bedoeld om de Westduitse herbewapening alsmede de totstandkoming van een Europese Defensie Gemeenschap te torpederen en de Amerikanen van Europa los te weken. Voor het Westen was het plan dat in de jaren vijftig en zestig in verschillende gedaantes zou optreden, onaanvaardbaar.

Na het zoveelste dieptepunt in de wederzijdse betrekkingen als gevolg van de inval van het Warschaupact in Tsjechoslowakije in augustus 1968, kwam er vaart in de toenadering. De VS en de Sovjet-Unie begonnen onderhandelingen over vermindering van de strategische arsenalen, de Bondsrepubliek sloot verdragen met Warschau en Moskou waarin zij de grens tussen Polen en de DDR erkende en de Grote Vier (de oorspronkelijke bezettingsmogendheden in Duitsland) regelden de status van Berlijn. Vervolgens aanvaardde de Sovjet-Unie de Amerikaanse voorwaarde dat er tussen Warschaupact en NAVO een conferentie over vermindering van conventionele strijdkrachten moest plaatshebben alvorens er een algemene Europese Conferentie over Veiligheid en Samenwerking kon worden bijeengeroepen.

DIE LAATSTE conferentie vond haar eerste hoogtepunt in de topbijeenkomst te Helsinki in de zomer van 1975. Vijfendertig staten, leden van het Warschaupact en van de NAVO, alsmede 'ongebondenen' (alle Europese landen minus Albanie plus de Verenigde Staten en Canada) ondertekenden in de Finse hoofdstad de 'Slotakte' waarin tien beginselen waren uitgewerkt die voortaan zouden gelden in de onderlinge betrekkingen en waarvan de voornaamste zijn het respecteren van de rechten van de mens, zelfbeschikking van de volkeren, onschendbaarheid van grenzen.

Wie in de internationale diplomatieke boekhouding posten tegen elkaar wilde wegstrepen, kon de formele erkenning door het Westen van de naoorlogse status quo in Europa plaatsen tegenover de bereidheid van de Sovjet-Unie voortaan haar verhouding met de satellietlanden in Oost-Europa en haar omgang met de rechten van personen in haar machtsbereik op de inter-Europese agenda te houden en ernst te maken met een beperking van haar militaire overwicht in het hart van het continent. Maar vele jaren lang deed de Akte van Helsinki bijna uitsluitend dienst als richtpunt voor dissidenten in de communistische wereld, juist omdat de regimes daar er zich weinig of niets aan gelegen lieten liggen. ..ontnuchtering

DE INGRIJPENDE verandering kwam met Gorbatsjov. Met hem had de Sovjet-Unie een leider gekregen die zowel de Sovjet-samenleving zelf als de betrekkingen tussen Moskou en Oost-Europa en tussen Moskou en het Westen een totaal gewijzigde inhoud en betekenis wilde geven. Het was een gelukkige omstandigheid dat met de CVSE al een instrument was ontworpen waarmee nieuwe verhoudingen in Europa gestalte kon worden gegeven.

Toch is er sinds de zomer van 1989 nog een dimensie toegevoegd aan de interne Europese ontwikkelingen. Dat Gorbatsjovs 'nieuwe denken', glasnost en perestrojka, mede was geinspireerd door de impasse op bijna ieder gebied die als gevolg van zeventig jaar communisme in het Sovjet-imperium was ontstaan, was het Westen niet ontgaan. Maar de ineenstorting van de regimes in Oost-Europa en het verval van eenheid en bestuur in de Sovjet-Unie zelf hebben een versnelling veroorzaakt die nauwelijks beheersbaar is. Die onbeheersbaarheid relativeert ook de betekenis van de conferentie in Parijs.

DE WEG DIE zich vorig jaar nog tot voorbij de horizon scheen uit te strekken, is al afgelegd. Duitsland is herenigd, op Duitse voorwaarden. De Sovjet-strijdkrachten verlaten eigener beweging Oost-Europa; zij dragen de uiterlijke kenmerken van een verslagen leger. De Amerikanen hebben andere prioriteiten en hebben het leiderschap in Europa overgedragen aan het nieuwe Duitsland.

De toenemende armoede in Oost-Europa en het gevaar van hongersnood ontwikkelen zich tot de ernstigste bedreiging van het menselijke bestaan daar. Noch het Westen als geheel, noch West-Europa in het bijzonder lijkt opgewassen tegen de taak die is gesteld. Opnieuw dreigt angst de overheersende emotie te worden, ditmaal niet voor raketten en soldaten, maar voor horden hongerenden die zich op het welvarende deel van Europa zullen storten. Tegen de achtergrond van zoveel naderend onheil behoorde de conferentie in Parijs al tot het verleden nog voor zij goed en wel was begonnen. Zij hoort bij 1989, het jaar van de hoop, en zij is waarschijnlijk niet in staat om van 1990 meer te maken dan het jaar van de ontnuchtering.