Verkwanselde natuurschatten

Talrijk en duidelijk zijn de gebodsborden hier aan de Patagonische kust. Of hij nu van links of van rechts komt, de oorspronkelijke bewoner heeft altijd voorrang. Toch kunnen maar weinig bezoekers zich beheersen. Regelmatig werpen ze zich met hun camera's op de doorgangswegen om de passerende Magelhaen-pinguins van zo dichtbij mogelijk te kunnen fotograferen.

De ongeveer 50 centimeter grote vogels, die na een bad in zee hun nest weer willen opzoeken, staan de toeristen een beetje bleu te bekijken. Dan waggelen ze weg, met de vaart en onhandigheid van een tweejarige kleuter. Want de pinguin mag dan door de eeuwen heen het vliegen hebben verleerd, het lopen is hij nog lang niet meester.

Met bijna een miljoen pinguins is dit de grootste kolonie die er van deze vogelsoort bestaat. In Punta Tombo, op een terrein van slechts enkele vierkante kilometers, strijken ze in augustus neer. Onder struiken de enige vegetatie in het desolate Patagonie en in holen maken ze hun nesten waar ze in oktober twee eieren leggen. Een pinguinpaar broedt om beurten in een periode van exact veertig dagen de eieren uit. Dit kustgebied is ook het walhalla van walvissen, zee-olifanten, orka's en zeeleeuwen. De vele duizenden dieren overtreffen in aantal ruimschoots de menselijke bewoners die in dit deel van Argentinie nog steeds spaarzaam zijn.

Vooral het schiereiland Valdes, zo groot als de provincies Friesland, Groningen en Drenthe samen, is een uniek natuurgebied. Als de lente in Zuid-Amerika aanbreekt, verzamelen zich hier de 'Zuidkapers' om hun jongen te baren. De Zuidkaper is volledig beschermd. De soort is aanvankelijk bijna geheel uitgemoord. Doordat deze walvis relatief langzaam zwemt, slechts 12 kilometer per uur, en bovendien blijft drijven als hij geraakt is door een harpoen, is hij deze eeuw meedogenloos belaagd. Ruim honderdduizend exemplaren moeten er rond de eeuwwisseling nog van zijn geweest.

'Vermoedelijk zijn hier nog zo'n drieduizend exemplaren', zegt Liliane Close Putman. In samenwerking met enkele anderen ver richt Putman onderzoek naar het walvisbestand. Putman (27 jaar), een Nederlandse, woont al tien jaar in Barcelona, waar ze in de dierentuin voorstellingen geeft met orka's en zeeleeuwen. Een paar maanden per jaar krijgt ze onbetaald verlof voor biologisch onderzoek. In een bedompt zaaltje in het auditorium van het nabijgelegen kustplaatsje Puerto Madryn vertoont ze tegen betaling lichtbeelden over de plaatselijke fauna. Veel kennis daarover bestaat er niet, zegt Putman. De Argentijnse regering heeft geen geld voor doorwrocht biologisch onderzoek naar het dierenleven in de omgeving.

Putman maakt zich zorgen. Patagonie mag dan nog steeds een door Westerse toeristen weinig bezochte plek zijn, de Zuidamerikanen beginnen de charme van dit gebied steeds meer te waarderen. In tien jaar tijd is het inwonertal van Puerto Madryn verdrievoudigd tot 60.000. Visverwerkingsbedrijven en de aluminiumfabriek die voortdurend afvalwater in zee loost maken dit overigens foeilelijke oord tot een bruisend stadje.

De toeristen-industrie is voorlopig de meest florerende bedrijfstak. Langs de baai verdringen zich de reisbureautjes die excursies naar de natuurparken organiseren. En daar wringt nu net de schoen, vertelt Putman.

Met een bootje kan men zich tegen betaling laten rondvaren in de Golfo Nuevo, waar de walvissen nu dobberen. Aanvankelijk hadden slechts enkele boten een vergunning om onder deskundige leiding de baai die sinds 1973 een beschermde status heeft te bezoeken, maar onlangs heeft de gouverneur van Chubut een reeks nieuwe boten toegelaten en nu is het dringen in het walvissen-bassin. 'De gouverneur is gezwicht voor steekpenningen. Met de rust van de walvissen is het gedaan', moppert Liliane Putman.

Binnen honderd meter van een walvis met jong mag een boot niet komen, luidt een van de vele beperkingen die de organisatoren van tochten zijn opgelegd. De regel is een dode letter. Op aai-afstand varen we rond een twaalf meter lang exemplaar met jong. De vissen drijven rond als betrof het enorme stukken zwart hout. Na een tijdje is de aandacht ze te veel en zwemmen ze langzaam weg. De boot volgt op de voet. De toeristen willen nog meer foto's maken.

Nog meer gevaar dreigt volgens Greenpeace uit Frankrijk. De Argentijnse regering zou een principe-overeenkomst hebben gesloten om in Patagonie een opslagplaats te maken voor Frans nucleair afval. De Fransen zouden bereid zijn de armlastige Argentijnse regering vele miljarden guldens te betalen.

Vanuit Puerto Madryn, waar het afval per schip naar toe moet worden gebracht, zouden de Fransen een spoorlijn aanleggen richting opslagplaats. De autoriteiten spreken de beweringen van de milieu-organisatie tegen. Greenpeace houdt echter voet bij stuk. 'We hebben inzage in de contracten gehad', zegt Carlos Lopez Iglesias van Greenpeace in Buenos Aires. Hij vreest rampen; Patagonie is een door aardbevingen veelgeplaagde streek, waardoor opslag extra gevaarlijk is. Naar aanleiding van deze beweringen zijn Argentijnse medewerkers van Greenpeace vorige week met de dood bedreigd.

In Patagonie is men bang dat de regering het gebied als nationale vuilnisbak gebruikt. Een regering die volgens velen toch al veel te voortvarend is in het verkopen van 's lands eigendommen. De luchtvaartmaatschappij Aerolinas Argentinas is verkocht, evenals de telefoonmaatschappij Entel. Het laatste plan is, zo vrezen sommigen hier, symbolisch voor de houding van Argentijnse politici ten opzichte van de natuurlijke rijkdommen: Buenos Aires wil de gemeentelijke dierentuin verkopen.