Verfrissend rapport

ZICHT OP EEN rechtstreeks gekozen minister-president heeft het eind vorige week gepresenteerde rapport van de 'commissie Deetman' niet opgeleverd. Ook over een mildere vorm van dit idee, een door de nieuw gekozen Tweede Kamer aan te wijzen formateur, moeten eerst nog maar eens 'de voordelen en nadelen worden geinventariseerd', aldus de commissie. Hetzelfde geldt voor vraagstukken als het referendum, een beperkt districtenstelsel of de gekozen burgemeester. Toch was D66-fractievoorzitter Van Mierlo, inmiddels al bijna 25 jaar de personificatie van staatsrechtelijke vernieuwing, afgelopen vrijdag niet ontevreden over het eerste resultaat van een vorig jaar door hem ingediende motie. En terecht. De commissie Deetman, bestaande uit onder anderen bijna alle voorzitters van Tweede-Kamerfracties mag dan weinig concreets hebben opgeleverd, maar dat was dan ook uitdrukkelijk niet de bedoeling. De opdracht aan de commissie was dat er 'vraagpunten' zouden worden geformuleerd. Uitgaande van deze beperkte opdracht heeft de commissie toch een verrassend en soms verfrissend stuk opgeleverd.

Het gaat daabij niet om de vragen die vaak zodanig zijn geformuleerd dat alle mogelijkheden nog bespreekbaar zijn. Veel interessanter zijn de analyses in de verschillende hoofdstukken die aan de vragen vooraf gaan, en in praktisch alle gevallen unaniem door de fractievoorzitters worden gedeeld. Er wordt erkend dat er 'knelpunten' bestaan tussen kiezer en gekozene: 'De kiezers bepalen wel de krachtsverhoudingen, maar niet, althans niet direct, de macht', aldus de nota. De commissie schrijft dat ondanks de nieuwe grondwet van 1983 de spanningen tussen kiezer en gekozene 'niet of nog niet in voldoende mate' zijn verminderd en dat 'de balans tussen wetgeving, bestuur en rechtspleging is verstoord'.

VOOR EEN vraagpuntennota doet de commissie verrassend vergaande uitspraken over het overheidsapparaat. Bestuurlijke vernieuwing moet erop gericht zijn de verkokering tegen te gaan. Met het oog op Europa wordt om een 'flexibele, praktijkgerichte overheid' gevraagd. Mogelijkheden voor decentralisatie, contractmanagement en zelfbeheer moeten verder worden uitgewerkt, zo stelt de nota zonder vraagteken. De discussie over een kernkabinet die deze zomer in de commissie speelde, heeft de eindversie van het rapport helaas niet gehaald. Zij zou moeten terugkomen bij de vraag of er mogelijkheden zijn voor herverdeling van bevoegdheden tussen ministeries en samenvoeging van ministeries. De verkokering houdt namelijk niet op bij de ministerraad. Integendeel, zou men eerder denken. De ophef over de bevoegdheden van de minister-president in Europees verband is wat dat betreft illustratief.

De discussie over staatkundige, bestuurlijke en staatsrechtelijke discussie gaat 'veel tijd' kosten, schreef Kamervoorzitter Deetman al in januari van dit jaar. Het mag veel tijd kosten. De onderwerpen die de commissie in de vraagpuntennota heeft opgesomd zijn te belangrijk om met een snel 'voor of tegen' af te doen. Als de vaart er maar in blijft en ook een open discussie wordt gevoerd. De kans daarop is aanzienlijk groter als de fractievoorzitters verantwoordelijk blijven. Daarom is het goed dat de commissie voorstelt om te blijven bestaan en haar te belasten met de coordinatie. Het zou niet de eerste keer zijn dat het 'geheim' van een commissie in het vervolg zit.