Thatcher bepleit referendum

LONDEN, 19 nov. De Britse premier Thatcher is bereid de kwestie van de ene Europese munt, waar zij fel tegen is gekant, in een referendum voor te leggen aan het Britse volk. Thatcher bevindt zich in een ernstige politieke crisis die is ontstaan wegens haar krachtige verzet tegen nauwere monetaire en economische integratie van de Europese Gemeenschap

In een serie vraaggesprekken aan de vooravond van de beslissing over haar voortgezet leiderschap van de Conservatieve Partij heeft ze haar uitdager, Michael Heseltine, ervan beschuldigd dat hij 'Labour-beleid' voorstaat en de haar afvallige ministers, als Geoffrey Howe, voor de voeten geworpen dat ze zich laten leiden door persoonlijke ambitie en rancune. Maar opiniepeilingen voor zes verschillende kranten wijzen eensgezind in dezelfde richting: de Conservatieve Partij wint de volgende verkiezingen alleen indien Michael Heseltine haar leider is.

Het Heseltinekamp, ofschoon niet Heseltine zelf, verwijt Thatcher 'hysterie' in het aanzicht van de beslissing, morgen, over haar al dan niet aanblijven als premier. Heseltine zelf houdt vol dat Thatcher de geloofwaardigheid van Groot-Brittannie in Europa ondermijnt. Hij versterkte verder dit weekeinde de suggestie dat Thatcher op ondragelijke wijze dictator in haar kabinet speelt en onthulde dat in 1986 zijn eigen vertrek als minister van defensie is veroorzaakt door de onwil van de premier de zogeheten affaire-Westland in het voltallige kabinet aan de orde te stellen. In plaats daarvan 'las ze het kabinet de conclusies voor van een bijeenkomst en een discussie die nooit hadden plaatsgehad'. Het recente vertrek van de ministers Lawson en Howe was daarom symptomatisch, betoogde Heseltine. De vermoedelijke uitkomst van de stemming is niet te voorspellen.

Pag. 11: Strijd Conservatieven

De strijd is gecompliceerder geworden nu de huidige minister van buitenlandse zaken, Douglas Hurd, veelbetekenend geweigerd heeft zichzelf uit te sluiten als kandidaat in een tweede ronde. Hij doet dit door voortdurend slechts vol te houden dat Margaret Thatcher de eerste ronde zal winnen. Vooraanstaande vertegenwoordigers van de Conservatieve Partij speculeren erover of een as Hurd-Major (de minister van financien) in geval van nood niet een betere trekker van stemmen en heler van verdeeldheid is dan de door velen verafschuwde Michael Heseltine.

Thatchers campagneleiders zeggen dat de premier voldoende aanhang onder haar collega's heeft om in de eerste ronde al met een royale meerderheid uit de strijd te komen. Het Heseltine-kamp pocht op 'meer dan 100' of 'rond de 130' toezeggingen in de wetenschap dat Heseltine 159 stemmen (inclusief onthoudingen) nodig heeft om mevrouw Thatcher van een overwinning in eerste ronde af te houden. De beslissing ligt waarschijnlijk in de handen van de ruim vijftig Lagerhuisleden met weinig veilige zetels, die in het aanzicht van algemene verkiezingen binnen anderhalf jaar in feite over het voortbestaan van hun eigen carriere stemmen.

Premier Thatcher is dit weekeinde naar Parijs vertrokken, waar zij het CSCE-overleg bijwoont, zonder zeker te weten of zij als premier op Downingstreet 10 terugkeert. Haar woordvoerder heeft gezegd dat zij morgenavond een galabal in Versailles zal bijwonen, hoe de stemming in Londen om half zeven plaatselijke tijd ook zal zijn uitgevallen.

De premier liet de natie voor haar vertrek achter met de tekst van een serie interviews en artikelen als tegenwicht voor de onophoudelijke publiciteitscampagne van Michael Heseltine. Van diens beloofde herziening van de poll tax had het Thatcherkamp al gezegd dat die tot verhoging van inkomstenbelasting zal leiden. Nu voegt mevrouw Thatcher daar in The Times van vanmorgen nog kritiek aan toe over een van de weinige punten waarop Heseltine substantieel politiek met haar van mening verschilt: de mate waarin de overheid zich dient te bemoeien met het bedrijfsleven als aanjager van de economie. Heseltine ziet het ministerie van handel en industrie (onder Thatcher drastisch ineengeschrompeld) als het potentieel belangrijkste departement van een Conservatieve regering onder zijn leiding. Thatcher daarover: 'Labourbeleid. Interventie, corporatisme, alles wat ons in het verleden hield.' En over hem en haar vertrokken ministers: haar uitdagers zijn 'alleen maar glamour en geen inhoud' en de afgelopen maanden hebben te veel 'persoonlijke ambities en eigen rancune' te zien gegeven. Over Europa: 'Sommige mensen schijnen te denken dat je als je iets vraagt dan vijandig staat tegenover de Gemeenschap. Dat is hetzelfde als aanvoeren dat je niet mag zeggen dat het dak lekt of dat de trap niet veilig is als je van plan bent in een huis te trekken. Het resultaat daarvan is dat je een huis betrekt, waarin je niet aangenaam kunt wonen.'