Kunst-uitverkoop

'De spectaculaire stijging van de prijzen voor moderne kunst heeft weinig te maken met liefde en alles met geld.' Zo luidde de tiende stelling behorende bij het proefschrift Economic Aspects of Disability Behavior, waarop dr. P. R. de Jong eerder deze maand promoveerde aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit.

De opening van de schilderijen- en tekeningententoonstelling van de Brabantse kunstenaar Eugene Peters, afgelopen vrijdagavond bij Rijkers Art Diffusion in Amsterdam, bood een mooie gelegenheid de kunsthandel eens vanuit een econometristische ooghoek te beschouwen.

Men stelle zich voor: op het raam inderhaast gefotokopieerde A-viertjes, waarop in kapitaal het woord UITVERKOOP, en verder nog 'Alles Moet Weg' en het altijd wervende 'OP = OP'.

Binnen in de galerie is de atmosfeer ongeveer het tegendeel van wat wij ons van een najaarsopruiming voorstellen. In plaats van hebzuchtig gegraai in de rekken, treffen we een naar de laatste smaak gekleed publiek, dat de beschaafde conversatie slechts onderbreekt om zich door een der in witte schorten gehulde obers een glas Moet et Chandon te laten aanreiken.

Af en toe werpt men een beschroomde blik op de kunstwerken, die worden ontsierd door papiertjes waarop bijvoorbeeld de mededeling 'Van fl. 14.000 voor: fl. 8.400'.

Ondanks de afbraakprijzen loopt de verkoop niet erg hard, alsof de vaste clientele zich niet wil laten kennen als ordinaire koopjesjagers. Een toevallig passerend echtpaar, dat door kleding en boodschappentassen al enigszins detoneert, slaat echter zonder aarzelen zijn slag door voor iets meer dan 600 gulden twee in sepiakrijt getekende konijntjes aan te schaffen. Inclusief de fraaie, zilverkleurige lijst.

Achter deze bizarre kunst-uitverkoop gaat een conflict schuil tussen de kunstenaar en zijn galerist. Henk Rijkers (30) licht toe: 'Als jongen van 15 zag ik het werk voor het eerst, en ik was er op slag verliefd op. Met al mijn spaargeld ben ik naar die galerie gegaan, maar ik kwam een paar honderd gulden tekort, en ze wilden niets van de prijs afdoen. Al mijn vriendjes spaarden voor een brommer, maar ik wilde een schilderij. Via een stuk in Kunstbeeld heb ik Eugene Peters begin dit jaar in Turnhout opgespoord, en meteen gevraagd of hij niet bij mij wilde exposeren. Dat wilde hij graag, temeer daar zijn vrouw nog nooit in Amsterdam was geweest. Ik heb meteen wat werk meegenomen, en dat contant betaald. Toen ik vorige week opbelde om te vragen wanneer de rest kwam, vertelde zijn vrouw dat ze al exclusief bij een galerie in Nuenen onder contract stonden, en dat de hele zaak niet doorging. Terwijl de uitnodigingen al verstuurd waren! Toen ik vroeg hoe het met het al betaalde geld moest, werd de hoorn op de haak gegooid. Dat was het einde van mijn jongensdroom. Ik wil het werk ook niet meer aan de muur hebben. En geld hoef ik er ook niet aan te verdienen.'

Als om dit laatste te onderstrepen was naast het afgeprijsde werk van Eugene Peters dit weekeinde in de Geelvinksteeg een keuze te zien uit de prive-collectie van Rijkers en zijn compagnon Lambert Monet (achterkleinzoon van Claude Monet). Onder het toeziend oog van twee bewakingsemployes hingen er tekeningen en litho's van Picasso, Braque, Degas en Salvador Dali te pronk, en zelfs een paar schitterende miniatuurtjes van de 17de-eeuwse meester Adriaen Brouwers.

Maar toch, voelt de kunsthandelaar niet iets van emotionele wroeging bij deze wurgpoging op zijn jeugdliefde?

Henk Rijkers: 'Een paar dagen heb ik het er wel moeilijk mee gehad, maar nu: nee. Als iemand mij zo'n streek levert, moet je daar toch iets tegen doen. Het is ook een prestigekwestie geworden. Ik heb het wel besproken met mijn andere kunstenaars, of die vonden dat zo'n uitverkoop wel kon. Want als mensen als Franz Deckwitz en Peter van Opheusden hadden gezegd dat het niet kon, dan had ik het niet doorgezet.

'We willen tenslotte ook met levende kunstenaars blijven werken. Dat hoeft niet altijd makkelijk te zijn, iedereen moet zich wel aan zijn afspraken houden. Maar het is waar: met dode kunstenaars heb je helemaal nooit een centje last.'