'Er gebeuren daar dingen die voor ons nuchtere Nederlanders moeilijk te begrijpen zijn'; Onbegrensde macht Griekse clubpresidenten

Griekenland - woensdag in Rotterdam tegenstander van Nederland - is een zeer bijzonder voetballand, dat wordt beheerst door balverliefde spelers, dubieus fluitende scheidsrechters, fanatieke supporters en schatrijke clubpresidenten met invloed die tot de hemel lijkt te reiken. Niets is te gek in het Griekse voetbal. Nederlandse trainers kijken er sinds Thijs Libregts in 1984 hun ogen uit en vallen er van de ene verbazing in de andere.

ROTTERDAM, 19 nov. Rob Jacobs, trainer van PAOK Saloniki, keek op een zondag in september vanuit zijn dugout machteloos toe hoe clubpresident Voulimos in de wedstrijd tegen Panatinaikos na enkele arbitrale dwalingen van de eretribune afdaalde en zijn spelers sommeerde van het veld te stappen. PAOK kreeg vervolgens drie punten in mindering, waardoor de ploeg ineens naar de middenmoot afzakte. Voulimos heeft zijn trainer inmiddels beloofd dat hij binnenkort zijn punten terugkrijgt. 'Volgens de president is dat voor 99 procent zeker. Maar je weet nooit wat die ene procent in Griekenland betekent. Daarom reken ik nergens op', zegt Jacobs, 'Het zou wel een mooi kerstcadeautje zijn.'

Jacobs maakt elke week wel iets bijzonders mee in het Griekse voetbal. Een aantal landgenoten kan daarover meepraten. Ex-bondscoach Libregts en Ab Fafie werkten in Griekenland toen in het seizoen '86-'87 de competitie wegens een geschil over totogelden drie wedstrijden voor het einde werd afgebroken. Het kostte Libregts met PAOK een UEFA-Cupplaats en Fafie degradeerde zonder slag of stoot met Ioannina. 'Ik weet nu nog niet wat er zich toen allemaal heeft afgespeeld. Ineens was het seizoen voorbij', verklaart Fafie. Hij heeft nog een aanzienlijk bedrag tegoed van Ioannina, won daarover ook een rechtzaak, maar zegt, evenals Jacobs met zijn punten, na ruim drie jaar toch nergens meer op te rekenen.

'Er gebeuren daar dingen in het voetbal die voor ons, nuchtere Nederlanders, moeilijk te begrijpen zijn', zegt Rinus Israel, in 1988 een half jaar werkzaam bij PAOK. 'Bij uitwedstrijden werden we met een politie-escorte naar het stadion gereden, werden er hele straten voor ons afgezet. En dat voor doodgewone competitiewedstrijden.'

Er zijn, weten de trainers, zaken in het Griekse voetbal waar je absoluut geen vat op hebt; op de meest curieuze beslissingen van de scheidsrechters bijvoorbeeld. Verhalen over omkoping en corruptie wil en kan niemand bevestigen. Gene Gerards, al ruim vijf jaar actief bij OFI Kreta, zegt straks 'een leuk boekje' te kunnen schrijven, 'maar ik ga mijn eigen nest niet bevuilen'.

Fafie vertelde in 1987 in een interview hoe een van zijn spelers, die op punt stond gewisseld te worden omdat hij zich nogal vreemd gedroeg, een tegenstander een klap gaf zodat zijn ploeg met tien man verder moest spelen. Het verhaal is hem destijds niet in dank afgenomen. 'Ik heb er spijt van. Je kan zoiets toch niet hard maken.'

De Nederlandse trainers hebben er echter geen moeite mee voorbeelden aan te dragen van op zijn minst dubieus gedrag van de scheidsrechters. Gerards wijst op de bekerfinale van afgelopen seizoen waarin hij met OFI tegen het grote Olympiakos Piraeus moest uitkomen. 'Vooraf wist je al dat er een wonder moest gebeuren wilden wij winnen. Dat voelde je gewoon. Bij drie van de vier doelpunten die wij die dag tegenkregen kan je een groot vraagteken zetten. Dat is wel erg veel, he.'

Henk Houwaart, trainer van het bescheiden Xanthi, herinnert zich een wedstrijd met zijn vorige club, Ethnikos, tegen Olympiakos. Ethnikos, inmiddels gedegradeerd, stond bij rust verrassend met 1-0 voor, maar in de tweede helft had het volgens de lezing van Houwaart binnen vijf minuten twee tegendoelpunten en twee rode kaarten te pakken. 'Dat lag er zo dik bovenop. Iedereen zat te lachen. Het was een schande.' De voorzitter van Ethnikos sleepte de scheidsrechter na afloop naar het plaatselijke politiebureau om hem op overmatig alcoholgebruik te laten controleren, maar dat haalde niets uit. 'Het leek inderdaad wel of hij dronken was', zegt Houwaart. De omstreden Griekse scheidsrechters gaan af en toe in staking omdat ze zich bedreigd voelen door supporters en spelers en de kritiek beu zijn. Het komt regelmatig voor dat arbiters tijdens opstootjes gewond raken. 'We zijn vogelvrij', zei woordvoerder Iatropoulos bij een van de laatste protestacties.

Speeltuig

Houwaart zegt dat het hem inmiddels duidelijk is dat in Griekenland de grote clubs van de kleine moeten winnen. 'In Nederland en Belgie hebben de topploegen ook een streepje voor, maar hier is het wel erg extreem.' Het heeft allemaal met de macht van de clubpresidenten te maken. De gefortuneerde voorzitters van de grote ploegen Panathinaikos, Olympiakos, AEK en PAOK hebben of aandelen in andere clubs en/of bezitten spelers die in andere teams spelen. Zij beschouwen het voetbal als speeltuig. De president van Panathinaikos, George Fardinogiannis, voert daarbij de boventoon. De reder wordt als een van de rijkste mensen ter wereld beschouwd. In ruil voor hun financiele inspanningen willen de miljonairs wel invloed hebben in het aankoopbeleid en het liefst ook nog in de opstellingen. Rob Jacobs zegt echter dat dat bij PAOK niet het geval is. 'Maar laatst kwam ik de voorzitter in de rust vertellen dat er voor het team een premie van 36.000 gulden te verdienen viel die hij na de wedstrijd even naar 60.000 gulden verhoogde. Ja, dan mag hij van mij best even de kleedkamer in.'

Paniek

Het is een gegeven dat de Griekse clubleiders snel in paniek raken. En dat kost dan vaak de trainer het hoofd. De besturen laten zich daarbij beinvloeden door de fanatieke en vechtlustige supporters. Israel weet er alles van. Hij stond in het seizoen '88-'89 lange tijd op de eerste plaats met PAOK en na twee achtervolgende nederlagen kreeg hij te horen dat het bestuur hem nog voor de volle honderd procent steunde. Maar nadat een horde woedende fans het kantoor van de vereniging in het centrum van de stad had bestormd werd Israel een dag later toch ontslagen. Libregts die drie Griekse clubs versleet zei ooit als trainer in Griekenland 'op een vulkaan te leven'.

Hij hield het in het seizoen 1987-'88 bij Olympiakos Piraeus precies 56 dagen uit. Afgelopen seizoen kregen in de hoogste divisie liefst twaalf trainers ontslag en dit jaar moest de Bulgaar Bonev nog voor het begin van de competitie bij Panathinaikos vertrekken. Zijn ploeg had een oefenpartijtje tegen een club uit de tweede divisie verloren.

Het is daarom een hele prestatie te noemen dat dat Gerards op Kreta al aan zijn zesde seizoen bezig is. Hij is daarmee in het Griekse voetbal met afstand de trainer die het langst bij dezelfde club werkt. Volgens de Limburger, voorheen slechts hulptrainer bij Roda JC, denkt een oefenmeester in Griekenland niet in termijnen van jaren, maar van maanden. Het maakt wel verschil of je bij een van de vier grote clubs zit of bij een kleinere club als OFI Kreta. Toch waande Gerards zich op het populaire vakantie-eiland ook al een aantal keren op de schopstoel. 'Op zo'n moment is het gewoon een kwestie van je volgende wedstrijd winnen. Daarna is alles weer goed. Dat weet je. Ik heb tot nu toe geluk gehad. Maar er zal ongetwijfeld een tijd komen dat ik ook moet verdwijnen.'

Het is opvallend dat ondanks de constante dreiging van een ontslag en de soms gigantische chaos in het Griekse voetbal alle Nederlandse trainers die er hebben gewerkt niet onwelwillend tegenover een terugkeer zouden staan. Israel, werkloos oefenmeester, maakte zelfs de krankzinnige situatie mee dat zijn aanvoerder na een verloren wedstrijd door de eigen fans in elkaar werd geslagen ('En hij had niet eens meegespeeld'), maar hij zou toch zo weer zijn koffers pakken.

'Je wordt aangetrokken door de geweldige voetbalsfeer', verklaart Gerards. 'De Griek praat ook maar over twee zaken, politiek en voetbal.' Belangrijker is waarschijnlijk dat de Grieken uitstekende salarissen betalen. Volgens de Griekse kranten zou Libregts destijds als de grootste verdiener onder de trainers bij Olympiakos een maandsalaris van 55.000 gulden netto per maand hebben opgestreken.