Drie heren, drie talkshows, drie presenteerstijlen

Drie heren, op drie achtereen volgende avonden, met een groepje gasten in het centrum van Amsterdam. Elk van de drie bevindt zich in een salon-achtige omgeving en in ieders optreden is iets dat hen afzondert van de rest van het aanbod van hun omroep: Ursul de Geer is voor NCRV-begrippen tamelijk losbandig, Karel van der Graaf schrikt niet terug voor woorden die bij de AVRO doorgaans zelden worden gebezigd, en Adriaan van Dis is gesoigneerder dan de meeste van zijn VPRO-collega's. Soms voeren ze een gesprek dat zich ook bij een van de twee anderen had kunnen afspelen. Maar volstrekt uitwisselbaar zijn ze niet en ik vind Van Dis de beste.

Ursul de Geer komt uit de toneelwereld en dat is te zien: hij neemt een pose aan, hij speelt. Terwijl zijn regisseur rusteloos naar nieuwe shots zoekt om die notarissentafel in beeld te brengen, springt hij langs de fait divers die men heeft verzameld. Een impresario, een actrice, een ex-politicus, een volleyballer en een Engelse schandaaljournalist vijf gasten, voor wie minimaal vijf en ten hoogste negen minuten beschikbaar zijn. Het meest ambitieuze gesprek betrof de gepensioneerde Aantjes, die door De Geer twaalf jaar na dato scherp werd aangevallen om zijn oorlogsverleden. De man maakte duidelijk dat het CDA hem hard heeft laten vallen en dat hij nog best iets in de partij had willen doen, verder vroeg ik me af wat nu nog de zin was van zo'n gehaaste ontmoeting, behalve om De Geer de harde interviewer te laten spelen.

Op zaterdagavond verschijnt Karel van der Graaf, de meest journalistieke van de drie en ook de man met de meest informatieve inleidingen. Drie gasten, gemiddeld een kwartier per gesprek. Een bergbeklimmer, een twistgesprek en een hoofdgast wiens optreden in de uitzending een paar keer wordt aangekondigd. Van der Graaf vat tijdens zijn interviews telkens het voorgaande samen, dat is handig, en het geeft aan dat hier een uitgedachte gespreksstructuur wordt gevolgd. Daardoor ging bijvoorbeeld het onderhoud met alpinist Ronald Naar verder dan het gebruikelijke hengelen naar spannende verhalen. Maar als er iets niet volgens plan verloopt, kan hij zijn teleurstelling nauwelijks verbergen. Na het twistgesprek, waarin de antagonisten elkaar niet in het haar vlogen, sprak de presentator streng dat het wel wat feller had gekund. Voorts is er in zijn stem iets dat me niet bevalt, een onheilspellende galm die suggereert dat er elk moment een vreselijke onthulling kan komen. Zelfs een luchthartig gesprekje als dat met Jules Deelder leed daaronder.

Adriaan van Dis heeft van de drie de meeste tijd voor zijn gasten, ieder krijgt een minuut of twintig. Dat bevordert de rust. Hij geeft ook veel meer van zichzelf bloot dan de anderen. Misschien maakt hij het zichzelf iets gemakkelijker: hij blijft in de schrijverswereld waarmee hij affiniteit heeft, en probeert niet van-alles-wat in zijn programma te halen. Hij stelt intelligente, portretterende vragen en deinst er niet voor terug op tegenvragen in te gaan. Daardoor ontstaan vaak echte gesprekken. Ik denk niet dat De Geer of Van der Graaf erin waren geslaagd Karel van het Reve aan het lachen te krijgen, zoals Van Dis gisteravond. Op zo'n moment gebeurt er iets dat niet in de lijn der verwachting ligt en daar moet een tv-programma het van hebben.