Maxima zijn in CFE-verdrag zo vastgesteld er vernietigd moet worden; Voor het eerst reductie van bewapening

PARIJS, 17 nov. Het unieke van het verdrag over de conventionele bewapening in Europa (CFE) dat maandagmorgen in Parijs zal worden ondertekend door de staatshoofden of regeringsleiders van de zestien landen van de NAVO en de zes landen van het Warschaupact is het feit dat er nu voor het eerst sprake is van een werkelijke, in een verdrag vastgelegde reductie van de bewapening.

De twee militaire bondgenootschappen hebben maxima afgesproken over aantallen tanks, artillerie, pantservoertuigen, vliegtuigen en helikopters die elk van beide bondgenootschappen er op na mogen houden. En die maxima zijn zo vastgesteld dat zal moeten worden overgegaan tot daadwerkelijke vernietiging of ontmanteling van wapentuig. NAVO en Warschaupact mogen elk 20.000 tanks, evenveel stukken artillerie, 30.000 pantservoertuigen, 6.800 vliegtuigen en 2.000 helikopters hebben. Deze afspraken hebben tot gevolg dat aan de kant van het Warschaupact het aantal tanks met 19.000 zal moeten worden teruggebracht, waarvan een deel achter de Oeral (buiten het werkingsgebied van het CFE-verdrag) wordt geplaatst en een ander deel zal worden vernietigd. Overigens doen NAVO-kringen nogal relativerend over suggesties als zou de verplaatsing van wapensystemen naar het gebied achter de Oeral in strijd met de geest van het verdrag zouden zijn. Hoge functionarissen wijzen erop dat de verplaatsing van de wapens niet in strijd is met het verdrag en dat wapensystemen die worden verhuisd, in de open lucht worden opgeslagen, zodat de bruikbaarheid ervan snel zal afnemen. Een van de afspraken in het CFE-verdrag bepaalt dat geen van de deelnemende landen meer dan 33 procent van de afgesproken totalen van beide bondgenootschappen mag hebben. Dat betekent dat de Sovjet-Unie niet meer dan 13.300 tanks mag hebben. Nader beraad tussen de landen van het Warschaupact heeft er vorige maand toe geleid dat het aantal Sovjet-tanks wordt teruggebracht tot een maximum van 13.150.

Militaire deskundigen schatten dat de maandag in Parijs te ondertekenen verdragen voor het Warschaupact een reductie van maar liefst 40 procent zullen gaan betekenen, terwijl de NAVO niet meer dan drie procent hoeft te beperken.

De landen van NAVO en Warschaupact zullen zondagmorgen, voorafgaande aan de parafering van het CFE-akkoord in Wenen met exacte opgaven komen van de in de verschillende regio's aanwezige wapensystemen. Per categorie zal daarbij worden aangegeven hoeveel zal worden vernietigd om tot het afgesproken maximum te geraken. De Sovjet-Unie heeft toestemming gekregen om maximaal 750 tanks en 3.000 pantservoertuigen om te bouwen voor civiel gebruik.

Zodra het verdrag van kracht is, wordt begonnen met een zorgvuldig uitgedokterd systeem van verificatie, waarvan de eerste ronde al na vier maanden wordt gehouden, een tweede na drie jaar en een derde nog eens vier maanden later. Deze inspecties mogen niet worden geweigerd op plaatsen waar zich volgens opgave militair materiaal bevindt. Inspecties op andere plaatsen kunnen, mits gemotiveerd, worden geweigerd.

De CFE-besprekingen begonnen op 9 maart 1989, maar door de snel veranderende en daardoor ongewisse situatie in Europa raakten ze medio dit jaar in een impasse. Het bezoek van bondskanselier Helmut Kohl in juli aan Sovjet-leider Gorbatsjov bracht uiteindelijk de doorbraak. Gorbatsjov ging toen akkoord met een Duits NAVO-lidmaatschap en de bondskanselier beloofde van zijn kant de omvang van de troepen van een verenigd Duitsland te beperken tot 370.000, een niveau dat binnen vier jaar bereikt moet zijn.

In de ontwapeningsgesprekken tussen Oost en West waren het lange tijd de aantallen manschappen waarover de verschillende partijen touwtrokken. Opvallend is dat in het maandag te ondertekenen CFE-verdrag maxima voor de omvang van de legers niet meer voorkomen. In het vervolg op de CFE-besprekingen, die moeten leiden tot een CFE-1A akkoord, zal de omvang van de legers echter weer ter sprake komen. De Duitsers hebben er namelijk geen misverstand over laten bestaan dat hun eenzijdige verklaring over beperking van de omvang van hun strijdmacht eenmalig was. Ze vinden dat ze in Europa nu lang genoeg een uitzonderingspositie hebben ingenomen en daarom ijveren ze ervoor dat het CFE-1bis-akkoord ook andere landen zal binden aan maxima voor wat betreft het aantal manschappen.