PvdA: koopsparen voor aanschaf huis; Koopsparen brengt volgens PvdA uitgaven voor volkshuisvesting drastisch terug

DEN HAAG, 16 nov. De PvdA-fractie wil met ingang van 1992 een systeem van koopsparen introduceren dat op den duur de bestaande regeling voor premiekoopwoningen vervangt. Daarmee wordt een drastische besparing op de rijksuitgaven voor de volkshuisvesting bereikt.

In het voorstel van de PvdA, een variant op de suggesties voor bouwsparen die diverse organisaties recentelijk hebben gedaan, wordt het sparen voor een eigen huis door de overheid beloond met een premie. Het systeem is zowel voor nieuwe als bestaande woningen van toepassing en onderscheidt zich daarmee van de bestaande premiekoopregeling. Het kan alleen worden benut door degenen die nog geen eigenaar van een woning zijn. Bovendien geldt voor de premie een maximum belastbaar inkomen van 40.000 gulden.

Het PvdA-voorstel kan een spaarder een eenmalige premie van maximaal 8.000 gulden opleveren. Daarvoor moet hij tien jaar lang steeds 3.000 gulden zelf hebben gespaard op een geblokkeerde rekening, waarvan de rente belastingvrij is. Minder mag ook, maar dan wordt ook de premie lager. Twee personen die beiden apart sparen voor de aankoop van een huis, kunnen in totaal aan 14.000 gulden premie komen. De huidige premiekoopregeling kent een maximum belastbaar inkomen van 43.500 gulden. De premie kan nu oplopen, naarmate het inkomen lager is, tot 41.000 gulden totaal, verspreid over vele jaren.

Volgens het systeem van de PvdA-fractie moet iemand ten minste vijf jaar sparen en kan de premie over maximaal tien jaar sparen worden verstrekt. Bij de aankoop van een huis ontvangt de koper 40 procent over de eerste 10.000 gespaarde guldens en 20 procent over de rest. Als iemand bijvoorbeeld 10 jaar lang 2.000 gulden heeft gespaard, beschikt hij inclusief de (gecumuleerde) rente over 28.000 gulden en krijgt een premie van 6.000 gulden. Zo heeft hij 34.000 gulden aan eigen geld om een huis te kopen.

Het plan van de PvdA-fractie werd gisteren gepresenteerd door de Kamerleden De Jong, De Pree en Vermeend. Bij de begrotingsbehandeling volgende week zal staatssecretaris Heerma (volkshuisvesting) worden gevraagd een nadere uitwerking van de plannen te laten maken. Een commissie onder leiding van oud-staatssecretaris Schaefer had de PvdA-fractie al eerder een plan aan de hand gedaan voor bouwsparen. De fractie heeft nu gekozen voor een minder ingewikkelde variant daarvan, die minder onderscheid naar inkomen maakt en niet wordt toegepast op renovatie, zoals in het voorstel van Schaefer c.s. wel het geval was.

De Kamerleden becijferen dat hun systeem de overheid veel minder geld kost dan de huidige premieregeling. De kosten lopen, aangenomen dat jaarlijks 100.000 mensen aan het koopsparen meedoen, vanaf 1997 geleidelijk op tot ten hoogste 436 miljoen gulden per jaar in 2002. Volgens de berekeningen van het ministerie van volkshuisvesting wordt aan de bestaande premiekoopregeling volgend jaar 874 miljoen uitgegeven en in 1995 709 miljoen. Een ander financieel voordeel voor de overheid van het PvdA-plan is dat de kopers dank zij het eigen geld een lagere hypotheek zullen nemen en dus ook minder hypotheekrente van de belasting aftrekken.

Het PvdA-trio geeft toe dat ook het koopsparen niet zal zijn weggelegd voor de laagstbetaalden en dat voor deze categorie, net als nu, een eigen woning moeilijk haalbaar is. 'Dat betekent eens te meer dat er ook betaalbare huurwoningen nodig blijven', aldus Kamerlid De Jong. Met hun voorstel hopen de PvdA'ers ook de doorstroming te bevorderen zodat de goedkopere huurwoningen vrijkomen voor de laagste inkomens.

Zowel staatssecretaris Heerma als de CDA-fractie in de Tweede Kamer heeft laten weten niet onwelwillend tegenover ideeen tot bouw- of koopsparen te staan. Heerma had al besloten zijn ambtenaren de voor- en nadelen op een rij te laten zetten en verwacht begin volgend jaar de resultaten van dat onderzoek.