Ginkgo

Nu het herfst is zie je veel mooie bladeren, met mooie kleuren en vormen. Ik weet een blad dat lijkt op een eendepoot, groen met geel aan de buitenkant. Het is van de ginkgo.

In de buurt van mijn oude kleuterschool staan ginkgo's waar nu ook vruchtjes af vallen, een soort gele kers, die vies en glibberig worden op straat en stinken, het is maar goed dat de mensen die daar wonen ze zo netjes bij elkaar vegen, je kan erover uitglijden.

Het is wel bijzonder, je hebt vrouwelijke ginkgo's met de vruchtjes. Die worden bijna nooit geplant, vanwege de stinkende glibberige zaden. En de mannelijke bomen hebben alleen stuifmeel katjes.

Deze soort (ginkgo biloba) is de enige overlevende van een grote plantengroep die 200.000.000 jaar geleden (de tijd van de grote sauriers) over de hele wereld verspreid was. Lang voor de ijstijd verdween deze soort, alleen in China bleef de ginkgo in leven.

In China werd hij in tempeltuinen geplant en later ook in Japan. Er was een Duitse dokter Kampfer die bij de Oost-Indische Compagnie was en hij is in de 17de eeuw een tijdje in Japan geweest. Hij ging op bezoek bij de keizer, in zijn tuin stond deze mooie boom: ginkgo, de zilveren abrikoos. Hij schreef erover.

Vijftig jaar later kwam de eerste ginkgo naar Nederland en daarna ook naar Engeleand, waar hij nu al tweehonderveertig jaar staat. De ginkgo is sterk, is nooit ziek, en schadelijk dieren doen hem niets. Alleen de honingzwam, daar kan hij niet tegen. De ginkgo heeft alle ziektes en insectenplagen miljoenen jaren geleden al beleefd.

In China worden de zaden geroosterd, dat is de Chinese pinda.

De blaadjes van de ginkgo zijn waaiervormig en er zit een diepe gleuf aan de bovenkant. De nerven lopen van binnenuit naast elkaar en splitsen zich in tweeen. Door de diepe gleuf in de bladeren is het net alsof elk blad niet wist of hij een of twee blaadjes zou worden. In mijn bomenboek staat dat een Duitse dichter het blad daarom vond lijken op Echte Vriendschap. Goed he.