Fusiegesprek verzekeraar Ohra en drie spaarbanken

ROTTERDAM, 15 nov. Verzekeraar Ohra is in gesprek met drie spaarbanken over een mogelijke vorm van samenwerking. Het gaat om de Stichting Bondsspaarbanken Midden-, Noord- en Oost-Nederland (MNO), de Stichting Bondsspaarbanken Centraal- en Oost-Nederland (CON) en de SNS Bank.

Dat hebben de directies van Ohra en de spaarbanken vanochtend in een gezamenlijke persverklaring bekendgemaakt. Het is nog niet duidelijk of de besprekingen definitief tot samenwerking zullen leiden en zo ja, in welke vorm dit zal geschieden.

Ohra behaalde in 1989 een premie-inkomen van 577,5 miljoen gulden en een omzet van 676 miljoen. De nettowinst nam toe van 15,5 miljoen in 1988 tot 53,8 miljoen vorig jaar. Het belegd vermogen klom in deze periode van 1.101 miljoen naar 1.203 miljoen.

De bij de samenwerkingsbesprekingen betrokken spaarbanken hebben gezamenlijk een eigen vermogen van 1 miljard gulden, een balanstotaal van 10,5 miljard en 2230 medewerkers verspreid over 300 vestigingen.

Indien de besprekingen uitmonden in een volledige integratie wordt het de vierde fusie tussen Nederlandse verzekeraars en banken. Begin dit jaar werd het zogenoemde structuurregime opgeheven, het regime dat een intensieve samenwerking tussen banken en verzekeraars verbiedt. Sindsdien is verzekeraar Amev met de Verenigde Spaarbanken VSB gefuseerd, is de verzekeraar Interpolis overgenomen door de Rabo Bank en hebben Nationale Nederlanden en NMB Postbank aangekondigd te willen samengaan.

De besprekingen tussen Ohra en de drie genoemde banken komt bovenop de fusiebesprekingen die de drie banken zelf onderling voeren. De drie, MNO, CON en SNS, maakten afgelopen september bekend met een fusie-onderzoek bezig te zijn.

Wat Ohra betreft mogen de samenwerkingsbesprekingen op zijn minst opmerkelijk worden genoemd. De verzekeraar meldde in juni van dit jaar nog dat zij tot elke prijs zelfstandig wil blijven. 'Ohra blijft zelfstandig, de deur blijft gesloten. Het gonst om ons heen over samenwerkingsgesprekken. Maar wij blijven alles in eigen hand houden', zei bestuursvoorzitter drs. B. J. J. M. Heusmann toen bij de presentatie van het jaarverslag over 1989.