Duizel verzet zich tegen bouw mestfabriek; 'Burgemeester speelde handjeklap met provincie'

EERSEL, 15 nov. Langs de autoweg tussen Antwerpen en Eindhoven liggen op Eersels grondgebied uitgestrekte akkers en weiden, een visvijver en een wandelgebied, waar burgers uit de Kempen zich in de weekeinden kunnen vertreden.

Op die plek wil de provincie een zogenoemd milieutechnologisch bedrijventerrein gaan vestigen van 23 hectare. Daarop zal onder meer plaats moeten worden gemaakt voor een grootschalige mestfabriek, die de varkensdrijfmest verwerkt tot korrels. Maar daartegen is groot verzet gerezen, wat een provinciewoordvoerder doet verzuchten: 'Alles en iedereen komt in verzet tegen de mestfabrieken, terwijl de tijd dringt.' Door dat verzet dreigen de provincies met grote mestoverschotten in tijdnood te komen. Een provincie als Noord-Brabant, waar veel intensieve veehouderij en dus ook mest is geconcentreerd, zoekt naarstig naar terreinen, waar mestfabrieken kunnen worden gebouwd. Tot 1994 heeft men er drie nodig. In een vorige week verschenen provinciaal rapport worden drie locaties aangewezen: in het dorpje Zeeland, in Helmond en naar nu blijkt ook 'serieus', zoals de woordvoerder namens de provincie zegt, in Eersel. Nagenoeg de hele burgerij van het Kempenplaatsje Duizel (gemeente Eersel) heeft zich tegen de bouw van een dergelijke mestfabriek op die plaats uitgesproken.

De fabriek daar zou een capaciteit moeten hebben van een half miljoen ton mest per jaar. De capaciteit van Zeeland en Helmond ligt op elk 1 miljoen ton. De bewoners van Duizel zijn bereid 'tot het uiterste' te gaan, zoals woordvoerder W. Engbers van de actiegroep 'Geen Haagdoorn III' zegt. Haagdoorn III is de aanduiding van het terrein, waar naast een mestfabriek ook een puinbreekinstallatie en een opslag voor kippemest en voor compost zijn gedacht.

De mogelijkheid bestaat dat de provincie tot aanwijzing van het gebied overgaat, wat wil zeggen dat het van bovenaf wordt opgelegd. Minister Alders van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer zei onlangs tijdens een werkbezoek aan Noord-Brabant dat de provincie wat dat betreft op zijn medewerking kan rekenen.

Het Duizelse actiecomite verwijt vooral burgemeester J. A. M. van Agt (neef van de oud-premier) dat hij buiten de democratische kanalen om met de provincie handjeklap heeft gespeeld, wat de burgemeester ontkent. Alleen het seniorenconvent van de gemeenteraad is (vertrouwelijk) op de hoogte gesteld. De raad zelf heeft zich er niet over kunnen uitspreken. Het merendeel van de politieke partijen had al rond de gemeenteraadsverkiezingen in maart laten weten tegen de mestfabriek te zijn.

'Hij bood het terrein op een presenteerblaadje aan en de provincie zei: hap, hap, hap', aldus Engbers. 'Daarbij gaat de provincie voorbij aan alle eerder door haar opgestelde criteria, namelijk dat hinderlijke bedrijvigheid niet mag worden gevestigd binnen 1 kilometer van de woonbebouwing of van projecten waar veel mensen zitten, zoals scholen. Ik snap best dat de overheid bij het verwerken van de mest op grote problemen stuit, maar dan ga je toch niet zo maar effe al je principes opzijschuiven.' De burgemeester zegt dat ten onrechte de indruk is gevestigd dat hij het terrein heeft aangeboden. De provincie zelf zou haar oog op het terrein hebben laten vallen.

Een woordvoerder van de provincie zegt desgevraagd: 'Bij het van de grond brengen van projecten als dit loop je tegen steeds dezelfde problemen op. Alles en iedereen loopt er tegen te hoop. Het wordt daardoor een steeds groter probleem om goede locaties te vinden. Er wordt inderdaad aan gedacht om tot aanwijzing over te gaan. Daar kan een gemeente dan weer tegen in beroep gaan. In onze rapportage over de meest geschikte locaties is van die beroepsmogelijkheden uitgegaan, met andere woorden: mochten de zaken bij de Raad van State terechtkomen dan kunnen we in ieder geval zeggen dat we ons huiswerk goed hebben gedaan.'

Het probleem nijpt des te meer, aldus de provincie-woordvoerder, omdat na 1994 in Brabant nog eens een verdubbeling van de verwerkingscapaciteit voor mest wordt voorzien. In 1995 worden namelijk de bemestingsnormen andermaal verscherpt, waardoor het mestoverschot landelijk gezien zal stijgen tot 15 a 20 miljoen ton.

    • Max Paumen