Daimler en Mitsubishi zien af van miljardenproject SU

BONN, 15 nov. De Duitse multinational Daimler-Benz en de Japanse gigant Mitsubishi zien af van van de gemeenschappelijke bouw en financiering (ruim 3 miljard mark) van een personenauto-fabriek in de Sovjet-Unie.

Hun plan blijft in de ijskast zolang de overgang van de Sovjet-Unie naar een markteconomie nog met grote politieke en economische onzekerheden omgeven is. Wel heeft Daimler vandaag in Moskou een contract met een waarde van 1,2 miljard mark getekend voor de levering en inrichting van een autobus-fabriek.

De voorlopige afgelasting van het mammoet-project voor de bouw van uiteindelijk ruim een kwart miljoen Mercedes-personenauto's per jaar in Gorki is mede geschied op verzoek van de Sovjet-onderhandelaars zelf, zo heeft Daimler-Benz meegedeeld. Die onderhandelaars, ook die uit het Sovjet-ministerie voor buitenlandse handel, weten nog niet hoe de markteconomie zal worden ingericht en welke financieringsafspraken, marktregels en verhoudingen tussen Moskou en de deelrepublieken straks zullen gelden.

'Voor zulke vragen beantwoord zijn is de gedachte dat de Westerse zakenwereld grote investeringen de Sovjet-Unie zou doen wishful thinking', aldus Ernst Reuter, voorzitter van de raad van bestuur van Daimler-Benz. Voor Mitsubishi, en in het algemeen voor Japanse bedrijven, is dat een doorslaggevende reden om nog geen grotere financieringsprojecten met de Sovjet-Unie aan te gaan. De 'strategische samenwerking' met het Duitse wereldbedrijf moet daarom in de Sovjet-Unie nog op betere tijden wachten.

Ondanks deze onzekerheid over de toekomstige gezagsverhouding tussen Moskou en de (15) deelrepublieken tekent Daimler-Benz, de grootste Duitse onderneming, vandaag wel een apart contract met de regering van de Russische republiek van parlementspresident Boris Jeltsin. 'De overeenkomst is er een met de Russische regering, niet met de Sovjet-Unie, daarom geloven we dat er in dit geval een goede basis is voor investeringen', aldus Reuter. De Stuttgartse multinational houdt er rekening mee dat te zijner tijd over de bouw van een Mercedes personen-autofabriek (alsnog) zaken kunnen worden gedaan, zij het dan niet met de regering van de Sovjet-Unie maar met het bestuur van de Russische republiek.

Die ook naar economische autonomie strevende republiek, die zeer rijk is aan grondstoffen, neemt een complete fabriek over voor de licentie-bouw van bussen van het type Mercedes O303. Deze fabriek moet komen te staan in het plaatsje Golytsino, 30 km van Moskou, en in 1994 klaar zijn voor de bouw van aanvankelijk 2.500 Avtrokon-bussen per jaar. Eventuele latere export van deze bussen zal alleen geschieden naar bepaalde landen, zo heeft Daimler al bij voorbaat in het contract laten opnemen.

In feite 'bevrijdt' het Russische contract Daimler ook van een probleem. Het dertien jaar oude type Mercedes-O303 heeft veel succes gehad, maar het bevindt zich in de eindfase van zijn produktie, een opvolgend model staat al op stapel. De O303-bus wordt vervaardigd in een Daimler-fabriek in Mannheim, de complete verkoop van het huidige produktie-materiaal aan de Russische republiek maakt in Mannheim tegelijkertijd ruimte voor de produktie van het nieuwe model.

    • J. M. Bik