Een en ander

'Het is gewoon een zeer plausibele veronderstelling', schreef de professor in de tekstwetenschap Teun A. van Dijk in het weekblad Forum over zijn gewichtige vondst dat ik de auteur van De ondergang van Nederland van Mohamed Rasoel zou zijn, en 'de conclusie van gewoon goed lezen.' Hij zou zich kunnen vergissen, vervolgde de professor, maar 'niettemin: se non e vero... '

Hij slikte de rest van het citaat maar in.

Se non e vero, e ben trovato. Als het niet waar is, is het goed gevonden.

Hij liet het misschien liever aan anderen over hem als goeie vinder te prijzen.

Het is de enige keer dat ik hem op bescheidenheid heb kunnen betrappen.

In de Haagsche Courant van enkele dagen later beweerde hij opnieuw dat hij voor 95 procent zeker van zijn zaak was. Zo groot was zijn twijfel dus ook weer niet.

Maar in zijn artikel in Forum gebruikte hij die laffe slag om de arm se non e vero nog om er mij ongestraft van te kunnen beschuldigen dat ik een racist zou zijn, om zoetsappig te suggereren dat ik in de gevangenis thuishoor ('We laten deze kwestie maar aan de nationale moraal, aan de officier en de rechter over') en om de hoofdredactie van deze krant als het ware te sommeren mij te ontslaan ('Mocht NRC Handelsblad hieruit geen conclusie kunnen trekken, mogen we dan veronderstellen dat racisme bij die krant salonfahig wordt zodra het van een schrijver is?')

Dat alles op basis van een geschrift waarvan hij, niemand dan hij en hij alleen, mij als de auteur aanwees.

Een geschrift dat hij vergeleek met wat ik persoonlijk ooit over het racisme schreef.

En wat ik daarover schreef jaren geleden had betrekking op de uitwassen van het anti-discriminatiefront, die tak van de welzijnsindustrie waarbij het de exploitanten niet in de eerste plaats om het racisme gaat, maar om hun eigen verkapte zelotisme en om de subsidies voor hun bureaus (buro's), arbeidsplaatsen, stencilmachines, parochieblaadjes en leerstoelen. Om hun positie van smetteloze bewakers van moraal en braafheid, waarvoor ze bereid zijn zelfs de meest onschuldige uitingen, zoals het gebruik van woorden als droplul en witkwast op de grote hoop van het racisme te gooien.

Professor Teun A. van Dijk maakt deel uit van die anti-discriminatie-industrie (hij is 'gespecialiseerd in de analyse van racistische teksten', staat te lezen onder zijn artikel in Forum). Het Nederlands Centrum Buitenlanders, dat hem in staat stelde met zijn vondst naar buiten te treden, maakt deel uit van die anti-discriminatie-industrie. Er viel nog wat oud zeer te verrekenen. Ineens bleek de tijd rijp. Mohamed Rasoel was, nu ja, een uitkomst.

En met een titanensprong dook professor Teun A. van Dijk met zijn speurneus in de modderplas.

Immers, zo schreef hij, eureka kraaiend, 'een anti-anti-racist is een racist'.

Kan professor Teun A. van Dijk, de tekstwetenschapper, 'gewoon goed lezen'?

Hij lijkt me voor een tekstwetenschapper wel heel weinig kennis van tekst te bezitten.

Mag ik de professor er op attent maken dat, bijvoorbeeld, een anti-anti-homoseksueel niet noodzakelijkerwijs zelf een homoseksueel hoeft te zijn?

Ik wens niet voor racist te worden versleten. Punt uit. Zelfs niet door een publiciteitsgeile professor in een nep-wetenschap en zelfs niet in een op marxistische nostalgie drijvend weekblaadje. Niet op basis van andermans werk en niet op basis van mijn eigen werk. Ze mogen mij in alle kranten een dronkelap noemen, een schuinsmarcheerder, een centendief, een kale neet, een communist, een crypto-paap, een lichtgewicht, maar geen racist. Hoe vogelvrij is een schrijver? Waar ligt de grens van wat iemand zich moet laten welgevallen?

Professor Teun A. van Dijk is in zijn verblinding niet te stuiten. 'Ik noem Komrij geen racist', beweert onze taalkundige paragnost in de Haagsche Courant, 'maar hij maakt zich wel schuldig aan racistische aantijgingen.' De subtiliteit van dit onderscheid ontgaat me ten enenmale.

Hoe is hij zo verblind geraakt? Het heeft met de miskenning van professor Teun A. van Dijks tekstwetenschap te maken, zoveel is zeker, maar ook met het feit dat hij, zoals ik in zijn curriculum vitae lees, een blauwe maandag psychologie heeft gestudeerd. Daarover volgende week meer.