Van der Stoel vindt sturen missie naar Irak 'niet netjes'

AMSTERDAM, 13 nov. Oud-minister van buitenlandse zaken M. van der Stoel vindt het 'niet netjes' om op korte termijn een missie vanuit Nederland naar Irak te zenden om de Nederlandse gijzelaars vrij te krijgen.

Van der Stoel reageert hiermee op de uitlating van minister Van den Broek (buitenlandse zaken) dat deze zich niet langer zal verzetten tegen deelneming van een Nederlandse oud-politicus aan een dergelijke missie. Van den Broek zei dit gisteren in Brussel na afloop van het EG-beraad.

Volgens Van der Stoel moet worden afgewacht wat het effect is van de diplomatieke druk die de zogenoemde Maghreb-landen op Irak zullen uitoefenen ten gunste van de gijzelaars. 'Dit is een poging om de zaak in beweging te krijgen en die moet niet doorkruist worden', zo zei hij.

Het familie-comite 'Gijzelaars Irak' heeft in een brief aan Van den Broek drie namen genoemd van oud-bewindslieden die bereid zijn deel te nemen aan een delegatie. Volgens ds. D. Wouters hebben zij als voorwaarde gesteld dat een dergelijke missie de steun krijgt van de regering. Om welke namen het gaat wilde Wouters niet zeggen.

Het comite zelf is door Irak te licht bevonden om in Bagdad op hoog niveau besprekingen te voeren. Kreeg het comite op 1 november nog de verzekering van de Iraakse ambassadeur Al-Falaki dat de kans op een visum voor Irak 'bijzonder groot' was, gisteren kreeg het van de ambassadeur te horen dat de delegatie onder leiding van Wouters zal moeten bestaan uit personen met een zwaarder politiek gewicht om werkelijk zaken te kunnen doen in Bagdad. Volgens Van der Stoel maakt deze reactie van Iraakse zijde duidelijk dat missies met alleen een humanitair doel niet welkom zijn. 'Wanneer een missie politiek niet interessant is, kunnen er dus geen zaken worden gedaan.'

Delegatie-lid J. Ruijter is niet verrast over de opstelling van de Iraakse ambassadeur: 'Dat wisten we wel. We fungeren nu eenmaal als vliegwiel voor een zwaardere delegatie. Maar als niemand wil, en daar zag het aanvankelijk naar uit, dan moet je op een lager niveau beginnen.'

Eerdere pogingen van het comite om 'iemand uit politiek Den Haag' bereid te vinden zich aan te sluiten bij de delegatie liepen op niets uit. Oud-minister van buitenlandse zaken M. van der Stoel wees een dergelijke uitnoding van de hand. In een gesprek met ds. Wouters liet hij weten respect te hebben voor de motieven van het comite maar tegenstander te zijn van missies die naar Bagdad afreizen om gijzelaars vrij te krijgen.

Ook van Buitenlandse Zaken zou de delegatie geen politieke steun krijgen. Op meer dan consulaire en logistieke bijstand van de Nederlandse ambassade in Irak zou de delegatie, mocht zij een visum krijgen, niet behoeven te rekenen. De Europese raad van regeringsleiders die in het weekeinde van 28 oktober in Rome bijeen zijn geweest had duidelijk afgesproken 'dat er geen vertegenwoordigers van de regeringen in welke hoedanigheid dan ook naar Irak gezonden zouden worden. Bovendien werd anderen ontraden dit te doen.'

'Zij hebben makkelijk praten', was de overheersende reactie van de Nederlandse gijzelaars die vrijdagnacht in het kielzog van oud-bondskanselier W. Brandt via Frankfurt in Utrecht arriveerden. De ex-gijzelaars en hun familie-leden laakten de 'starre houding' van de Nederlandse regering. Ook vanuit Bagdad werd de regering opgeroepen alle middelen aan te wenden om de achtergebleven gegijzelde landgenoten vrij te krijgen. 'Nederland kan wel vroom blijven, maar dat helpt niet. De regering kan zich wel verschuilen achter EG-afspraken, maar kijk naar Belgie: dat gaat nu ook overstag', aldus verwoordde gisteren vanuit Bagdad P. van Thiel de gevoelens van de gijzelaars.