'Ramp Piper Alpha door nonchalance'

ROTTERDAM, 13 nov. Het ongeluk op het offshore-platform Piper Alpha in de nacht van 6 op 7 juli 1988 kon een catastrofale omvang aannemen door een chronische nonchalance ten aanzien van veiligheid en veiligheidsprocedures. Zowel Occidental Petroleum, de Amerikaanse eigenaar van het platform, als het Britse ministerie van energie is daarvoor verantwoordelijk.

Dat is de voornaamste conclusie van het officiele onderzoek naar oorzaak en aanleiding van de ramp op het olieplatform. Een 800 pagina's tellend rapport met analyses, conclusies en aanbevelingen is gisteren vrijgegeven door rechter Lord Cullen van het Schotse High Court. Cullen heeft het onderzoek geleid.

Het onderzoek heeft niet tot een formele aanklacht jegens Occidental geleid, maar dat was ook niet de opzet. De Labour-fractie in het Britse Lagerhuis heeft niettemin op vervolging van Occidental aangedrongen.

Het ongeluk op Piper Alpha, 190 kilometer ten noordoosten van het Schotse Aberdeen, was het zwaarste ongeluk in de Noordzee-oliewinning dat zich tot nu toe heeft voorgedaan. Slechst 62 man overleefde de ramp. Het produktieplatform zelf ging verloren waardoor de Britse olieproduktie met 12 procent terugliep.

De direkte aanleiding voor de ramp was de verwijdering van een veiligheidsklep uit een gasleiding in de gascompressie-module en het verzuim deze handeling aan een volgende onderhoudsploeg bekend te maken. De nieuwe ploeg liet gas in de verkeerde leiding. De volgende explosie leidde tot brand en daarna bleken veel veiligheidsmiddelen niet te werken.

Cullen verwijt 'operator' Occidental een te geringe training in veiligheidsprocedures, een tekort schietende 'monitoring' en een gebrekkige communicatie op het platform en in het algemeen een slecht management.

Het ministerie van energie wordt een te oppervlakkig toezicht verweten. Bij de laatste inspectie, die een maand voor het ongeluk plaats vond, werden geen tekortkomingen ontdekt hoewel die, aldus Cullen, toch zeer opvallend waren. Het minsterie slaagde er nauwelijks in voldoende inspecteurs aan te trekken en had er in de zomer van '88 maar zes in dienst.

Het rapport doet de aanbeveling het veiligheidstoezicht op de offshore van het ministerie van energie over te brengen naar de meer onafhankelijke overheidsinstantie 'Health and Safety Executive'. Die zou de bevoegdheid moeten krijgen zonodig platforms te sluiten. Energie-minister Wakeham heeft dat voorstel inmiddels overgenomen. Ook de Britse offshore-industrie, verenigd in de United Kingdom Offshore Operators Association (UKOOA), stemt in met het voorstel.

De 106 aanbevelingen uit het rapport concentreren zich op platformontwerp, brandbestrijding en evacuatie-mogelijkheden. Onder meer wordt aangeraden een explosie- en hitte bestendige vluchtplaatsen aan te brengen die zeker 20 minuten bescherming zou moeten bieden. Ook worden voorstellen gedaan voor een heel nieuw systeem van risico-analyse dat zich concentreert op gehele systemen in plaats van op onderdelen.

Occidental laat in een reactie op het rapport weten meer dan de kritiek de aanbevelingen uit het rapport belangrijk te vinden. Het bedrijf zegt sinds juli '88 al 50 miljoen pond aan extra veiligheidsmaatregelen te hebben getroffen. De UKOOA trof in totaal voor 700 miljoen pond aan aanvullende maatregelen; zij werd daartoe overigens door de overheid gedwongen.

De Britse industrie en vakbonden geven hoog op van het Noorse toezicht op de veiligheid bij offshore-activiteiten. Toezicht op de veiligheid van de Nederlandse osshore-installaties is in handen van het Staatstoezicht op de mijnen (economische zaken) die daarvoor 29 man in dienst heeft.

Occidental Petroleum bouwt op de plaats van de ramp een nieuw platform, de Piper Bravo, die in 1992 olie moet gaan leveren. De Britse onderstaatssecretaris voor energiezaken Geoffrey Chipperfield, zei vanochtend op het Holland Offshore Congres in Amsterdam dat het aantal veiligheidsinspecteurs voor de controle van boorplatforms binnenkort zal worden uitgebreid van dertig tot veertig man.

Ook het aantal medewerkers voor de veiligheidscontrole op het ministerie moet worden uitgebreid, zei Chipperfield. 'We hebben wel de deskundigheid in huis, maar het probleem van voldoende mankracht om het veiligheidssysteem dat de ondernemingen moeten handhaven te controleren, hebben we onderschat.' Het rapport van Cullen zal volgens de onderstaatssecretaris verreikende consequenties hebben voor de offshore-industrie. Chipperfield kondigde ook wetswijzigingen aan.

Bij de verbetering van het veiligheidssysteem zijn nog problemen te verwachten met de bestaande olieplatforms. In de ontwerpen voor alle nieuwe platforms die nu gebouwd worden is al rekening gehouden met een scherpe intensivering van het veiligheidssysteem.