Er is geen Zuidafrikaanse variant van destalinisatie

Nu blank Zuid-Afrika politieke hervormingen verwelkomt, wordt de Afrikaner Staatskerk die het land bijna een halve eeuw heeft overheerst, geconfronteerd met een moreel dilemma: hoe het eigen verleden te verloochenen.

President F. W. de Klerk en zijn ministers hebben geweigerd hun voorgangers af te vallen of toe te geven dat apartheid meer was dan alleen een politieke vergissing: er is geen Zuidafrikaanse variant van destalinisatie.

Op het moment komt het dilemma heviger naar voren in de Nederduits Gereformeerde Kerk, de hoeder van het Afrikaanse geweten, die zo nauw is gelieerd aan de gevestigde orde dat de bijnaam 'de biddende Nationale Partij' ontstond.

Na de gewetensstrijd de gehele afgelopen week bij een belangrijke interkerkelijke conferentie in Rustenburg in het westen van Transvaal, schrok de NGK uiteindelijk terug voor een zelfde boetedoening als dominee Martin Niemoeller na de oorlog van de kerk in Duitsland eiste.

Deze 'volkskerk', waartoe meer dan driekwart van de Afrikaners behoort, speelde een sleutelrol bij het uitstippelen van het apartheidsbeleid. Sterker nog zij gaf het beleid een bijbelse rechtvaardiging, door te preken dat de scheiding van rassen in aparte 'naties' in overeenstemming was met de wil van God en onderdeel van zijn goddelijke 'ordening van de schepping'. In overeenstemming met deze leer verdeelde de kerk zich in raciale afdelingen voor blanke, zwarte en Indiase parochianen en kleurlingen.

Naarmate de druk van anti-apartheidsbewegingen op de Zuidafrikaanse regering groter werd, kwam de NGK eveneens onder druk te staan van andere kerken in de wereld, vooral die van de gereformeerde en hervormde calvinistische traditie waartoe zij behoort.

Dit bereikte zijn hoogtepunt in 1982 bij de uitsluiting door de Wereldraad van Kerken, die de apartheid tot 'zonde' verklaarde en de theologische rechtvaardiging ervan door de NGK 'ketterij' noemde.

Haar eigen zwarte, gekleurde en Indiase zusterkerken verbraken de banden en de NGK kwam zowel in eigen land als in het buitenland geisoleerd te staan.

Nu is apartheid plotseling uit de gratie. De Nationale Partij verkondigt haar steun aan machtsdeling met de zwarten en heeft haar deuren geopend voor zwarte leden. President De Klerk reist de wereld rond om te trachten weer toegang te krijgen tot de gemeenschap van naties.

Bekentenis

Ook de kerk zoekt weer toegang. Bij de Synode van drie weken geleden kwam de kerk er dichtbij een bekentenis te doen die de andere kerken eisen: toegeven dat apartheid een zonde is, maar de NGK ging toch niet zover om toe te geven dat een ketters evangelie was gepredikt door de rechtvaardiging van het beleid op theologische gronden.

De daad wekte de hoop dat de NGK ook de laatste stap zou zetten toen afgevaardigden van tachtig kerkgenootschappen en veertig kerkelijke organisaties op maandag vijf november bijeenkwamen in Rustenburg, om een week lang te pogen een verzoening tot stand te brengen tussen de verdeelde kerken van Zuid-Afrika.

Het was een zeer dramatische week. Dinsdag beleed professor Willie Jonker publiekelijk schuld aan het steunen van de apartheid. Bisschop Desmond Tutu, de Nobelprijswinnaar voor de vrede in 1984 en hoofd van de Anglicaanse Kerk in Zuid-Afrika, accepteerde in een zeer emotionele sfeer de schuldbelijdenis namens 'degenen die onrecht is aangedaan'.

Jonker ging verder door te zeggen dat hij zich ook gerechtigd voelde 'namens' zijn kerk en de gehele Afrikaner bevolking schuld te bekennen. Hierdoor werd de officiele NGK-afvaardiging gedwongen te reageren, en de volgende dag zei de moderator dr. Pieter Potgieter dat de kerk zich formeel aansluit bij Jonkers schuldbekentenis.

De stemming op de conferentie werd beter, maar er brak verontwaardiging uit onder de leken van de NGK. Ten minste dertig procent van de leden van de kerk ondersteunen de Conservatieve Partij van dr. Andries Treurnicht, die nog steeds achter de apartheid staat, terwijl vele anderen geirriteerd zijn omdat hetgene waarin zij hun hele leven hebben geloofd op deze manier wordt vertrapt.

Boze reacties

Een stroom van boze reacties bereikte de NGK-afgevaardigden. Treurnicht, die zelf theoloog is, hekelde de schuldbelijdenis en ex-president P. W. Botha belde Jonker en Potgieter op om hen te berispen.

Een ziedende Botha zei tegen Potgieter het 'hoogst onbegrijpelijk' te vinden dat de NGK-theologen schuld hebben beleden 'aan aartsbisschop Tutu' die volgens hem 'onnoemelijk lijden had veroorzaakt met zijn voortdurend sanctie-geleur en zijn steun aan revolutionaire elementen'.

In een persverklaring zei Botha ook dat hij de schuldbelijdenis een 'smakeloze aanval op en vernedering van kwetsbare kerkelijke leiders uit het verleden' vindt.

Twee NGK-leden, Jonker en de plaatsvervangend leider van de kerk, professor Johan Heyns, zaten in een ontwerpcommissie die de gehele dondernacht bleef doorwerken om een gezamenlijke, krachtige verklaring op te stellen die aan het eind van de conferentie zou worden uitgegeven.

Deze verklaring ging verder dan alleen de afwijzing van de apartheid als een zonde en bevatte het gevreesde woord 'ketterij'. De verklaring riep ook op de schade te vergoeden aan de onrechtvaardig behandelde zwarten door positieve actie en teruggave van hun onteigende land.

Maar vrijdagmorgen werd duidelijk dat de NGK-afgevaardigden terugkrabbelden.

Heyns protesteerde dat de verklaring 'te veel leek op een vonnis' en dat hij niet kon accepteren dat die leden van de kerk die nog in apartheid geloofden 'bestemd waren voor de hel'.

Toen het einde van de conferentie naderde, gaf Potgieter een haastig met de hand geschreven verklaring aan de pers waarin stond dat de NGK zich alleen maar met de schuldbekentenis kon vereenzelvigen voor zover die met de verklaring van de Synode van de kerk overeenkwam. Het kwam neer op een distantiering.

Kwader trouw

Andere kerkelijke afgevaardigden reageerden furieus, sommigen beschuldigden de NGK van kwader trouw. Sam Buti, de leider van de zwarte zusterkerk van de NGK zei dat het betekent dat Jonker en Potgieter een 'goedkope schuldbekentenis' hebben afgelegd. Russel Botman, assessor van de kleurlingenkerk zei dat hij ontevredenheid en droefenis voelde over de gang van zaken. 'Men vraagt zich af of zij niet banger zijn voor mensen in hun invloedrijke kiesdistricht dan dat zij God vrezen', aldus Botman.

Dr. C. F. Beyers Naude de beroemdste dissident die de NGK in 1963 verliet als gevolg van haar steun aan de apartheid, zei te menen dat de kerk haar geloofwaardigheid heeft verspeeld en dat verzoening nu verder weg is dan ooit.

Het verleden, zo schijnt het, zal blijven rondspoken tot het wordt uitgedreven.