Overgangsregeling nieuwe wet ontziet meeste weduwen

DEN HAAG, 9 nov. Weduwen en weduwnaars die op het moment van de invoering van de nieuwe nabestaandenwet (ANW) 60 jaar of ouder zijn behouden hun gunstige uitkering op grond van de huidige AWW.

Degenen die jonger zijn dan 60 jaar vallen wel direct onder de nieuwe regeling. De inkomensafhankelijke toeslag op de verlengde uitkering zal niet in een keer worden weggestreept tegen een eventueel inkomen.

Staatssecretaris Ter Veld (sociale zaken en werkgelegenheid) heeft dit gisteren verklaard in mondeling overleg met de Tweede Kamer. Het ontwerp voor de ANW ligt voor advies bij de Raad van State. Ter Veld is steeds van plan geweest de wet per 1 januari 1991 door te voeren, maar de invoering zal vrijwel zeker met ten minste enkele maanden worden vertraagd.

Het 'overgangsrecht' was nog niet geregeld. Door mensen boven de 60 jaar niet onder de nieuwe wet te laten vallen, blijft de grootste groep weduwen en weduwnaars buiten schot. De ANW moet een besparing opleveren van 665 miljoen gulden in 1995, oplopend tot bijna een miljard.

In de nieuwe wet krijgen nabestaanden met kinderen onder de 18 jaar gedurende een jaar recht op een inkomensonafhankelijke uitkering van 90 procent van het minimumloon. Nabestaanden zonder kinderen onder de 18 jaar krijgen 70 procent van het minimumloon. Daarna bestaat het recht op een verlengde uitkering mits men kinderen onder de 18 heeft, arbeidsongeschikt is of ouder dan 50 jaar. De hoogte van deze uitkering hangt mede af van het inkomen.