Literaire tijdschriften

Victor Varangot

De roem van het literaire tijdschrift Forum is omgekeerd evenredig met de duur van zijn bestaan. Tijd om oud en gezapig te worden kreeg het blad, opgericht in 1932, niet in december 1935 verscheen na een ruzie tussen het Nederlandse en het Vlaamse deel van de redactie het laatste nummer. In het een na laatste nummer stond de novelle Virginia van Victor Varangot. De Vlaamse en de Nederlandse redacteuren publiceerden in dezelfde aflevering verklaringen waarom het blad niet kon blijven bestaan. Het was de ontknoping na maandenlang touwtrekken tussen de in en buiten het blad strikt gescheiden Vlaamse en Nederlandse helften.

Varangot schreef in een paar avonden in januari 1934 zijn novelle over de maagd Virginia. Haar maagdelijkheid is reden voor vier heren, een pastoor, een Don Juan, een blanke-slavinnenhandelaar en een gentleman, om haar te belagen. Alle vier zijn ze op eigen gewin uit en daar speelt Virginia's ongereptheid direct of indirect een rol bij. Door de sluwe bemiddeling van een bandiet zullen alle vier aan hun trekken komen, de bandiet zelf trouwens eveneens. Een dichter gooit aan het slot echter roet in het eten. Varangot, die getrouwd was met Truida ter Braak, het jongste zusje van Menno, liet het verhaal aan Greshoff lezen en deze zag er wel wat in. Ook andere redacteuren waren enthousiast. Het Vlaamse deel van de redactie was echter vastbesloten om publikatie tegen te houden. Aanvoerder van de Vlaamse bende van drie was Marnix Gijsen (ps. van Albert-Jan Goris) die meende dat katholieke lezers geschokt zouden zijn. De schrijver zou later van zijn geloof afvallen. Aan de andere kant was daar redacteur Simon Vestdijk, die wel bereid was de suggestie van de Vlaamse redactiehelft te volgen maar zich toch solidair verklaarde met de andere Nederlanders. In 1961 (in Gestalten tegenover mij) mopperde Vestdijk nog op Varangot: de man had hem een deel van zijn broodwinning ontstolen.

Varangot (78) kijkt er nu gelaten op terug: 'De Vlaamse helft van de redactie was al boos door een erotisch getinte voorpublikatie van Du Perron, maar daar durfden ze niets van te zeggen. Over mijn verhaal wel.' Virginia heeft ruim anderhalf jaar op publikatie moeten wachten. In de tussentijd was het enthousiasme van bij voorbeeld Ter Braak al enigszins bekoeld, zo bleek later uit brieven. Varangot: 'Hoe langer de affaire speelde, hoe minder belangrijk mijn verhaal eigenlijk werd. Het was een principekwestie geworden: de Vlaamse redacteuren hadden zich gewoon niet te bemoeien met de Nederlandse helft van het blad.'

Varangot is geen bekende auteur geworden. Zijn naam is onverbrekelijk verbonden met het einde van Forum, maar van zijn werk als vertaler, schrijver van Franse kritieken in de NRC of zijn eerdere bijdragen in de 'Panopticum'-rubriek van Forum is weinig meer bekend. Virginia is nu alsnog in een afzonderlijke uitgave verschenen bij Thomas Rap (prijs f. 14,50). Bezorger van de tekst is Kees Lekkerkerker, die de soberheid van de novelle prijst: 'Je herkent er de wiskundige Varangot in. Het is zo prachtig geschreven, er staat geen woord te veel in.' Varangot heeft volgens Lekkerkerker lang geaarzeld alvorens toestemming te geven voor publikatie maar hij is nu heel tevreden over de uitgave. Lekkerkerker zelf niet: op de achterflap is op onverklaarbare wijze een zin weggevallen. Die luidde: 'De Nederlandse redactie van het tijdschrift was unaniem voor plaatsing.' Lekkerkerker: 'Helemaal zeker van een tekst ben je nooit. Ik begrijp er niets van. Misschien heeft iemand een hoestbui gekregen en is daardoor die zin weggevallen.' Een hoestbui? 'Ja, een hoestbui. Je weet maar nooit.'

Rothschild/Bach

Als de boeken van Rothschild en Bach er niet zo nieuw uitzagen, zou je denken dat ze uit de vorige eeuw stammen. De uitgaven van 'Rothschild en Bach. Uitgevers Te Amsterdam' hebben een sober typografisch omslag van gebroken wit, van dezelfde kleur als het papier binnenin. Chic, dat is wel duidelijk. De naam Rothschild en Bach verwijst volgens uitgever Jan Ritsema naar geld, goede wijn, muziek en kunst: 'Het is in een flits bedacht toen ik met Henkes en Bindervoet zat te eten. Het gaat er mij om een literair fonds te presenteren dat eigenzinnig en anders is.' Rothschild en Bach is onderdeel van de International Theatre en Film Bookshop (ITFB), die eveneens gerund wordt door Jan Ritsema. Bij ITFB verschenen al ongeveer 250 uitgaven.

Een persbericht bij de presentatie van de eerste vijf boeken van de uitgeverij meldt: 'Kwaliteiten van stijl en inhoud beide bij voorkeur weerbarstig) zijn bepalend voor publicatie in het fonds van Rothschild en Bach.' De eerste aanbieding bestaat uit Autobiografie van een polemist (f.27,50) van Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes, Bloed, Wild Vlees en Verboden Vrucht (f. 24,50) van Cesar Stormvogel, Anna, met de omkeerbare naam (f. 22,50) van Marianne Kerkhoven, Wittgenstein incorporated (f. 22,50) van Peter Verburgten O'dom (15, -) van Battus.

Daarnaast staat er een aantal vertalingen op het programma, zoals Buch der Freunde van Hugo von Hofmannsthal, Journals, letters van Katherine Mansfield en Principi di una scienza nuova van Giambattista Vico. Ritsema mikt op ongeveer vijftien titels per jaar.

Facsimile's

In mei van dit jaar verwierf het Letterkundig Museum in Den Haag handschriften van Gerrit Achterberg uit de collectie Joan Th. Stakenburg. Een paar kladjes van gedichten zijn nu op prentbriefkaarten uitgegeven door het Museum. Gemakkelijk leest het niet maar omdat het het oorspronkelijke handschrift is, maakt het indruk. Ook gaf het Museum tien portretten van schrijvers uit, onder wie Achterberg, getekend door C. A. B. Bantzinger, Frederik van Eeden geschilderd door Lizzy Ansingh en een schilderij van Frans Kellendonk door Kees Knopper.

De reeks van 16 kaarten is te bestellen door fl. 14,74 over te maken op giro 495619 van het Letterkundig Museum, Den Haag, ovv '6de reeks prentbriefkaarten'.

Ruim Zicht

Bij de kleine uitgever 'De Geiten Pers' in Brummen is van Jan Siebelink de novelle Ruim Zicht verschenen. Volgens de schrijver is het een typisch Brummiaans verhaal. Het verhaal heeft te maken met een van de vele buitenplaatsen die Brummen rijk is. De ik-figuur keert na jaren terug in Brummen en gaat kijken naar de voormalige villa 'Ruimzicht', waarvan de naam inmiddels is veranderd. Zijn herinneringen voeren hem terug naar zijn oude buurjongen Henkie Gerritsen, die omstreeks zijn vijftiende 'geadopteerd' werd door een toevallige voorbijganger, ene meneer Lever. De voorbijganger, die magnetiseur was, had de magische uitstraling van Henkie gevoeld en wilde hem opleiden tot zijn opvolger. Aldus geschiedde. Henkie wordt Henri Garrets, blijkt succesvol in de praktijk van Lever en beweegt zich in de betere kringen. De ik-figuur is aanwezig op Henkies bruiloft waar hij getuige is van een pijnlijk moment tussen de van elkaar vervreemde biologische vader en zoon. Dat was de laatste ontmoeting, inmiddels jaren geleden. Nu hoort hij van een boer dat Henkies magische kracht op slag is verdwenen na de dood van meneer Lever. Dat is een anticlimax want het is niet duidelijk waarom Henkies kracht opeens moest verdwijnen. Teleurstellend na het mooi opgebouwde verhaal dat daaraan voorafgaat.

De uitgave is te bestellen door fl. 14, - over te maken op giro 991620 tnv Leen van Weelden, Burg. de Wijslaan 16, 6971 CD Brummen, ovv van Ruim Zicht.

Lijstjes

John Boswell en Dan Starer verzamelden 250 nummerlijstjes onder de titel Five rings, Six crises, Seven dwarfs, and 38 Ways to Win an Argument. Numerical Lists You Never Knew or Once Knew and Probably Forgot (Uitg. Viking, prijs f. 33,60).

Een vermakelijk en mooi uitgegeven boekje met veel, geheel nutteloze, overbodige kennis. Het is prettig om te weten dat er 41 Amerikaanse presidenten waren en maar liefst 44 vice-presidenten. Ook staat er nu eens precies onder elkaar wie de Seven Samourai zijn en wie deel uitmaakten van de Four Tops. Zelfs de Twaalf Apostelen staan er in. Het omvangrijkste hoofdstukje is het al in de boektitel aangekondigde lijstje van Schopenhauer met 38 manieren om een debat te winnen. In wijze raad nummer 38 zegt Schopenhauer: 'Een laatste truc is persoonlijk worden, beledigend en onbeschoft zodra u in de gaten heeft dat uw tegenstander aan de winnende hand is. Door persoonlijk te worden laat u het onderwerp voor wat het is en richt u uw aanval op de persoon met opmerkingen van beledigende en hatelijke aard. Dit is een zeer populaire truc, omdat iedereen in staat is hem te gebruiken.'

Als ik probeer te bedenken wat er ontbreekt in het boekje kan ik weinig anders bedenken dan de twaalf Nederlandse provincies, de drie benedenwindse en de drie bovenwindse eilanden. Ouderen kennen van school waarschijnlijk ook nog een hoeveelheid Indische eilanden. Maar hoe de vier heemskinderen heten, weet ik niet, net zomin als ik de drie zonen van Karel de Grote zou kunnen noemen. Een troost: Boswell en Starer weten het ook niet.