Kok neemt afstand van uitspraken Brinkman over groei koopkracht

DEN HAAG, 9 nov. Minister Kok (financien) verwacht dat de ruimte voor koopkrachtverbetering na 1991 'heel beperkt zal zijn'. Tijdens het debat over de begroting van Financien zei Kok gisteren dat de mensen 'aan de onderkant' op extra bescherming kunnen rekenen.

Met die opmerking neemt minister Kok afstand van de opmerkingen van CDA-fractievoorzitter Brinkman. Maandag waarschuwde Brinkman op een partijbijeenkomst in Raalte dat de koopkracht de komende jaren waarschijnlijk niet voor alle inkomensgroepen te handhaven zal zijn. 'Ik vind het te vroeg om iets specifieks te zeggen over de koopkrachtontwikkeling in de jaren na 1991', zei Kok.

De toonzetting van het betoog van Kok was minder somber dan die van zijn 'Schevenigse rede'. In deze toespraak voorspelde de minister van financien vorige week 'guur weer' en waarschuwde hij dat 'het weerstandsvermogen van de gehele samenleving' zwaar op de proef zal worden gesteld. Kok zei dat de economische groei minder wordt, maar 'wij gaan omhoog. Wij gaan alleen in die zin omlaag, dat wij minder omhoog gaan'. Hij waarschuwde dat 'we ons niet in de nesten moeten praten door te speculeren over economische inzinkingen, recessies of economische neergang'.

In zijn Scheveningse rede nam Kok een voorschot op de tussenbalans die het kabinet volgend jaar gaat opmaken. Er zullen dan afspraken moeten worden gemaakt over ombuigingen, die volgens de cijfers die nu de ronde doen kunnen oplopen tot 10 a 15 miljard gulden. Minister Kok verwacht dat het kabinet al in januari concrete plannen aan de Tweede Kamer kan voorleggen.

Verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen moeten volgens Kok in de gelegenheid worden gesteld om zogenoemde indexleningen uit te schrijven. Minister Kok gaat bij De Nederlandsche Bank bepleiten het verbod op indexleningen in te trekken. Dit zijn leningen waarbij de rentebetalingen (en/of de hoofdsom) aangepast worden aan de inflatie.

Afhankelijk van de ervaringen van de institutionele beleggers wil minister Kok beslissen of deze manier van financieren ook voor de overheid aantrekkelijk is. Hiermee komt hij tegemoet aan de wens van een Kamermeerderheid.

De minister wil nog geen uitsluitsel geven over de voorgenomen BTW-verlaging van 18,5 naar 17 procent. Het schrappen van die BTW-verlaging levert de overheid 2,7 miljard gulden op. Kok wees erop dat 'het jasje van het kabinet wat krapper is geworden' en dat daardoor de verlaging wellicht minder wordt. Het kabinet beslist hierover bij het opmaken van de tussenbalans.

Staatssecretaris Van Amelsvoort wees de Tweede Kamer erop dat op het gebied van de bestrijding van belastingfraude 'veel op de rails' staat. En als het kabinet geen extra maatregelen neemt.