Ritzen geeft college convenantkunde

DEN HAAG, 8 nov. - Het college van professor Ritzen over het verschijnsel'convenanten' werd gisteren geen succes.

Onderwerp waren zijn afspraken met de onderwijsbonden over de verbetering van de positie van leraren. De uitleg van de vroegere hoogleraar tijdens de behandeling van de onderwijsbegroting wekte echter alom verwarring onder zijn gehoor van Kamerleden.

De serie afspraken, over bijvoorbeeld de beginsalarissen van leraren, gaat vergezeld van een 'intentie-verklaring' over maatregelen als de invoering van de basisvorming en schaalvergroting in het onderwijs. Waren alle organisaties die het convenant hadden ondertekend nu ineens voor al die omstreden maatregelen, wilde de Kamer weten. Bovendien zag die in de meerjarige afspraken een beperking van de eigen budgettaire en politieke manoeuvreerruimte.

Niets aan de hand, zei Ritzen. Het convenant was geen 'commitment' van de ondertekenende organisaties, maar 'een agenda van beleidsdiscussies. 'Wanneer de Kamer vervolgens geen overwegende bezwaren heeft tegen de koers die in convenanten en hoofdlijnenakkoorden is uitgezet, zal onzerzijds definitieve ondertekening plaatsvinden.'

Ginjaar-Maas (VVD): 'Als ik de minister goed begrijp, wordt het budgetrecht pas van belang wanneer de Kamer 'overwegende' bezwaren heeft. Dat kan toch niet?'

Ritzen: 'Ik wil het woord 'overwegend' schrappen. Alle betrokkenen houden hun eigen verantwoordelijkheid en moeten daaraan zelf vorm geven.'

Schutte (GPV): 'Betekent dit dat als de Kamer over een bepaald onderdeel of op een bepaald moment niets zegt, daarmee wel een stilzwijgend commitment is ontstaan, waardoor de Kamer achteraf daarop niet kan terugkomen?'

Ritzen: 'De Kamer spreekt en oordeelt vandaag over de begroting. In die begroting hebben convenanten hun neerslag gevonden. Wat het convenant betreft zijn een aantal intenties aangegeven. Daarover oordeelt de Kamer, in het kader van de begroting voor 1991. (...) Als de Kamer zegt: dat moet u niet doen, dan is dat een heel duidelijke aanwijzing.'

Schutte: 'De minister vraagt de Kamer toestemming om te tekenen. Die toestemming heeft hij niet nodig. Hij heeft zijn eigen verantwoordelijkheid om te tekenen. De Kamer zal vervolgens bekijken of zij aanleiding ziet daarop te reageren. (...) De Kamer heeft haar eigen verantwoordelijkheid.'

Ritzen: 'Zeker.'