Koersval verontrust fusiepartners nog niet; Nat. Nederlandenen NMB Postbank willen 'alles uitleggen'

AMSTERDAM, 8 nov. De beurs heeft nog geen vertrouwen in de fusie tussen Nationale Nederlanden en NMB Postbank.

Ogenschijnlijk blijven de bestuursvoorzitters mr. J. J. van Rijn en W. E. Scherpenhuijsen Rom, broederlijk aan tafel in de bestuurskamer van laatstgenoemde, eerder vol begrip dan aangeslagen na dit voor Nederlandse begrippen ongekende affront binnen het financiele establishment. 'Een lichte koersdaling van Nationale-Nederlanden hadden wij wel verwacht, maar tien procent valt ons wat tegen', verklaart Van Rijn behoedzaam. 'Het is niet zo dat wij relaxed zitten. Maar dit soort dingen hebben nu eenmaal tijd nodig', meent Scherpenhuijsen Rom.

De beleggers zowel particulieren als professionele en de financiele analisten vielen na het bekendworden van het nieuws massaal over de huns inziens lage verhouding waarin aandeelhouders Nationale Nederlanden hun stukken straks kunnen omruilen voor aandelen in de nieuwe combinatie. Ook de manier waarop de fusie is gefinancierd en het drukkende effect op de winst per aandeel kan weinig genade vinden in de ogen van de beleggers.

Niet alleen werd Nationale-Nederlanden behorende tot de kwaliteitsaandelen van de Amsterdamse beurs gestraft met een koersduikeling van tien procent. Tot overmaat van ramp bleef tussen de aandelenkoersen van de verzekeraar en bank een beurstechnisch verschil bestaan waarvoor maar een verklaring is: de beurs betwijfelt of de fusie uberhaupt doorgaat.

Alle commotie op de beurs ten spijt is een herziening van de ruilverhouding voor de aandelen Nationale-Nederlanden in de nieuwe combinatie 'totaal niet aan de orde', onderstreept Van Rijn. 'Het is bij ons nog niet eens opgekomen'. Zorgen maakt ook bankier Scherpenhuijsen Rom zich niet. 'Ik zou me pas zorgen gaan maken als je alles, alles hebt gedaan om het uit te leggen hoe het zit en als het dan niet overkomt. Maar we moeten nog beginnen.' Van Rijn: 'Deze zaken liggen zo ingewikkeld, dat we hebben ingecalculeerd dat we moeite zouden hebben alles goed over te brengen. Wij gaan nu de boer op.'

Uitgebreid uitleggen en discussieren over het bod, zo luidt aldus het parool van beide bestuursvoorzitters. Vandaag zijn de beursanalisten aan de beurt en volgende week de institutionele beleggers die het aandeel Nationale-Nederlanden in hun portefeuille hebben. 'Ik neem aan dat men daarna zal vinden dat de prijs fair is', zegt Van Rijn.

Op het eerste gezicht mag het dan wel zo lijken dat het vooral de aandeelhouders NMB Postbank Groep zijn die van de fusie profiteren, zo betoogt de bestuursvoorzitter. 'Maar als ze verder gaan rekenen en een beetje naar de toekomst kijken zien ze de winst per aandeel na deze deal stijgen van 6 gulden naar 6,90 gulden.'

Een argument dat echter weinig indruk zal maken: die winst, zo redeneren beursdeskundigen, is weliswaar hoger, maar van een mindere kwaliteit omdat behalve de verzekeraar ook de bank er aan bijdraagt. En bankwinsten worden in de markt nu eenmaal als minder sterk gewaardeerd dan die van verzekeraars. 'Dat is een punt waar we over moeten praten', geeft Van Rijn toe.

Nationale-Nederlanden praat al sinds het begin van vorig jaar onder het motto van betere investor relations met beleggers met als doel een hogere beurskoers. Die was toen rond de 68 gulden en veel te laag, zo meende de verzekeraar, en meer voorlichting zou een beter besef kunnen brengen van de werkelijke waarde. Een hogere koers is van groot belang, juist met het oog op een sterke positie bij overnemingen en fusies waar vaak in aandelen wordt betaald. Toen het voorlichten evenwel weinig zoden aan de dijk zette, werd eerder dit jaar onderzocht of de zeer conservatieve manier van boekhouden op termijn aangepast zal worden, zodat de verborgen waarde van de verzekeraar meer in het zicht komt.

Sindsdien is de koers met bijna een derde verminderd tot 47,70 gulden en dat is ondanks de tegenvallende resultaten door de stormschade en de algemene koersmalaise veel te noemen. 'De hele beurs doet een beetje merkwaardig. Tja dat zij dan zo, we hebben het maar te eerbiedigen', meent Van Rijn zuinigjes. Hoe groot de werkelijke, intrinsieke waarde van zijn bedrijf is, laat hij in het midden. 'Maar als we een bod zouden krijgen van 100 gulden per aandeel, zou ik het keurig melden aan mijn commissarissen, maar er bij zeggen dat ze er echt niet op in hoeven te gaan omdat het te laag is', wil de bestuursvoorzitter nog wel even kwijt.

De fusiegesprekken kwamen een half jaar geleden op gang op initiatief Nationale Nederlanden. Van Rijn ontkent dat, hoewel een combinatie zeer wel mogelijk was geweest, eerdere fusiegesprekken met de ABN hebben plaatsgehad. Wel dacht Nationale-Nederlanden lange tijd aan een fusie met een buitenlandse verzekeraar. Maar uiteindelijk werd besloten eerst de thuisbasis te versterken.

Daar waren inmiddels 'meerdere grote verzekeraars' in gesprek met NMB Postbank, aldus Scherpenhuijsen Rom. Vooral het nog onbenutte distributiekanaal van de Postbank was een aantrekkelijk bezit. Dat zette de druk op de ketel bij Nationale Nederlanden. 'Er waren ontwikkelingen gaande die wellicht tot gevolg hadden dat er op een gegeven ogenblik geen keuze meer zou zijn', aldus Van Rijn, die zich vervolgens haast te verklaren dat de NMB Postbank een welbewuste keuze was. Vooral sterke positie in de markt voor particulieren en kleinere bedrijven was voor de verzekeraar aantrekkelijk.

Nu alles in financieel Nederland toch op zijn kop staat, komt onherroepelijk de vraag op of in het nieuwe verbond wellicht ook een plaatsje in te ruimen valt voor de ABN Amro. 'Theoretisch is dat zeker denkbaar', zegt Scherpenhuijsen Rom, 'Maar in de praktijk natuurlijk niet. Ergens komt er een grens aan wat je in Nederland aan concentratie-tendens kan hebben. De minister van financien en de De Nederlandsche Bank zouden dat niet toestaan. Ik denk terecht.'

Europese expansie van de combinatie staat voorop, in de eerste plaats door overneming van banken, op de tweede plaats door fusies met verzekeraars. Een expansie waar in de markt, gezien de relatief lage beurskoersen, door beursanalisten nog wel enige vraagtekens bij worden gezet. Volgens de fusiepartners zal de overnamekas vooral gevuld worden door winstinhouding (vorig jaar bedroeg de gemeenschappelijke winst 1,6 miljard gulden).

Enige verbazing wekte de mededeling dat het hier het overnemen van buitenlandse banken betrof die zich richten op de dienstverlening aan grote bedrijven en investment banking. Twee takken waar de NMB Postbank weinig ervaring mee heeft. Volgens Scherpenhuijsen Rom gaat het er echter juist om dat de strategisch zwakke kanten in het financiele dienstenpakket van zijn bank worden versterkt. 'En het aanbod in het bankwezen in het binnenland is redelijk beperkt', aldus Scherpenhuijsen Rom.

De onrust bij de onafhankelijke bemiddelaars nu nog het belangrijkste distributiekanaal waarmee Nationale-Nederlanden zijn verzekeringen aan de man brengt kan Van Rijn begrijpen. Met de Postbank komt er een nieuwe grote verzekerings-distributeur bij. Maar het zal vooral de markt voor de 'direct writers' zijn (verzekeraars die de klant zonder al te veel bijkomende service direct benaderen) waar de concurrentie zich af gaat spelen.

'Maar er zit ook een emotionele dimensie aan, van: He, vader die altijd zo goed was voor de assurantie-tussenpersonen, die al meer dan eeuw met hen samenwerkt, die gaat nu ook tegelijkertijd op een andere wijze de klant benaderen', verklaart Van Rijn, 'Die stemming hadden wij ook voorzien. We moeten dus naast de aandeelhouders ook de tussenpersonen veel gaan uitleggen.'