Het toegeschoven briefje en het vallen van de Muur

BONN, 8 nov. - De Mohrenstrasse in Oost-Berlijn is smal. Aan weerskanten breken hoge gebouwen de lichtval. Ze zorgen overdag vele uren voor een halfduister, dat 's avonds vaak in pikkedonker verandert. Aan een kant geldt een inrijverbod, aan de andere voert een bochtig nauw pad al heel lang langs een schutting die een immense bouwput afschermt. Wie van ver en voor het eerst komt heeft wel even nodig om dat straatje te vinden, zo is me vorig jaar opgevallen.

Ten tijde van het bestaan van de Duitse Demokratische Republiek was in deze Mohrenstrasse het Internationale perscentrum (IPZ) gevestigd, het eigensoortige journalistieke Mekka van de boeren- en arbeidersstaat. Veel Neues Deutschland, veel communiques, veel cijfers over de onverbiddellijke opmars van de DDR onder Erich Honecker, nuttige brochures over de economieen van Mongolie en Noord-Korea, veel SED-bediendes en doorgaans weinig nieuws dus.

Morgen is het een jaar geleden dat het in de Mohrenstrasse even heel anders was. Dat was zo rond de klok van zeven uur. De zestigjarige Gunter Schabowsky, lid en woordvoerder van het net gewijzigde politburo van de SED, was om zes uur aan een persconferentie begonnen die op zijn eind liep. Hij had er verderop in de stad een spannende vergadering van het politburo voormoeten verlaten. Ieder wist waar de SED-top onder leiding van Honecker-opvolger Egon Krenz over sprak: de vraag of, en onder welke voorwaarden, het DDR-burgers desgewenst kon worden toegestaan naar het buitenland (lees: naar West-Berlijn en de Bondsrepubliek) te reizen. Er hing iets in de lucht, een kilometer verder, aan de westelijke kant van de Muur stonden al weken televisieploegen uit de hele wereld klaar voor actie.

Gorbatsjov

Een maand eerder, bij de viering van het veertigjarig bestaan van de DDR, had verjaarsgast Gorbatsjov 's avonds vele duizenden betogers met de leus 'Wij zijn het volk' het begin horen inluiden van veranderingen in de DDR die tenslotte, een jaar later, op haar opheffing zouden uitlopen. De Hongaarse grens met Oostenrijk was twee maanden eerder opengegaan, tienduizenden DDR-vluchtelingen hadden van die mogelijkheid al gebruik gemaakt.

De jongere Oostduitse generatie leek inmiddels in drie hoofdgroepen verdeeld: vertrekkers, betogers en Stasi-personeel. Namens een wat oudere generatie hadden zaterdag 3 november op de bomvolle Alexanderplatz zulke uiteenlopende prominenten als de schrijfster Christa Wolf en Markus 'Mischa' Wolf, de vroegere Stasi-chef, de vertrekkers gevraagd om in het belang van een betere DDR te blijven en de betogers om zich niet door de Stasi te laten provoceren. Het eerste lukte niet, het tweede wel.

In oktober waren de Westduitse ambassades in Praag en Warschau overvolle stations voor Republikfluchtige geworden. Met treinladingen tegelijk had het DDR-regime uiteindelijk hun misdrijf, want dat was het volgens de Oostduitse wet, moeten helpen voltooien. De ook wankelende regering in Praag dreigde eind oktober de grens met de DDR te sluiten. De druk op het radeloze SED-regime in Oost-Berlijn was gigantisch geworden: als het de grenzen opende dreigde de DDR leeg te lopen, maar als het de grenzen dichthield ook.

Briefje

Het is 9 november 1989 een paar minuten voor zeven als Schabowsky in het IPZ in de Mohrenstrasse een briefje toegeschoven krijgt. Het komt van het politburo, dat nog vergadert. Of eigenlijk: op het briefje staat een mededeling namens de ministerraad, maar dat is in de DDR slechts formeel een andere afzender.

Zonder uitstel leest Schabowsky de boodschap voor. Zij komt erop neer dat DDR-burgers voortaan zonder voorwaarden toestemming kunnen aanvragen voor reizen naar het buitenland via alle grensposten. Toestemming zal direct worden verleend, ook bij visa-aanvragen voor permanent verblijf in het buitenland.

Na deze bominslag is het even stil in het IPZ. Dan wordt voor de zekerheid gevraagd wanneer deze fantastische nieuwigheid ingaat. Schabowsky aarzelt. Maar dan zegt hij: 'Als ik goed geinformeerd ben, voor zover ik weet: direct.'

Kort na zeven uur ratelt de tikker van het Oostduitse persbureau ADN dit wereldnieuws de wereld in. Twintig over zeven fluistert iemand West-Berlijns burgemeester Walter Momper (SPD), uitgerekend net op bezoek in het 'rechtse' Axel-Springerhuis, iets in het oor. Vijfhonderd kilometer oostwaarts verrast minister van voorlichting Hans 'Johnny' Klein (CSU) er om half acht kanselier Kohl mee, die net - gegeven de inhoud van dit nieuws - op een heel verkeerde plek officieel tafelt, namelijk in Warschau met de Poolse premier Mazowiecki. De laatste trein uit Warschau richting Berlijn is net weg, in Kohls gezelschap bevinden zich honderden ongelukkig-nerveuze journalisten die telefonisch aan de weet proberen te komen of hun redacties thuis nog ongelukkiger zijn. Wat het geval blijkt.

In Berlijn zelf volgen die avond enkele zeer verwarrende uren. Uren die de indruk wekken dat eigenlijk niemand in Oost-Berlijn, inclusief de leden van het SED-politburo, precies weet wat er besloten is of hoe Schabowsky's boodschap nu echt moet worden uitgelegd. En dus weet ook nog niemand waar de 28 jaar oude Muur de goede gaten zal vertonen. Weliswaar onderbreekt de Bondsdag in Bonn zijn vergadering om half negen voor het zingen van het Duitse volkslied, maar dan is nog geen enkele Oostberlijner de grens naar het andere stadsdeel gepasseerd.

Dat gebeurt pas even later voor het eerst bij de Chausseestrasse. Kort na negen uur meldt de Westberlijnse politie nieuw (vrij) grensverkeer aan de Bornholmer Strasse. Maar zij meldt om half tien ook dat bij Checkpoint Charlie aan de Heinrich-Heine-Strasse grote groepen Oostberlijners worden teruggestuurd. De Westberlijnse radio begint dan voor vele honderdduizenden luisteraars aan weerskanten van de Muur uit te zenden welke grensposten open en dicht zijn, gretige colonnes trekken volgens die aanwijzingen door de hoofdstad van de DDR.

Het zal nog tot kwart over elf duren voordat, ruim vijf uur na Schabowsky's boodschap, ook de doorgang bij Checkpoint Charlie open gaat. Pas tegen middernacht kunnen Oost- en Westberlijners elkaar werkelijk op grote schaal voor de daar wachtende camera's in de armen sluiten. De Muur valt daardoor in de VS praktisch in prime time, en dus bijna in elke Amerikaanse huiskamer, president Bush spreekt ook zo gezien met recht van een 'dramatische gebeurtenis'.

Begin deze week hebben enkele vroegere hoge officieren van de Stasi en de Volkspolizei aan Neues Deutschland verteld dat niet Egon Krenz of een andere SED-topman maar zij vorig jaar op 9 november 's avonds uiteindelijk maar het bevel hebben gegeven alle grensposten in Berlijn te openen. En niet omdat zij daartoe een opdracht hadden, maar omdat de mensenmassa's niet meer in toom te houden waren. Het verloop van die avond in Berlijn, een jaar geleden, maakt hun lezing heel aannemelijk. Ook op die historische avond van 9 november 1989is grote Duitse geschiedenis op straat gemaakt.

Citaten van 9 november 1989

'Nu ontstaan kansen om een einde te maken aan de deling van Europa en daarmee van ons vaderland.' (Helmut Kohl, CDU, kanselier); 'Voor mijn ogen danst de vrijheid.' (Een Amerikaanse NBC-verslaggever); 'Mijn vrees is dat de zwakte van de DDR-leiding een veel te vroeg geschreeuw om de Duitse eenwording zal uitlokken.' (De schrijver Gunter Grass); 'Vandaag begint een nieuwe tijd.' (Eberhard Diepgen, CDU, oud-burgemeester van West-Berlijn); 'De regering is gek en het volk heeft zijn verstand verloren.' (Barbel Bohley, mede-oprichtster van de Oostduitse dissidentenbeweging Neues Forum.)

    • J. M. Bik