Europese Hof: zwangere sollicitante weigeren mag niet

DEN HAAG, 8 nov. - Het is in strijd met het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen als een werkgever een reeds geschikt bevonden sollicitante een baan weigert omdat ze zwanger is.

Het Europese Hof van Justitie heeft dit vanmorgen bepaald. Op verzoek van de Nederlandse Hoge Raad deed het hof een zogeheten prejudiciele beslissing waarin uitleg wordt gegeven aan de betekenis van in dit geval een Europese richtlijn.

De uitspraak geldt in het geschil tussen de Nederlandse mevrouw E. J. P Dekker en een vormingscentrum voor jong volwassenen. In 1981 solliciteerde Dekker naar de baan van vormingswerkster. De sollicitatiecommissie droeg haar voor als meest geschikte kandidaat, al wist de commissie dat Dekker drie maanden zwanger was.

Het vormingscentrum weigerde de aanstelling. De instelling beriep zich op het feit dat haar verzekeraar geen ziektegeld zou uitkeren tijdens het zwangerschapsverlof. Financieel zou het vormingscentrum daardoor niet in staat zijn geweest een tijdelijke vervanger aan te trekken.

Het hof zegt nu dat 'een aanstellingsweigering wegens de financiele consequenties van afwezigheid in verband met zwangerschap moet worden geacht voornamelijk op het feit van de zwangerschap te zijn gebaseerd. Voor een dergelijke discriminatie kan geen rechtvaardiging worden ontleend aan het financiele nadeel dat door de werkgever wordt geleden'.