Eenheid kost Bonn nog eens 12 miljard

FRANKFURT, 8 nov. - De Duitse belastingbetaler mag er alvast op rekenen dat hij zal opdraaien voor een nagenoeg oninbare vordering van twaalf miljard D-mark die de bondsrepubliek op de Sovjet-Unie heeft.

Dat zegt vice-president Jan Baechle van de Commerzbank, na Deutsche Bank en Dresdner Bank, de derde bank van Duitsland.

Die vordering is het onbedoelde maar rechtstreekse gevolg van de garantieverklaring die kanselier Kohl aan president Gorbatsjov heeft gegeven voor de nakoming van leveringsverplichtingen van de toenmalige DDR. Ze staat los van de 23 miljard mark die Duitsland de Sovjet-Unie al heeft toegezegd inruil voor de Duitse eenheid.

Kohl beloofde dat de DDR-verplichtingen van voor 1 juli (de dag waarop de D-mark in de DDR werd ingevoerd) ook nadien in zogeheten transferroebels zouden worden verrekend. Dat wil zeggen dat de betalingen tegen een koers van 1 roebel op 2,34 D-mark zouden moeten worden verrekend. Naar nu duidelijk is blijken die, in omvang zelfs sterk gegroeide, Oostduitse leveranties inmiddels voor een Sovjet-schuld van 5 miljard transfer-roebels te hebben gezorgd, omgerekend circa 12 miljard mark.

Tot 1 juli bood de Sovjet-Unie compensatie voor DDR-leveringen met eigen tegenleveranties. In vergelijking met de voor 1 juli snel nog even met 500 procent gestegen DDR-leveringen wogen de tegenprestaties uit Moskou daartegen niet meer voldoende op. De omvang van de Sovjet-leveranties zakte bovendien dramatisch, doordat de meer verzelfstandigde regionale bedrijven in de Sovjet-republieken niet aan (extra) export naar Oost-Duitsland konden of wilden meewerken.

Pag. 13: Duitsland kan Gorbatsjovs hoge verwachtingen niet inlossen